Teunis van Oostenbrugge 1968-2021

Het blog stond de afgelopen weken in de pauze-stand. Het is een moeilijke tijd geweest, écht een leven tussen hoop en vrees. Helaas al snel met minder van het één en meer van het ander. Teunis wilde niet dat dit blog een ziektegeschiedenis zou worden en dus weid ik er hier niet verder over uit. Hij is afgelopen dinsdagochtend overleden in Hospice De Luwte in Soest. Ik heb geen woorden voor de liefdevolle wijze waarop hij daar in zijn laatste weken is verzorgd.

 

Ik ga proberen om onze plannen op La Palma voort te zetten. Het zal niet gemakkelijk zijn, maar ik wil afmaken waar hij zo ontzettend hard voor heeft gewerkt. Ik ga mijn maatje ontzettend missen. De zonsondergangen op La Palma zullen nooit meer hetzelfde zijn.

 

Leven tussen Hoop en Vrees

Ruud en ik maken een moeilijke tijd door. We maken gebeurtenissen mee  die te heftig voor ons zijn om te verwerken in hapklare blogpostjes. Als gevolg hiervan bleef het al sinds 4 mei stil op dit blog.

Twee weken geleden begon onze zomervakantie. We hadden de vakantie vervroegd, omdat ik me al weken lang erg moe voelde. We dachten dat ik door alle drukte en bouwstress een beetje overwerkt was geraakt.

Op onze eerste vakantiedag maakten we een korte wandeling van een uur of twee, waarbij we niet hoefden te klimmen. Even inkomen op deze manier, was het idee. Zou geen probleem moeten zijn.  Na afloop was ik thuis echter zo volledig total loss, dat we besloten dat het tijd werd om een huisarts te zien. Vanwege de taal, kozen we een Duitse huisarts in El Paso.

De huisarts stelde na een aantal onderzoeken vast dat er vlekjes op mijn lever te zien zijn die kunnen wijzen op een uitgezaaide tumor. Volledige zekerheid hierover kon de man ons niet geven, maar zijn bevindingen waren uiteraard ernstig genoeg om zo snel mogelijk naar Nederland terug te keren. Donderslag bij heldere hemel. We voelden de hemel op ons nek vallen. Sindsdien is het een grote chaos in ons hoofd.

Ruud en ik zijn in Nederland als ik dit schrijf. Vanaf deze week zal ik nadere diagnostische onderzoeken ondergaan. Over een paar weken weten we waarschijnlijk wat er met mij aan de hand is en welke toekomst er voor ons ligt.

Het is  niet mijn bedoeling dat dit blog vanaf nu het karakter van een ziektegeschiedenis gaat krijgen. We zetten het blog daarom voorlopig in de pauze-stand.

 

De voortgang van ons La Palma Project wankelt en het vervolg is uiterst onzeker. Als we echt slecht nieuws krijgen in de komende weken, zullen we het blog sluiten.  Maar we hopen op beter. We leven nu tussen hoop en vrees.

 

Mede namens Teunis hartelijk bedankt voor jullie reacties, hier en via andere wegen. Een hartelijke groet van ons beiden.

Vijf Landschappen Wandeling

Gisteren (maandag) en vandaag (dinsdag) zijn vrije dagen voor Ruud en mij. We vonden dat we een wel een paar dagen ‘vrij’ hadden verdiend, en nu de ‘april-deadlines’ voorbij zijn, kon het ook.

Voor op de maandag hadden we een lange wandeling op het centrum van het eiland gepland. Ruud had de wandelroute vanachter de laptop bedacht met behulp van de Map-Out-app. Iets ‘nieuws’ voor ons dus, met als begin- en eindpunt de parkeerplaats van het Centro de Visitantes van het natuurpark ‘La Caldeira de Taburiente’.

Het weer zat niet mee. Bijna de gehele route regende het net niet of net wel. Even niet leuk, maar toen ik ontdekte dat dit weertype wel heel mooi ‘fotolicht’ veroorzaakte, besloten we om toch maar door te stappen. We maakten een prachtige wandeling. In het echt nog veel mooier en afwisselender, dan Ruud vanachter de laptop had bedacht. De wandeling kreeg van ons een naam: we noemen haar de ‘Vijf Landschappen Wandeling’.

Landschap1: Llano de las Cuevas. Vanaf de parkeerplaats achter het bezoekerscentrum loop je in de richting van de bus- en taxihalte (waar ik nog nooit een bus of taxi heb zien stoppen). Je gaat rechtsaf en direct na de afscheiding van de parkeerplaats weer rechts af, een klein paadje in. Zo loop je de Llano de las Cuevas op. Het weggetje is aan weerszijden door stenen muurtjes omgeven en voert je door een prachtig landschap met vergezichten alle kanten op. Als je mazzel hebt (helder weer, noordoostenwind) zie je over de bergkam waar naartoe je onderweg bent,  de beroemde Wolk van La Palma voor je uit. Dat ziet er zo uit. Vandaag hadden we pech. Het regende zacht. Zonder dat het koud was overigens. Geen wolk. Wel prachtig fotolicht. En overal nog voorjaarsbloemen.

 

Landschap2: Varens en Laurierbomen. De route voerde ons naar de plaats waar de oude oost-west-tunnel (nog steeds in gebruik als je met de auto  van oost naar west gaat op het eiland) de bergkam doorsnijdt. Zonder dat je het door hebt, voert het pad je naar een plek vlakbij de westelijke tunneluitgang, waar je via een klein voetgangstunneltje met gebogen hoofd onder de weg doorloopt. Om je heen is het weelderig groen. Van het verkeer merk je niet veel. Voorbij het tunneltje loop je over een smal pad door een klein regenwoud met varens en laurierbomen.

 

Landschap3: Bospaden door een woud van Canarische dennen. Vanaf het beginpunt ben je voortdurend heel geleidelijk aan het klimmen. Daar merk je bijna niets van. Maar aan het eind van het regenwoudgedeelte moet je een paar venijnig steile passages overwinnen, voordat je uitkomt op de brede bospaden van het Canarische Dennenbos onder de kampeerplaats El Pilar.

