Full House

Zeven dagen lang hadden we een vol huis. De zus van Ruud, met man en kinderen, logeerden in het Boeddhahuis. Fijn om weer eens familie in levende te lijve kunnen zien na alle corona-ellende. Leuk om eens wat langer met onze neven op te trekken en ze een beetje beter te leren kennen.

 

We aten samen. We wandelden in de bergen. We zwommen in de zee. We fietsten op gehuurde e-bike-jes naar de Cumbrecita. We genoten van het warme, zomerse weer. We zongen samen mee met Spotify. We maakten samen in een halve avond een fles amaretto leeg, terwijl we meezongen met Spotify (Angelique en ik dan). Jesse en Arjan leerden mij hoe ik fruit moet tellen en hoe ik president kan worden, en blijven. We spraken over piramides, kromme houten dakjes, gender neutrale paspoorten, Stalin en foute voetbalclubs. We keken door de telescoop van Ruud naar planeten, sterrenhopen en verre melkwegstelsels. Maar bovenal hadden we een super relaxte week met elkaar.

Angelique, Danny, Jesse, Arjan, bedankt voor alle gezelligheid! Ik hoop dat jullie een fijne vakantieweek hebben gehad. Denk dat dit wel goed zit.

 

Vandaag, op de Day After, zijn de drie harige huisgenoten nog altijd volledig total-loss van het voorbije speel- en aandachtfestijn. Volledig gevloerd en lamgeslagen. Geen beweging in te krijgen.

Lopen naar Tijarafe

De zondag is bij ons thuis  weer ‘de wandeldag’, sinds het afgedwongen corona-huisarrest op La Palma voorbij is. Afgelopen zondag, op de eerste dag van wat ze hier in Spanje het ‘nueva normalidad’ noemen, maar ook op de eerste dag van de zomer 🙂 , maakten Ruud en ik ons bekende wandeltochtje van Puntagorda naar Tijarafe.

We vertrokken te voet vanuit het Boeddhahuis en liepen het dorp in.

 

Voorbij het dorp kwamen we terecht in het mooie baranco-dalletje onder de grote drakenboom van Puntagorda.

 

Door het bos naar Tinizara, klimmen en dalen. Met af en toe geweldig mooi uitzicht op het blauw van de de oceaan en de hemel daarboven.

 

Voorbij Tinizara steil naar beneden, naar de bodem van weer een nieuwe, diepe baranco. En weer omhoog, die baranco uit.

 

Daarna kuierend over min of meer vlakke landweggetjes tot aan Tijarafe.

 

Ik zou nog veel meer prachtige foto’s gemaakt kunnen hebben en kunnen laten zien, ware het niet dat deze wandeling misschien al voor de vierde keer op dit blog beschreven wordt. Ruud en ik zijn nou eenmaal nooit te beroerd om dingen die we leuk vinden om te doen, nóg een keer te doen, en daarna nóg eens, en daarna nóg eens. Voor meer foto’s en meer uitgebreide informatie over deze wandeling, verwijs ik daarom naar  deze blogpost uit 2018.

 

De kiosko van Tijarafe, waar we een lekkere hamburger hadden gepland, was helaas gesloten. We moesten ons behelpen met een drankje op een van de stoepterrasjes langs de hoofdweg van het dorp, waar de tafeltjes tegenwoordig keurig anderhalve meter uit elkaar staan,  en een zak meegenomen winegums bij de bushalte.

Daarna met de bus terug naar Puntagorda en het Boeddhahuis. Wederom beleefden we een bijzonder leuke wandelmiddag op ons kleine, nietige eilandje, een puntje van rots en zand in de onmetelijke weidse watermassa’s van de  Atlantische Oceaan. 🙂

Sleuven

Zoals aangekondigd en afgesproken, gebeurde er in de voorbije week niet veel aan het grote huis. De mannen van Óscar werkten in het hotel aan de oostkust. Ook Fernando, de timmerman, liet zich de hele week niet zien. Misschien heeft hij ook een hotel aan oostkust?

Op donderdag was er toch opeens leven in de brouwerij en gebeurde datgene waar zowel Ruud als ik al maanden tegenop hadden gezien. Tomás kwam samen met een grondwerker die wij niet kennen de sleuven uitzetten en graven voor de rioleringsbuizen. Ons lieflijke boomgaardje helemaal op de schop…

Op donderdag werd de sleuf van het grote huis naar het betonweggetje gegraven.

 

Op vrijdag groef men de sleuf uit langs het betonweggetje naar beneden, naar de plaats waar de centrale poso en waterzuiveringsinstallatie zal komen.

 

Op vrijdag gebeurde er nog een klein ongelukje en staken we een  irrigatiebuis door die ongezien in de lengte onder het betonweggetje liep. De buis is niet van ons bewateringssysteem of van één van de voorganger-systemen van onze boomgaard.  Ruud is inmiddels handig genoeg om dit zonder ongelukken te repareren. Iemand op een terrein beneden onze boomgaard heeft er niets van gemerkt en niet zonder water gezeten..

 

We zijn blij dat we onze honden als pups het commando ‘wachten’ hebben kunnen aanleren. Ze weten nu dat ‘voorbij de sleuf’ verboden gebied is. Als de baasjes over het gat in de grond heen stappen,  ‘wacht’ je aan de rand totdat ze terug komen.

 

Zonder die kennis waren ze vast tot in het oneindige doorgegaan met het spelletje ‘sleufje-hoppen-randjes-laten-instorten’, dat ze met z’n 3 hadden bedacht.

 

Ruud en ik vinden het helemaal niks dat ons terrein nu open ligt. Maar het hoort erbij. Als troost maar een plaatje van de zonsondergang, gisteravond, aan de voet van het betonweggetje, met mijn rug naar de sleuvenwereld gekeerd.

Jubileum in de Wolken

Ook op zondag was het nog steeds Feestweekend. Ruud en ik besloten om een kleine picknick te doen, op hoogte, vlakbij de Roque de los Muchachos. We kennen daar een plekje achter een hek waar je een mooi uitzicht hebt over de toppen van het eiland. Alle hoge toppen zie je vanaf de helling achter dat hek precies in elkaars verlengde liggen.

Het was bijzonder boven op de berg. We maakten er  ‘en direct’ een weeromslag mee. Vanuit het westen kwam van ver over de oceaan een regengebied onze kant op schuiven. Eerst zagen we het eiland Hierro steeds groter worden en verscheen naast Hierro het mysterieuze ‘achtste Canarische Eiland’, dat je vaker ziet in de wolken als het gaat regenen. Daarna verdween Hierro als het eiland Avalon, in de mist. Het zou pas in de late avond echt gaan regenen, overigens.  In de middag, vanaf onze hoge positie,  zagen we van alle kanten de wolkenflarden het eiland op klimmen. Van alle kanten wervelden de nevels om ons heen en werd binnen een uur tijd het heldere uitzicht dat we hadden op het zuiden van het eiland en op de Caldeira,  beetje bij beetje weg gegeten. Dit alles bij een straffe bries en een  aangename temperatuur van meer dan twintig graden.

 

Na de broodjes en een facetime-geprek met de jarige moeder van Ruud, reden  we met de auto naar de Roque de los Muchachos. Het kleine parkeerplaatsje  daar ligt op de absolute top van het eiland, op bijna 2.450 meter hoogte. Bij de Roque is een geweldig mooi uitzichtpunt aangelegd en dat panoramapunt hadden we deze middag bijna helemaal voor ons zelf. Fijn dat alle toeristen vanaf 21 juni weer naar het eiland mogen komen en fijn dat Transavia vanaf 2 juli weer op La Palma zegt te gaan vliegen. Maar stiekem, in ons geval,  is het ook best fijn dat iedereen er nu nog even níet is, terwijl wij al wél blij mogen zijn met onze herwonnen vrijheid na het Absolute Huisarrest van een paar weken geleden. Het eiland is van ons.

 

We bleven lang op het plateau van de Roque de los Muchachos hangen en keken er onze ogen uit naar het schouwspel van de wervelende wolken. Intussen kleurden de hogere luchtlagen van zomers blauw naar onheilspellend donkergrijs. Bang voor onweer waren we niet. Op La Palma onweert het bijna nooit. Maar het regent er ook bijna nooit in juni, dus misschien waren we toch wat te onvoorzichtig. Hoe dan ook: zo’n plotselinge weeromslag op de Roque de los Muchachos is mooi en bijzonder om mee te maken. We hadden het weer eens getroffen.