Het bospad loopt grotendeels evenwijdig aan de asfaltweg die van de westuitgang van de tunnel naar El Pilar leidt. Je ziet die weg overigens pas, als je op de plek komt waar je het asfalt moet oversteken. Je loopt door het bos vlak langs de noordhelling van de Volcán Quemada. Nadat je de asfaltweg bent overgestoken maakt de route een scherpe knip naar het oosten en beklim je vrijwel loodrecht op de hoogtelijn de centrale bergkam van het eiland, de Cuembre Nueva. Dit is het zware deel van de wandeling. Als je niet gewend bent om te klimmen: wandelstokken mee. Het laatste stuk van de klim voert je over een veld waarlangs de oostwest-stroomleiding door het bos loopt. Je hebt hier prachtige uitzichten, als je even aan het uitrusten bent. Maar. Je klimt ruim een kilometer lang met een hellingspercentage van vijfentwintig procent. Dat is best een opgave. Voor mij. Alles is de inspanning meer dan waard.

 

Op de top van de Cuembre Nueva loopt een noord-zuid zandpad. Bij dit zandpad aangekomen, sla je rechtsaf richting zuiden. Het pad brengt je terug naar de eerder beschreven asfaltweg. Bij het asfalt sla je rechtsaf en loop je de picknickplaats El Pilar op. Dit is een prachtige plek voor een uitgebreide lunch, die je dan wel zelf moet meenemen. Geen foto’s, want El Pilar is momenteel gesloten vanwege Covid 19. Wij hebben onze broodjes kaas daarom met  gevaar voor eigen leven opgegeten,  omringd door  waarschuwingen, verbodsborden en rode linten.  Dergelijk roekeloos gedrag  kunnen we natuurlijk niet vastleggen met foto’s op het internet…  In Coronavrije tijden is El Pilar een prachtige plek om uit te rusten. En. Je hoeft vanaf nu niet meer te klimmen. De rest van de wandeling gaat bergafwaarts! Op doordeweekse dagen komt er overigens geen sterveling naar El Pilar. Op zaterdagen en zondagen ziet het er zonder linten zwart van de mensen. Palmero’s die er met de hele familie of vriendenkring komen barbecueën in de overdekte stenen keukens.

 

 

Voorbij El Pilar volg je een klein stukje van de asfaltweg naar het westen. Vervolgens sla je links af en volg je een breed bospad. Dit is een kritisch punt op je route, want er staat geen richtingsbord voor je klaar om de juiste richting aan te geven. Kijk dus even goed naar het kaartje aan het einde van dit bericht. Na ongeveer een kilometer moet je rechtsaf om het bos te verlaten. Je komt uit op de Llano del Jable.

Landschap4: de Llano del Jable.  Vanuit het bos loop je aan tegen het grootste uitzichtpunt dat over de zwarte vlakte van de Llano del Jable uitkijkt. Als je hier voor het eerst bent: echt even de tijd nemen om te kijken. Daarna voert het pad onder de mirador door en loop je de zwarte vulkanische vlakte op. Tijdens onze wandeling brak op dit punt net even de zon door. De fotograaf in mij deed een vreugdedansje. Het licht om ons heen werd zo ongelooflijk mooi en fotogeniek! Nu nog een camera die dat ook echt kan vastleggen. Al deze foto’s maakte ik helaas met mijn mobiele telefoon. Maar het was prachtig. Ruud en ik genoten volop!

 

Landschap5: de lavastroom van de Volcán Quemada. Het pad voert je over de gehele vlakte vanaf de mirador naar de ‘pas’ tussen de hellingen van de Volcán Quemada en de Montagne d’Enrique. Je loopt voortdurend in noordelijke richting. Aangekomen op de pas, een kruispunt van paden, houd je rechts aan. Je volgt de borden in de richting van El Paso. Direct voorbij dit kruispunt loop je het vijfde en laatste landschap van de wandeling binnen. Je loopt door de steenwoestijn die is overgebleven na de uitbarsting van de Volcán Quemada. Een kleine ramp die het Eiland trof rond 1480 en een groot deel van de vruchtbare vallei in het centrum van het eiland bedolf onder een dikke laag lava, nu eeuwen later nog steeds  hopeloze badlands.

Maar wel bijzonder om doorheen te lopen 🙂 .

 

De puinhelling van de lavastroom gaat verder in het lager gelegen dennenbos. Hier zijn ommuurde paden aangelegd die je de route naar het Centro de Visitantes wijzen. Verdwalen lukt niet. De wandeling eindigt op een kleine asfaltweg. In de verte kan je het bezoekerscentrum dan al onder je zien liggen. Helemaal op het eind moet je nog om een paar huizen heen lopen over een pad dat wederom door een stukje puinhelling van de Quemada voert. Dan sta je aan de rand van de grote weg, de LP3, tegenover het bezoekerscentrum. Einde wandeling.

 

De wandeling is 16 kilometer lang en overbrugt een hoogteverschil van ruim zes honderd meter. Precies halverwege ligt de picknickplek El Pilar. Daar eindigt ook de klim. Ruud en ik deden, inclusief uitgebreide rustpauze, iets meer dan vijf uur over de wandeling. Op een paar venijnige stukjes na is de klim goed te doen voor iemand die regelmatig wandelt. Voor op die venijnige stukjes kan je overwegen om wandelstokken mee te nemen.

Onze naamgeving zegt het al: wij vonden de wandelroute uitermate afwisselend. Zeker als op een mooie zonnige dag De Wolk op de Llano de las Cuevas te zien is, is de wandeling alle inspanning volgens ons meer dan waard. Op El Pilar kan je je geslonken watervoorraad  aanvullen met drinkbaar water.

Download file: Vijf landschappen wandeling.gpx

Even bijpraten dan maar…

‘April voorbij, boekhoudertjes blij’,  zegt het aloude Nederlandse spreekwoord. En zo is het. Alle deadlines voor het opstellen van jaarrekeningen en het indienen van belastingaangiftes werden weer gehaald. Maar er was niet veel tijd voor iets anders in de afgelopen weken. En als die tijd er even wel was, was er de fut niet. Maar nu is het 2 mei. April is voorbij. De boekhouder is blij. Tijd om even bij te praten. Tijd voor een nieuwe blogpost.

Los van de jaarlijkse werkpiek, kabbelden de dagen eigenlijk een beetje voorbij. We plukten en verkochten sinaasappels en avocado’s, dronken ook heel veel (overheerlijke, zoete) sinaasappelsap en aten veel gerechten met guacomole. De avocado’s zijn voor dit jaar geplukt en de sinaasappeloogst loopt op de laatste benen.

 

De bloesems zijn verdwenen uit de citrusbomen. De nieuwe vruchten voor volgend jaar volop in de maak.