 

Zo vierden we ons jubileum in de dansende wolken. Op de dag af dertig jaar geleden spraken Ruud en ik elkaar voor het eerst op Utrecht CS. En dat gesprek is sindsdien eigenlijk nooit meer gestopt. Foto’s van toen liggen ergens in een album onderin verhuisdoos ‘woonkamer 4’, en die kan ik dus niet laten zien.

 

Maar de onderste twee foto’s van het fotoblok hierboven zijn de eerste digitale vakantiefoto’s uit ons archief. Cantal, Frankrijk,  zomer 2005, toen we halverwege 1990 en NU waren. Zeg nou zelf, we zijn nauwelijks ouder geworden toch? Altijd jong gebleven toch? Mmmm, was dát maar waar.  In elk geval hebben we in al die jaren veel mooie herinneringen verzameld, samen. En dat is de bedoeling als je elkaars leven deelt. Feestweekend dus, dit weekend., voor ons 2.  In de wolken.

 

We sloten het feestweekend op zondagavond af in de pizeria van La Fuente in Tijarafe. Geen pizza’s maar overheerlijke salade, een al net zo smakelijke groente-lasagna voor Ruud en een spaghetti bolognese voor mij. Fles Vega Norte blanco erbij. Een postre met veel room, vanilleijs en chocolade en een sterke koffie om mee af te sluiten. Dat doen we over dertig jaar nog eens zo over. En ook al wel een keer eerder, wat mij betreft.

Llano de las Cuevas

We hadden iets te vieren, dit weekend. Daarom hadden we als plan bedacht om op zaterdag iets te gaan doen wat we alle2 echt heel erg leuk vinden; we zouden naar de top van de Pico Birigoyo gaan wandelen, van waar je het hele eiland kunt overzien. Bij helder weer.

Zodra we in de auto bij El Time de bocht omdraaiden om af te dalen in de Barranco de las Angustias, zagen we dat het beter was om een nieuw plan te maken; de toppen van de Birigoyo en de andere zuidelijke vulkaankegels waren in donkere, grijze wolken gehuld. We besloten te gaan wandelen op de Llano de las Cuevas, de vlakte van De Wolk. Eigenlijk een wandeling die je in het voorjaar moet doen bij oosten- of noordoostenwind. In juni is het op deze vlakte geen voorjaar meer, maar heerst al de droogte van de zomer. En de wind kwam ook al niet uit het oosten. Toch bleek onze b-wandeling van de dag verrassend mooi en afwisselend te zijn.

Ons startpunt was de parkeerplaats van het Centro de Visitantes, het bezoekerscentrum, van het Nationale Park van de Caldeira de Taburiente, even ten oosten van El Paso, aan de LP3.  Van daaruit wandelden we het asfaltweggetje richting de Cumbrecita op, om al heel snel rechts af te slaan en het landschap-met-de-stenen-muurtjes van de Llano de las Cuevas in te wandelen.

 

We liepen tussen de stenen muurtjes door richting het oosten, richting de steile helling van de Cumbre Nueva. Hoe verder je dit landschap inloopt hoe mooier alles wordt. De lelijke prikkeldraadhekken en irrigatiebuizen die je aan het begin van je route nog tegenkomt en waar je dan omheen moet kijken om te zien hoe bijzonder het landschap is, verdwijnen en maken plaats voor steeds meer bloemen, authentieke stenen omheiningen en vergezichten naar de bergen in het noorden, het oosten en het zuiden.

 

Je loopt in het centrum van het eiland, even ten oosten van de vlakte van Los Llanos en El Paso, een van de drukste gebieden van het eiland. Je hoort alleen het gras waaien in de wind. In de verte krijst een buizerd. Er vliegen wat kraaien rond. Af en toe tref je een verdwaald groepje (magere) koeien of een koppel paarden. Verder is er helemaal niemand. Je hebt de vlakte voor jezelf.

 

We liepen over zandweggetjes steeds verder het groen-bruine landschap in tot dat we stuitten op een eerste asfaltweggetje. Dit weggetje staken we over om verder richting de voet van de Cumbre Nueva te lopen. Gelukkig maken de glazen van de nieuwe zonnebril van Ruud een mooie spiegel, zodat ik ook eens een keer in mijn eigen blog te zien ben..

 

Aan de voet van de Cumbre Nueva belandden we op kleine weggetjes die ons door kleine bosjes van kastanjebomen leidden. Kruipdoor, sluipdoor. Leuk. Voor ons een nieuw stukje van La Palma. Het is mooi hier. De kastanjebomen stonden in bloei.

 

Na een klein uurtje (geloof ik) kruisten we een tweede asfaltweg, de Calle Virgen del Pino. We besloten niet verder te klimmen en deze weg noordwaarts te volgen, op weg naar het kerkje dat gewijd is aan diezelfde Virgen del Pino.

 

Na de ommuurde weilandjes, de bloeiende kastanjebomen en de vergezichten over de vlakte, kwamen we aan in het dennenbos waar de Maagd van de Dennenbomen geëerd wordt. Men is lang bezig geweest om het kerkje te restaureren, maar het werk lijkt nu klaar te zijn. Het kerkje straalt de argeloze wandelaar weer tegemoet. Inmiddels waren alle wolken verdwenen. Vanaf het kerkpleintje zagen we hoe de top van de Pico Bejenado lag te baden in het licht van zon.

 

En ook de Pico Birigoyo was weer helemaal vrij van wolken. Achteraf was het niet nodig geweest om deze b-wandeling te doen. Maar dat was achteraf. Bovendien bleek de b-wandeling veel leuker dan gedacht. We nemen hem gewoon op in onze wandelgids.

 

Vanaf het kerkje liepen we over de asfaltweg weer terug naar ons beginpunt op de parkeerplaats van het bezoekercentrum. In totaal een wandelingetje van ik schat iets meer dan vijf kilometer waar we een kleine twee uur over deden.

 

 

Terug in het Boeddhahuis, aten we macaroni met witte wijn erbij in de avondzon. Daarna zagen we vanaf de terrassen van onze finca die zon op een prachtige manier ondergaan in de oceaan.

De eerste dag van ons ‘feestweekend’ was meer dan geslaagd.

 

Download

In het Groen

Op de foto hieronder zie je ‘onze’ straat, de Camino de Pinto, langzaam naar omhoog klimmen, vanaf de landbouwakkers die beneden Puntagorda liggen, op ongeveer 450m boven zeeniveau, naar de muurtjes van onze finca, op ongeveer 550m boven zeeniveau.

De foto is op ongeveer 800 meter afstand vanaf onze boomgaard genomen met de rug van de fotograaf naar de oceaan gekeerd. Het is een zoekplaatje. Herken je de twee kleine Canarische daken van ons ‘grote huis’ in aanbouw?

 

Een beetje inzoomen nog voor iedereen die de daken nog niet heeft gevonden… Je kunt de plaatjes vergroten door erop te klikken (of op te tikken als je met een tablet kijkt).

 

En nog een beetje vergroten voor degene die maar aan het zoeken blijft. Op deze foto zie je links overduidelijk een wit huis met een balkon. Dit is het vakantie-huurhuis van onze achterbuurvrouw. Rechts daarvan zie je twee kleine rode dakjes door de dennenbomen piepen. Dát zijn wij… In aanbouw. Verscholen in het groen.

 

Ongeveer vijf honderd meter verder dan je op de foto kunt zien en weer honderd meter hoger, kom je over de Camino de Pinto het dorp binnen. Op de foto kan je dorp niet zien, ondanks dat het hoger ligt. De bomen belemmeren het zicht.

 

Hier is’t.

Rust en Ruimte

Gisterenmiddag, zondagmiddag, maakten Ruud en ik een wandeling door het bos in de bergen boven Puntagorda. ‘Beneden’ in het dorp op ca 700m boven zeeniveau, was het een mooie, zonnige dag. ‘Boven’ op ca 1.300m boven de zeespiegel, liepen we net onder of soms in de wolken. Altijd een mooie ervaring.

De honden waren mee op hun eerste lange wandeling na het Grote Huisarrest. Helling op, helling af, ze waren niet te houden.