 

Maar met fruitbomen zijn er altijd fruitbomenzorgen, weten we inmiddels. ‘Opeens’ ontstaan er bij een flink  aantal van de sinaasappelbomen kale takken in de richting waar de (koude) noordenwind vandaan komt. Wat is dit nu weer en wat moeten we er aan doen? Zo is het altijd wat. Gelukkig is Marc weer op het eiland. Marc is een goede kennis uit Zwitserland die een paar honderd meter boven ons aan de Camino de Pinto een sinaasappelboomgaard bezit. Die boomgaard heeft hij al meer dan twintig jaar. Hij is dus ‘sinaasappelexpert’. We hopen dat hij kan duiden welk type plaagbeestje er nu weer achter de kaal wordende takken zit en hoe het beestje bestreden moet worden. Er zijn overigens helemaal geen beestjes te zien op de bomen…

 

Boer-en-tuinder-zorgen zijn er ook een beetje over de avocado-bomen. Hieronder zie je een plaatje van een ‘goede’ boom, uit de jonge aanplant. Maakt bloemen aan. Maakt nieuwe bladeren aan. Dat moet ongeveer in april gebeuren. In april stijgen normaal gesproken de temperaturen hier weer en avocadobomen houden van warmte.

 

Maar veel van onze nieuwe-aanplant-bomen die het tot voor kort heel erg goed deden, maken momenteel uitsluitend bloemen aan en geen blad. We hadden een ‘koud’ voorjaar hier, met relatief veel regen. Is het  voor sommige bomen te koud geweest? Is het te nat geweest? En waarom dan voor andere bomen niet? Is er iets anders aan de hand? We weten het niet. Alles blijft gissen. We wachten maar even af, wat er de komende weken gebeurt.

 

Vanuit de bloemen horen bladeren te worden aangemaakt. Bij de probleembomen gebeurt dit echter niet.

 

Op een grote helling, in het midden van onze boomgaard, ben ik vorig jaar een ‘proeftuintje’ begonnen, zeg maar mijn eigen fieldlab, alleen dan wat goedkoper. Ik wilde uitproberen of het zou kunnen lukken om met kleine stekjes uit de bermen hier iets van een natuurlijke, onderhoudsarme beplantingszone te maken. Vorig jaar oktober, aan het einde van de zomer, zag de proeftuin er zó uit:

 

Eind vorig jaar was de conclusie dat het op deze manier haalbaar zou zijn om veel van de droge kale hellingen en taluds in onze boomgaard, met deze werkwijze op een mooie, maar goedkope manier een wat groenere aanblik te geven. Hoewel je het op de foto’s hierboven nog niet echt kunt zien, denk ik, zag ik dat de ienieminiestekjes aansloegen in de grond en na een eerste moeizame periode flink begonnen te groeien.

Ik had echter buiten de winter gerekend. Ik schreef het al: het was hier nat en koud, dit voorjaar. Voor La Palma-begrippen dan. Overal spoot het kruid omhoog met als resultaat dat we ongeveer twee maanden lang konden genieten van een bloemenpracht op onze kale hellingen, zoals we nog nooit hadden gezien. Echt heel mooi. Maar met een desastreus effect op de proeftuin. Er was geen plantje meer te zien, alleen nog maar onkruid.

De foto hieronder geeft je een indruk hoe alles er uit zag, nadat de omgeving van het tuintje door Ruud was gemaaid. Alle proefplanten overwoekerd en vast en zeker verstikt, dacht ik.

 

Maar dat viel mee. Op een zaterdag in april ben ik met mijn blote handen het onkruid gaan verwijderen. De beplanting kwam beetje bij beetje weer te voorschijn. Gezond en wel en flink gegroeid. Alleen de grondbedekkers hebben geen weerstand kunnen bieden aan het onkruidgeweld en werden weggedrukt.

 

De beplanting gaat het wel redden, weet ik nu. Met name de agaves gaan ooit heel groot worden en een een soort van ‘muur’ vormen met elkaar, zoals de bedoeling was. Ik zoek nog naar een idee om totdat het zover is,  toch iets van een begroeiing tussen de planten door te krijgen. Ik ga het deze zomer nog een keer proberen met inheemse grondbedekkers, denk ik.

Twee weken geleden begonnen we eindelijk het het Grand Project van het aanleggen van een volwaardige  aansluiting van ons terrein op het electriciteitsnetwerk. Hieronder zie je een overzichtkaartje. De rode lijn (van rechts naar links) geeft aan wat er moet worden aangelegd om onze huizen te kunnen voorzien van stroom en van supersnel internet. De blauwe lijn geeft de grens aan tussen ons terrein en dat van onze bovenbuurvrouw. Zoals je kunt zien moet het overgrote deel van de  werkzaamheden op haar terrein plaats vinden. We kwamen tot een afspraak. Zij formaliseerde haar toestemming door de verklaring te ondertekenen die het elektriciteitsbedrijf in een situatie als deze verlangt.

 

Ik ben niet zo van de techniek, dus je krijgt van mijn geen beschrijving van alle ins-en-outs van de uitgevoerde werkzaamheden. Maar alles zag er ongeveer zó uit. We vroegen dus nogal wat van onze buurvrouw. Gelukkig was ze niet zelf op het eiland, zodat ze de tijdelijke ontwrichting van haar terrein niet met eigen ogen heeft hoeven te zien.

 

We compenseren haar voor de overlast die we bezorgen. De instorting van haar muur die onze kavels van elkaar scheidt, wordt op onze kosten gerepareerd. Daarnaast wordt er op haar terrein op onze kosten een betonnen weggetje aangelegd, zodat één van haar vakantiehuisjes beter bereikbaar wordt. De werkzaamheden worden door onze aannemer uitgevoerd.

Als ik dit schrijf zijn de werkzaamheden nog niet helemaal afgrond. Alles gaat op z’n Palmees. Een planning, is een planning, is een planning. Maar die voer je stapje voor stapje uit. En pas als je stapje1 hebt gehad, bekijk je welke problemen je tegenkomt bij de uitvoering van stap2.  Uiteindelijk zullen we er wel gaan komen.

Halverwege de werkzaamheden hadden we toch weer een akkefietje met bovenbuurvrouw. Zij legde na een telefoontje aan Ruud met veel misbaar en geschreeuw het werk op haar terrein stil, op een moment dat er onomkeerbaar al heel veel van onze investering in haar grond was gestoken en stelde aanvullende compensatie-eisen die ons veel geld zouden gaan kosten. Stress. Conflict. We voelden ons onheus bejegend en tegelijkertijd ook vakkundig klem gezet. Gelukkig wist iemand uit haar omgeving te bemiddelen en lijkt het erop dat we alsnog een afspraak hebben. Het werk kan in elk geval weer door. Rechtstreekse communicatie met buurvrouw is echter niet meer mogelijk. Het leven op La Palma gaat soms niet over rozen. We hebben het ermee te doen. Inmiddels loopt het werk weer. Onze buurvrouw heet weer ‘boze bovenbuurvrouw’, en we gaan haar maar zoveel mogelijk proberen te negeren. Jammer dat alles zo is gelopen na het overlijden van haar vader. Hij was een prettige man in de omgang.

Met de graafwerkzaamheden voor de stroomaansluiting was er eindelijk ook  een pala, een graafmachine, aanwezig om achter ons Grote Huis de grond aan te vullen. Een half jaar na oplevering is het grondwerk rondom ons huis nu helemaal af.

 

Ook de tuin tussen het huis en de Camino de Pinto begint vorm te krijgen. Geplante struiken en stekjes hadden grote moeite om te aarden in onze ‘lava-klei’. Het duurt soms meerdere  maanden voordat een geplante struik of plant aanslaat. Ik denk dat de grond eenvoudigweg te hard en te zuurstofarm is voor kleine beginnende worteltjes. Maar er is bijna niks over de kop gegaan. Alles groeit en bloeit nu. Over een jaar of twee, drie zijn de struiken zo groot gegroeid dat we ‘vrij’ van de weg zitten, denk ik. Tussen ons terras en de Camino in groeit dan een muur van bloemrijke struiken.

 

In het begin van april hadden we een week lang flink veel regen. Ik schreef het al: het is een koud, nat voorjaar op het eiland. Na de regens verschenen de bichos.

 

Niet 1, niet 2, maar misschien wel 10.000. De dag was voor ons, maar de nacht was voor de Bichos. Na elke schoonmaakactie kwamen ze weer met legioenen tegelijk vanuit het gras ons terras en daarna onze muur bezetten. De buitenmuren zaten er helemaal vol mee. Ik heb er geen foto’s van gemaakt, kon het niet aanzien. Inmiddels is de plaag met een ‘middeltje van de Colmegran, dat Ruud mocht kopen omdat er verder geen klant in de winkel aanwezig was,  weer onder controle. Voor het gebruik van dit soort middeltjes moet je op La Palma eigenlijk eerst een cursus volgen en dan een vergunning krijgen, voordat je het in de winkel mag kopen en mag gebruiken bij je eigen huis.

We hadden dus veel proteïnen rond lopen op de stoep van ons huis. Ik heb het er het Klingon-Zomer-Receptenboek op na geslagen en we hebben er heerlijk van gegeten. Gaghschotel met Guacomoledip.

 

Onze Fenna werd twaalf in april. Dat is een hele leeftijd voor een hond. Hoewel alles al een tijdje wat trager gaat bij het hondje, maakt ze op ons nog een fitte,  gezonde en levenslustige indruk. Met het klimmen van de jaren, zien we haar meer en meer karakter krijgen. Eigenzinnig. Op een hele introverte manier nieuwsgierig. Altijd zoeken naar gemak en comfort. Als het op het moment van  brokjes-krijgen aankomt, kan Fenna klok kijken. Wat ons betreft doet Fenna op deze manier nog een flink aantal jaren met ons mee.

 

De maand april stond voor ons ook weer eens in het teken van wachten. We wachtten, en wachten nog steeds, op de zak met geld die ‘hypotheek’ heet. Ik ga de hele geschiedenis hier niet herhalen, maar trouwe lezers weten dat Ruud en ik bezig zijn met een vermelding in het Guiness Book of Records te krijgen als het gaat om de langst lopende hypotheekaanvraag aller tijden.

 

‘Dos semanitas’ vertelde de taxateur ons, toen hij voor de tweede keer de waarde van ons plot kwam opnemen. Twee weekjes had hij nodig om zijn rapport aan de Caixabank te kunnen overleggen. Inmiddels gaan we  Semanita Cinco in. Wachten duurt altijd lang. Op La Palma is wachten op instanties en autoriteiten echter tot een levenskunst verheven. Een levenskunst die Ruud en (vooral) ik niet altijd even goed beheersen. We zullen echter wel moeten. In de maand mei moet alles rond komen, anders is het geld op en zetten we ons project na het afbouwen van het Eerste Kleine Huis stop. In dat scenario sparen we het Tweede Kleine Huis zelf bij elkaar. Dat lukt uiteindelijk wel, maar zou toch een flinke financiële strop voor ons zijn. We lopen dan immers flink wat verhuurinkomsten mis in de komende twee jaar.

We maken er ons nog steeds niet al teveel zorgen over. Cijfers liegen meestal niet, dus die aanvraag komt uiteindelijk wel goed. Maar als iemand ons drie jaar geleden in Nederland zou hebben verklaard dat rond de hypotheekaanvraag dit scenario zich zou gaan ontrollen, weet ik zeker dat we ander plan hadden gemaakt voor onze toekomst. Met dank aan de makelaars met wiens hulp wij destijds de aankoop van ons terrein regelden. Hún onzorgvuldigheid, gecombineerd met óns vertrouwen in hun deskundigheid, liggen ten grondslag aan de problemen met de hypotheek.

Slowmotion Island, noem ik La Palma vaak in mijn gedachten, op de meer sombere momenten. Je moet ermee leven, maar dat valt niet altijd mee. Ik moet dan ook altijd aan een tv-serie uit mijn vroegste jeugd denken. Tita-tovernaar. ‘Dan doe ik DIT.. en alles staat STIL…’ Tica en haar vader waren hier vaak rond. Ik moet maar eens op zoek naar het Luchtkasteel.

 

Tegelijkertijd bedenk ik me dan maar dat Ruud en ik destijds onder andere voor een toekomst op La Palma kozen vanwege de rust en de kalmte die  voor ons gevoel  als een weldadige deken over het dagelijkse leven op het eiland hangt. Die rust en die kalmte kennen natuurlijk ook een keerzijde. Een ietwat verstikkende keerzijde, waarin de tijd langzaam pruttelt in de kookpot van Grobelia en alle haast en initiatief wordt gesmoord in een papje van papier en procedures.  Dat moeten we dan maar accepteren. Niemand lijkt zich echt druk te maken hier 🙂 . Geen 24u-economie hier.  Geen 24/7 bereikbaarheid en actie. Fijn en niet fijn. Tegelijkertijd.

 

Wat vind je trouwens van het uitzicht vanuit mijn kantoortje, aan het einde van een werkdag?

Even Een Straatje Om

Als we een wandeling willen maken met de honden, komen Ruud en ik meestal op een wandeling door het bos boven Puntagorda uit. We noemen deze wandeling de Kleine Briestas Wandeling.