Drie uur wandelen, zonder ook maar iemand tegen te komen. Rust en Ruimte. Ik kom er steeds meer achter dat dít het ding is waardoor ik het zo naar mijn zin heb, hier op het eiland. De zon? De oceaan? De restaurantjes? Onze boomgaard? Het ontbreken van vrieskou in de winter? Ook geweldig. Maar het is de stilte die het meest aantrekkelijk is. Nederland is gewoon te vol voor mensen zoals ik.

Wandel met ons mee, in 28 foto’s.

 

Het wandelpad voert door dennenbossen, droog gevallen beekbeddingen uit vroeger tijden en de druivenvelden van de Traviesa en de Vega Norte. Het keerpunt van de lijnwandeling is voor ons normaal gesproken het terras van het restaurant Las Briestas. Nu we met de honden op stap waren, stopten we op een graslandje dat net iets vóór dat restaurant gelegen is. Daar lagen we   in het lange droge gras, tussen de amandelbomen een tijd lang als de enige twee mensen op aarde en lieten we de weldadige stilte van de wereld op ons inwerken, terwijl onze drie metgezellen op sprinkhanenjacht gingen.

 

 

Daarna weer terug naar ons vertrekpunt. Het was goed om te zien dat ook onze Fenna, alweer 11 jaar oud inmiddels, de wandeling goed kon volhouden. Dat is wel eens anders geweest. Het buitenleven op La Palma en haar gevarieerde menu van vallend fruit en hagedis, naast de traditionele brokjes, doet haar kennelijk goed.

 

 

Het wandelnetwerk in Twente uit onze ‘Almelotijd’ was mooi vroeger, zeker in de zomer. Maar de bossen boven Puntagorda bevallen toch een stuk beter. Als je deze wandeling ooit ook zou willen maken, vind je hier meer informatie over begin- en eindpunt.

Zo hadden we weer een leuke zondagmiddag met z’n allen, wandelend op een klein eilandje midden in de onmetelijke oceaan.

Frisbee

Het heeft veel geregend in Puntagorda in de afgelopen week. Ons weerstationnetje geeft aan dat er gisteren ruim 9mm water per vierkante meter gevallen is en vandaag (vannacht) al bijna 11mm. Maak daar in totaal maar minstens 30mm van, aangezien ons weerstation destijds nog als ‘proto-type’gekocht is en nog niet zo heel goed blijkt te zijn in het meten van vallende regendruppels. De nieuwe, geheel verbeterde, versie van het weerstation is overigens in aantocht en gaan we te zijner tijd installeren op de finca. Het zou zo maar kunnen dat ík in September  zo’n vernieuwd model voor mijn verjaardag krijg. Van Ruud. En dat Ruud het spul dan installeert. Zo is Ruud. 🙂

 

We hadden dus een regenweek. Dat is voor het weer op La Palma  heel ongewoon in juni. Maar het water was meer dan welkom. Het eiland is droog. Op sommige plaatsen, met name in het zuiden, is er een tekort aan irrigatiewater voor de landbouw, en ligt de watertoevoer naar akkers en plantages stil. De ‘Waterraad’ van het eiland ligt van alle kanten onder vuur onder het verwijt van grote incompetentie. De stelling van de criticasters is dat er genoeg water op het eiland aanwezig is voor iedereen, als de infrastructuur om het water te verdelen maar op orde zou zijn, en dat is bepaald niet het geval.  (Ja dat is dezelfde Waterraad die de afgifte van onze bouwvergunning meer dan een jaar ophield). In de krant lezen we dat de bestuurder van de raad meer geld nodig zegt te hebben om zijn organisatie te versterken. Binnenlandse politiek op La Palma, wij kijken er naar als ‘toeschouwer’. En hopen dat het goed komt, op termijn.

Op onze finca regende het ook. Maar de bouwwerkzaamheden liepen daardoor geen grote vertraging op. Men werkte ‘binnen’ en met velen tegelijk. Daarover in een volgende blogpost meer.