Op de tweede paasdag, hier in Spanje een normale werkdag, maar deze keer hielden we voor de verandering de Nederlandse Feestdagenkalender maar eens aan, togen we met de hele roedel weer naar boven. Het was een een wat frisse dag. Op de hoogte van ons wandeltraject (plm 1.300m boven zeeniveau) kwam de temperatuur niet boven de tien graden uit.

We liepen door een prachtig mooi, lentegroen, voorjaarslanschap. De honden hadden plezier voor zes.

 

Onderweg kwamen we dit bankje tegen, stond hier nog niet eerder. Mooi voorbeeld voor op onze finca. Ruud denkt dat hij een bankje als dit zelf kan maken. Zo kunnen we op ons terrein een paar zitplekjes voor ons zelf of voor onze gasten ‘creeëren’.

 

We kennen de wandelroute inmiddels door en door. Maar het is altijd weer mooi hier.

 

Aan het eind van de route lopen we door de druivenvelden van de Vega Norte.

 

Heenweg over bospaden. Terugweg over het asfaltweggetje dat zich tussen de wijngaarden door over de hellingen slingert.

 

Aan het einde van de dag buiten eten met uitzicht op oceaan. Zonsondergang bij de koffie.

 

Prima paasdag, op deze manier!

Meer informatie over de Kleine Briestaswandeling kan je  hier en hier vinden.

Bloemenfinca

Het is alweer drie weken geleden dat ik terugkeerde van mijn bezoek aan Nederland. Op de dag na terugkomst maakte ik onderstaande foto’s. Ruud had tijdens mijn afwezigheid het gras in de boomgaard gemaaid. Dat zag er ongeveer zó uit:

 

Omdat alles nu eenmaal went, lukt het ons niet meer zo goed om het landschap van ons eilandje in het algemeen, en onze boomgaard in het bijzonder, met ‘vreemde ogen’ te bekijken. Als je elke dag sinaasappels aan bomen ziet hangen, hoort dat zo, en is het alsof je appels aan een appelboom ziet hangen. Niks bijzonders dus. Maar ‘vers terug’ uit Nederland, lukte het me weer om onze boomgaard met ‘Nederlandse zintuigen’ in me op te nemen. Ik vond het prachtig!

De fruitbomen staan in bloei. Sinaasappelbloesem. Avocadobloemen. Mangobloesem.

 

In de eerste dagen na mijn terugkomst werd ik soms een beetje overweldigd door de heerlijke geuren buiten: kruiden, bloesems en de geur van pas gemaaid drogend gras.

Ruud heeft de hellingen op de finca nog niet gemaaid. Overal waar je kijkt zie je de meest prachtige veldboeketten staan.

 

Het grote avocadobomenterras (in ontwikkeling) is een grasveld geworden, omzoomd met bloemenborders. Zo kan je het niet bedenken als je een tuinontwerp maakt. Allemaal het gevolg van de regen dit voorjaar. Wij hadden  het zo nog niet eerder gezien, maar deze bloemenpracht schijnt ‘normaal’ te zijn voor La Palma; we hebben na drie droge jaren eindelijk weer eens een ‘normale’ winter gehad, met een ‘normale’  hoeveelheid regen. Zegt men.

 

De noordelijke helft van onze finca, de helft waar de beide kleine huisjes staan of komen te staan, ligt wat meer beschut tegen de harde wind en de felle zon. Het effect van de dennenbomen die ons terrein omzomen. De bloemendiversiteit is daar nog veel groter.

 

Het is een feest om, tussen het vele kantoorwerk door, steeds even een klein rondje te maken en je ogen de kost te geven.

 

Op de achtergrond zijn altijd het Cruz de Matos en de meestal blauwe oceaan aanwezig.

 

Na een week vol grijze luchten in het vaderland (ik had pech met het weer), was de thuiskomst een verademing. Niet alles is ‘hoera’ en ‘fantastisch’ op La Palma, weten we inmiddels, na een verblijf van ruim twee jaar op het eiland en een bouwtraject dat sinds de aankoop van ons grondstuk nu al het vierde jaar is ingegaan. Maar alle kleuren en geuren in het dagelijkse leven compenseren ruimschoots voor alle stress en zorgen, die we soms hebben.

Laatste Loodjes voor het Eerste Kleine Huis

De bouw van het Eerste Kleine Huis is in de fase van de Laatste Loodjes aanbeland. En zo als het gaat met laatste loodjes, ze wegen altijd zwaar. De afronding van alles verloopt in een tergend traag tempo. Semana Santa (dat is de week voorafgaand aan Pasen, waarin vrijwel heel Spanje vrij heeft, een beetje vergelijkbaar met de week tussen kerst en oud-en-nieuw in Nederland); De meniscus-blessure van Jorge;  Een overlijdensgeval in de familie van Óscar;  En natuurlijk het trage tempo waarin onze hypotheek tot stand komt;  het werkt allemaal niet mee aan een snelle afronding. Terwijl Ruud en ik er zó aan toe zijn om het huisje ‘af’ te hebben…  Maar goed, uiteindelijk komt alles toch wel goed, op La Palma. Dus het huisje zal ook wel afkomen.

Vandaag komt de taxateur om de waarde van ons grondstuk en ons project te bepalen. We hopen dat hij een beetje tempo kan maken met het opstellen van zijn rapport. Als het goed is, geeft dat rapport het laatste groene licht dat nodig is voor onze hypotheek.

Het Eerste Kleine Huis staat er nu zó bij: Aan de buitenkant is alles klaar, behalve de laatste verflaag op de muren en het terras aan de oceaanzijde van het huis. Ook moet er nog een halve veranda aan de oceaanzijde van het huisje worden gemaakt door de timmermannen. In een vervolgfase komt er dan nog het zwembad, ook aan de oceaanzijde van het huis. En natuurlijk moeten we de tuin rondom het huis nog gaan inrichten.

 

Ook binnen is alles vrijwel afgerond. De binnenzijde van het dak moet nog met een laatste brandwerende laklaag worden afgewerkt. Die laag geeft het dak ook een nog net iets donkerder kleur en zorgt ervoor dat het hout een beetje gaat glimmen. De muren zijn afgewerkt. De stenen vloer en stenen plinten zijn afgewerkt. De binnenhuis-aansluitingen voor de elektra en het water zijn afgerond. Normaal gesproken zou Ruud nu bezig zijn met het inbouwen van de keuken. Maar. We wachten op het los komen van de hypotheek. In de douche moet nog een glazen spatscherm worden aangebracht. Na dit alles kunnen we gaan schoonmaken en kunnen de meubels vanuit de container en vanuit diverse winkels worden ingevlogen.

 

Tijdens de voorbije regenperiode gebeurde er achter ons betonnen schuurtje dít. De terrasmuur van onze bovenbuurvrouw, tevens de erfgrens tussen ons terrrein en haar terrein, stortte gedeeltelijk in. De instorting gaf gelukkig geen grote schade, hoewel dat wel had kunnen zijn, want onze irrigatiewaterleiding (waarop een enorm hoge waterdruk staat) werd bedolven onder een aantal grote rotsblokken. Buurvrouw in paniek. Want dit moet zij repareren. Maar zo’n reparatie is nog niet zo gemakkelijk en kost een hoop geld.

 

De ineenstorting van het muurtje was voor ons een beetje een geluk bij een ongeluk. Door het voorval kwamen we in gesprek met Marcos, de zoon van boze bovenbuurvrouw. Hij beheert het terrein en de vakantiewoningen op het terrein tijdens haar aanwezigheid. Marcos is de redelijkheid zelve en wist met zijn moeder in gesprek te komen over de door ons gewenste aansluiting van ons terrein op het elektriciteitsnet. In de veruit goedkoopste variant loopt zo’n aansluiting dwars over het terrein van de bovenburen.

 

Inmiddels liggen de kabels klaar. Dankzij Marcos hebben we alsnog een afspraak kunnen maken met zijn moeder, ruim anderhalf jaar na ons eerste verzoek dat toen nog vol boosheid en fanatisme werd afgewezen.

In het verlengde van ons betonweggetje, dat midden over onze boomgaard loopt…

 

…leidt op het terrein van bovenbuurvrouw dit door kruid overwoekende weggetje rechtstreeks naar de dichtstbijzijnde stroomkabel en telefoonpaal. Over dit weggetje mag Óscar nu alsnog de kabels ingraven, zodat we de kortste weg kunnen gebruiken om onze vakantiehuizen op stroom en op supersnel internet te kunnen aansluiten.

 

Als compensatie voor het feit dat bovenbuurvrouw haar huurhuisjes twee weken dicht moet doen, repareert Óscar op onze kosten de ingestorte muur en legt hij, eveneens op onze kosten, een betonnen rijspoor aan tussen één van buurvrouw’s vakantiehuizen en de openbare weg. Een allerzins redelijke ruil, vinden Ruud en ik. Zeker als je bedenkt dat bovenbuurvrouw in het afgelopen jaar toch best veel overlast heeft ervaren van onze bouwactiviteiten. Inmiddels begrijpen wij ook iets meer van het fanatisme waarmee ons oorspronkelijke voorstel werd afgewezen. Óscar en bovenbuurvrouw groeiden ooit op in het zelfde dorp en er ligt iets van ‘oud zeer’ tussen beiden. Bovenbuurvrouw wil absoluut niet rechtstreeks met Óscar spreken. Óscar gebruikt nogal eens het bijvoegelijk naamwoord ‘mala’ als we over bovenbuurvrouw spreken. Ruud en ik gaan daar verder maar niet in graven… Hoewel we natuurlijk wel nieuwsgierig zijn 🙂 .

Inmiddels heeft bovenbuurvrouw haar handtekening gezet onder de toestemmingsverklaring die het energiebedrijf eist vóór aanvang van de werkzaamheden. Óscar gaat volgende week beginnen met de graafwerkzaamheden. Onze electriciteitskast komt hier te staan. Voor die tijd moet de oude irrigatie-installatie  (het deel vanaf de hoofdkraan) nog ontmanteld worden. Dat wordt misschien nog een dingetje.

 

Inmiddels gaan de praktische gedachten van Ruud en mij geleidelijk aan uit naar de bouw van het Tweede Kleine Huis. De precieze locatie van dat huis moeten we nog bepalen, maar het zal op dit grasveldje gaan gebeuren. Het grasveldje ligt vlak bij de ‘gasten-ingang’ van onze boomgaard, aan de Camino de la Capilla (het Paz-y-Libertad-weggetje).

 

Vanuit het huisje belemmeren de dennenbomen het zicht op zonsondergangen. Daarom hebben we voor dit huisje een zonsondergangsterras op het hoogst gelegen niveau van onze finca in de planning staan. Langs de noordgrens van ons kavel loopt een pad naar dit terras toe. Dit pad moeten we nog gaan verharden met beton

 

Ongeveer op déze manier.

 

Langs dit toekomstige pad moet een aanplant gaan ontstaan van inheemse planten en struiken. Afgelopen donderdag zetten we hiervoor de eerste stap. We plantten drie palmboomstekjes. Twee stekjes kregen we gift van Jorge, één stekje kregen we van Ankie. Als de stekjes aan slaan, wordt het hier straks heel mooi.

 

 

Dat zonsondergangsterras moet,  als het zo ver is, op dit grasveldje een plek krijgen.

 

Tot slot nog maar weer eens een zonsondergang, vanaf ons eigen terras. Deze is van gisteravond. Na een koude periode is het nu weer wat warmer, gelukkig. Buiten eten. En daarna dit bekijken.

 

Het blijft één van onze favoriete bezigheden.

Eindelijk Weer Een Keer Heen en Weer

Het is alweer even geleden, sinds ik de vorige blogpost schreef. Oorzaak: een reis naar Nederland. Veel werk voor het administratiekantoor in maart. Een aanval van (tijdelijke) oververmoeidheid. En een hele leuke serie op tv waar de avonden aan op gaan.

Laten we maar met de wereldreis beginnen. Tussen 13 maart en 20 maart was ik in Nederland. Het was hoog tijd om mijn moeder op te zoeken die begin maart 80 was geworden. Ik ging alleen op pad. Met twee op reis is momenteel te duur, vanwege de kosten van het omvliegen (nodig omdat de rechtstreekse vluchten tussen La Palma en Nederland zijn opgeschort) en de kosten van de benodigde coronatesten om in en uit Nederland, cq Spanje te komen. Bovendien speelde er op onze finca van alles rond De Langverwachte Aansluiting op Het Electriciteitsnet, zodat minstens één van ons op La Palma moest blijven om alles in goede banen te leiden en voor elkaar te krijgen. Dat is overigens gelukt, maar meer daarover in het volgende blog.

De wereldreis in vogelvlucht: Heenweg. Met Iberia van La Palma naar Madrid. Met Iberia van Madrid naar Düsseldorf. Van daaruit met de Taxi naar ons woonadres in Nederland. Reistijd van deur naar deur: veertien uur. Pfff. Terugweg. Met de taxi naar Schiphol. Met Transavia naar Gran Canaria. Vier uur wachten op Gran Canaria. Met een propellorvliegtuigje van BinterCanarias van Gran Canaria naar La Palma. Reistijd van deur tot deur: zestien uur en een kwartier. Pfff. Pfff. Ook bij ons gaat de Covid niet in de koude kleren zitten. Het wordt tijd om met z’n allen een claim in te dienen in Peking. Waar blijft die Stichting CoronaClaim? Zouden ze daar voor open staan in het land van Alibaba, denk je? Zullen we anders gewoon met z’n allen Alibaba gaan boycotten?

 

Op zondagavond was dít mijn zonsondergangmomentje, vanuit het raam van mijn slaapkamer in Renswoude.

 

Ruud stuurde deze foto’s van zíín zondagavond-zonsondergang-momentje. Grrrr. Heimwee. Al na één dag in het vaderland.

 

Maar het was goed om eindelijk weer even terug te kunnen zijn. Nog een beetje verjaardag vieren met mijn moeder, natuurlijk. Bijpraten. Wat klusjes doen. Toch ook wel weer veel werk te doen, helaas. (Tegelijkertijd is het natuurlijk zo dat zonder dat werk het leven toch een stuk lastiger zou zijn). En het was erg wennen om opeens rond te lopen in een lockdownland. Maar ook: zes keer achter elkaar ‘Bartje’ eten met mijn moeder en met de ouders van Ruud. Thuis wordt ‘Bartje’ (=aardappelen, groente en vlees, zoals het hoort) grotendeels gedwarsboomd door de voorkeuren van  Ruud. Nu werd ik getrakteerd op zes keer een feestmaaltijd. Zés opeenvolgende dagen!  Mét jus erover  🙂 .

 

De essentiële voorraden die nodig zijn voor een rimpelloos bestaan op ons zomereiland konden weer worden aangevuld. Eindelijk. Net op tijd! De paradontax (die je hier uitsluitend in hele kleine, dure tubetjes bij de apotheek kunt krijgen) was bijna op. De smaak van drop en nasi-met-satésaus al bijna vergeten.

 

En dan viel er in het vaderland ook nog te te kiezen wie er vanaf ongeveer einde zomer  voor een tijdje in Het Torentje mag gaan werken. Door toeval viel mijn verblijf samen met de stemmingsdag(en). Ruud kon mij geen volmacht meegeven, want daarvoor had ik zijn paspoort moeten meenemen. Dat vonden we te link. (Zo’n terugvlucht kan altijd weer gecanceld worden, tegenwoordig). Maar míjn stem werd geteld…

Voor mijn partij, de voormalige brede volkspartij voor arbeiders, moest ik flink naar rechts op het enorme verkiezingsvel. Dat is wel eens anders geweest, en dat is nog niet zo heel lang geleden. Een treurige uitslag werd het voor de partij van mijn keuze. Definitief geen brede volkspartij meer, vrees ik. Moet je jezelf ook maar niet ‘voor de Arbeid’ noemen en uitsluitend academici op je kieslijst zetten. Eigen schuld, dikke bult. (Maar ik moet er nog steeds op stemmen van me zelf, omdat ik denk dat dat goed is voor het land waar naar toe ik nog steeds heen-en-weer wil gaan.)

 

Ruud bleef intussen maar plaatjes sturen. Terwijl ik in Nederland was, maaide hij alle zeven terrassen van de finca weer eens. Daar krijg je deze plaatjes van.

 

Ik ben nu alweer ruim tien dagen terug op het zomereiland. Maar nu pas tijd voor een blog. Ik was moe! Van lange werkdagen sinds het begin van dit jaar. Van de wereldreis, heen en weer. Van de corona. Van het lange wachten op personen en instanties hier op ons SlowmotionEiland. Van het duwen, trekken en sleuren aan ons bouwproject dat steeds weer op mitsen en maaren stuit, mitsen en maaren die overigens tot op heden altijd wel weer goed komen, maar nooit vanzelf goedkomen.

Afgelopen weekend heb ik alleen maar geslapen en helemaal niets gedaan. Dat heeft geholpen. Inmiddels is het batterijtje weer wat opgeladen. Ruud en ik organiseren de komende tijd nog wat langere oplaadmomenten, om ongelukken te voorkomen. In juni nemen we drie weken vakantie.

 

En dan is er nog een tv-serie die ons van de straat houdt. Als je elke avond twee afleveringen bekijkt, blijft er weinig tijd over voor iets anders. The Expanse. Sf, spanning en onnavolgbare plotwendingen met elke tien minuten een crisis. Vrolijk word je er niet van. Maar toch. Gaat het zien!

 

Morgen of overmorgen weer verder. Dan zal ik een korte update geven over hoe dat bouwproject van ons er nu eigenlijk voorstaat.

Rijp Fruit, Bloemen en Kanaries

De sinaasappelbomen staan weer volop in de bloesem. De bloei kwam erg vroeg dit jaar, begin januari al. In februari kregen we plots een koude periode en verdwenen alle bloemen. Maar nu is alles toch weer terug gekomen, tot onze opluchting.

De sinaasappels van volgend jaar zijn in de maak en de lichting van dit jaar is nu grotendeels rijp voor de pluk. Ruud heeft eerder deze week  ook voor dit jaar  afspraken kunnen maken met Erwin, een fruithandelaar in het dorp. In de komende maanden mogen we wekelijks vier manden bij hem afleveren. Komen we onze sinaasappels waarschijnlijk weer tegen bij de plaatselijke supemarkt 🙂 , want we weten dat Erwin aan onze Coöp levert.

Vier manden per week is voor onze boomgaard  genoeg om tussen nu en half juni alle vruchten van kwaliteit kwijt te kunnen. Naast de verkoop aan Erwin hebben we bij deze of gene nog wat ‘losse verkoop’ en geven we ook nog wel wat weg aan wie belangstelling heeft. De rest draaien we door, zoals dat heet. Dat gaat de baranco in. Gegeven de prijzen die je voor sinaasappels kunt krijgen, heeft het geen zin om helemaal naar Los Llanos of naar de citrusgroothandel in Breña Baja te rijden. Sinaasappels zijn er op onze finca vooral voor de sfeer. Voor als we straks gasten krijgen in onze huisjes. En voor onze eigen dagelijkse portie sinaasappelsap.

 

Voor onze avocado’s ligt dat heel anders. Ook die kunnen we dit jaar bij Erwin kwijt. Twee manden per week. Dat is met de paar volwassen bomen die we op dit moment hebben staan, voor ons voldoende. Over twee jaar moeten de vijftig bomen op het nieuw aangeplante terras voor het eerst verhandelbare vruchten gaan dragen. Avocado’s leveren veel meer op dan citrusvruchten. Als onze bomen zover zijn, zullen we ‘het groene goud’ moeten gaan verkopen bij een groothandel in Los Llanos. Maar zover is het nog niet. Voor dit jaar zijn we voor de verkoop onder de pannen in ons eigen dorp. Da’s gemakkelijk en levert ons zonder al te veel transportgedoe het ‘pizza-geld’ voor deze zomer op.

 

Naarmate het voorjaar vordert, wordt het steeds mooier op de finca. Ik had al verteld over de valken die voortdurend rond dwarrelen op en over ons terrein. Nog niet over de kanaries. Op windstille, zonnige ochtenden waan ik me soms in een grote openlucht-volliére. Dan word ik vanuit de bomen van alle kanten toe gezongen met de typische uithalen en trillers die ik nog ken van vroeger, toen we bij mijn ouders thuis twee kanaries in twee kooien tegenover elkaar  in de woonkamer hadden staan. Eergisteren lukte het me om iets van een close-up van één van de zangvogels te maken. Als ik ooit toch een mooie camera met een pracht van een zoomlens kan kopen. Er is zoveel moois om te fotograferen hier. Maar voorlopig doe ik het met plaatjes van mijn oude Sony camera, zoals hieronder. Best leuk.

 

De taluds en de randen van de terrassen zijn inmiddels overgenomen door de meest prachtige veldboeketten. Het is een feest om over de finca te lopen en al het moois om je heen te zien opkomen en uitdijen. Tot dat straks weer de Grote Maaier langs komt in zijn astronautenpak. Ruud moet nog maar heel even wachten met de volgende maaironde.

 

Het fruit is rijp. De bomen staan in de bloesem. De bloemen groeien op de hellingen. De kanaries zingen.  Het echte voorjaar is nu aangebroken. Het wordt tijd voor Ruud en mij om binnenkort de Grote Briestas wandeling weer eens te gaan doen. Dat is de ultieme lentewandeling hier op La Palma, vinden wij. Vorig jaar moesten we verstek laten gaan vanwege de lock down die we toen beleefden. Gaat ons dit jaar niet gebeuren 🙂 . Ook dat is mooi.

Kleurtje Erop

Het Eerste Kleine Huis heeft deze week een kleurtje gekregen. Nadat Angel eerder alle binnenmuren netjes had afgewerkt, zette hij deze week de buitenmuren in de grondverf. Angel werkt momenteel helemaal eenzaam in zijn eentje. Jorge is met ziekteverlof en de electriciens die vorige week aan het werk waren zijn vertrokken.

Een paar dagen geleden zag het huisje er van buiten nog zó uit.

 

Vanmiddag was dít de look. Een kleurtje doet er toe, blijkt wel, ook al is het nog maar de grondlaag. Het Huisje wordt steeds meer huis en eist steeds duidelijker zijn plek op in het totaalbeeld van onze finca.

 

Van binnen zijn de muren klaar. Het dak moet nog worden gereinigd en krijgt nog een laatste, brandwerende, laklaag. Het aanleggen van de bedrading is vorige week net niet af gekomen, dat moet dus nog. Ook de aansluiting op het water is nog niet klaar.  De binnendeuren moeten nog worden ingezet. De timmermannen moeten nog een houten plafond maken boven het verbindingshalletje,  met een luik naar de opbergzolder. Het sanitair in de badkamer moet nog geinstalleerd.

Daarna is Ruud aan de beurt voor het inbouwen van badkamermeubel en keuken.

 

Er moet dus nog veel gebeuren, maar het Eerste Kleine Huis begint op een klein huis te lijken. Daar worden Ruud en ik blij van.

En er is meer waar we blij van worden. Afgelopen maandag ontvingen we eindelijk goed nieuws van de Caixabank. Onder voorbehoud van de uitkomst van de taxatie is onze hypotheekaanvraag goed gekeurd. Da’s net op tijd, want ons bouwgeld is zo goed als op. We zijn al een tijdje aan het vertragen om zo steeds op het einde van elke maand weer goed uit te komen met het beschikbare bouwbudget. We hopen vanaf half april (zo’n taxatie duurt vast nog minimaal een maand) weer voluit in tempo ons project af te kunnen maken. In mei wil Óscar beginnen aan het Tweede Kleine Huis. Dat mag van ons als we onze handtekeningen onder de hypotheekakte hebben kunnen zetten.

We zijn wel opgelucht, want zonder hypotheek was ons project op twee huizen blijven steken, terwijl we oorspronkelijk toch vier huisjes wilden bouwen. Nu worden het er drie, en dat vinden we eigenlijk ook wel best. Met vier huisjes was ons terrein net iets te vol en te druk geworden, vinden we nu.

Het Tweede Kleine Huis krijgt een zwembad en een kleine Canarische Tuin, zo is de bedoeling. Hieronder krijg je een indruk van hoe het worden moet, op basis van onze ideeën en de informatie over het zwembad die we van Óscar hebben gekregen.

 

Bijna een jaar geleden stonden we op het zelfde punt, qua hypotheek. Toen bleek tijdens de taxatie tot onze verbijstering dat ons kavel niet correct stond ingeschreven in het ‘Registro’, dat is het tweede kadaster dat in Spanje bestaat naast het ‘Catastro’, het eerste kadaster. Dit ondanks alle verzekeringen van onze aankoopmakelaar destijds, dat alles in orde was.  Het  heeft bijna een jaar geduurd, voordat dit probleem kon worden opgelost, en we weer terug zijn op het punt waar onze eerdere aanvraag toen eindigde. Ruud en ik zijn er niet eens ongelukkig van geworden 🙂 .  Alles went, kennelijk. We bljjven in onze verwachtingen echter nog een beetje voorzichtig en prijzen de dag niet voordat de avond valt. De uitkomst van de nieuwe taxatie wachten we  daarom geduldig  af. We gaan pas een feestje bouwen als we terug komen uit het kantoor van de notaris te Los Llanos, mét een ondertekende hypotheekakte in de tas. Zo gaat dat, op La Palma.

We doen als afsluiting voor vandaag  nog ff een zonsondergangetje uit de collectie, om te laten zien dat alles hier het wachten  en het gedoe écht waard is..

 

Want dat is het! Het is nog steeds fijn om hier te zijn en beetje bij beetje ons plannetje voor elkaar te krijgen.