 

Ook als het regent, is het prachtig hier op het eiland. Zeker als tussen de buien door de zon weer schijnt en fel licht over de waterdruppels uit strooit. Als je vanuit onze boomgaard over de oceaan kijkt, zie je een feestvoorstelling van oplichtende wolkenranden en stil glimmende zeespiegelingen. Die voorstelling is in het echt nog veel mooier dan op de foto’s hieronder te zien is; mijn cameraatje loopt nog steeds op zijn laatste benen en het lijkt wel alsof het apparaatje steeds slechter met tegenlicht om kan gaan.

 

Sinds gisteren hebben Ruud en ik de frisbee herontdekt. Een frisbee is hét instrument waarmee je overactieve Münsterlanders hun energie kwijt kunt laten raken. Dat was nodig, want tijdens de regendagen was er een flink overschot aan ongeremde energie ontstaan bij Kapitein Iglo en zijn Illustere Zus. De honden zijn het niet meer gewend om dagenlang binnen te moeten blijven en zich te moeten gedragen. Onze beide münstermonsters gingen gisteravond met de frisbee helemaal door het dak op een akkertje met uitzicht op zee. Vlakbij onze boomgaard.

 

Na afloop uithijgen. En naar de wolken kijken vanaf de stoep van ons huis-in-aanbouw.

 

En dan nog even dit. Afgelopen maandag beleefden Ruud en ik even een flink blogtechnisch schrikmomentje. Hieronder in beeld gebracht: onze afdeling ‘automatisering’ tijdens het schrikmoment.

 

Wat was er aan de hand? Ruud verving een zogenaamde plugin op ons blog. De plugin zorgt ervoor dat dubbele en ongebruikte foto’s worden verwijderd en dat er een backup wordt gemaakt van de overige foto’s. Helaas. De nieuwe plugin deed onverwacht en zonder te stoppen iets anders. Alle inhoud van ons blog werd verwijderd en de toegang tot ons digitale leven werd ons ontzegd. We kregen een wit wordpress-scherm te zien en konden helemaal nergens meer bij, kregen zelfs geen inlogscherm te zien. Einde verhaal voor ons blog? Even leek het er wel op. Na enkele uren van ijzige stilte in het Boeddhahuis en koortsachtig geploeter door de ict-afdeling, lukte het gelukkig uiteindelijk om met veel kunst en vliegwerk weer bij onze documenten te komen en via backups de schade weer te herstellen. Het heeft Ruud een slechte middag en daarna de nodige hersteluren gekost. Slechts één bericht dat klaar stond voor publicatie, ging verloren. We kwamen met de schrik vrij…

Een Surrealistische Picknick

Sinds afgelopen maandag is het ‘fase1’ op La Palma, de tweede fase in het Spaanse systeem van terugkeer uit de corona-winterslaap. We mogen ons huis weer uit wanneer we dat willen en we mogen gaan en staan waar we willen, mits we maar op het eiland blijven.

Gisteren, zaterdag, begon fase1 voor Ruud en mij. We trokken de wijde wereld in. Het was weekend. Het weer was wat somber in Puntagorda, en het was een beetje koud ook. We besloten te doen alsof we op vakantie waren; als we op vakantie zijn in Puntagorda, en het is bewolkt en koud, dan gaan we naar het zuidwesten van het eiland. Daar is het dan aan de kust meestal net een klein beetje zonniger en in elk geval een stuk warmer. Zo was het ook vandaag.

 

Als de Spaanse regering voor een bepaald gebied ‘fase1’ afkondigt, betekent dit dat restaurants in dat gebied hun terrassen weer mogen openen, met 50% van de tafeltjes bezet. (of was het nou 30%? ik verzuip soms in de details van alle regels en richtlijnen hier). Ruud en ik hadden er niet zo heel veel fiducie in dat het voor restauranthouders rendabel zou zijn om onder die voorwaarde de boel weer open te doen. We zouden daarom gaan picknicken. Broodje met Mojo (zonder de schaaltjes van op de foto) op het strand van Los Guirres.

Helaas. Aangekomen bij het volstrekt verlaten strand werden we staande gehouden door twee uiterst vriendelijke en met mondmaskers uitgeruste agenten. Het werd ons vanwege corona niet toegestaan om op een volstrekt leeg strand een broodje te eten. ‘Alle stranden zijn dicht’, werd ons verteld. We moesten maar iets gaan eten op de nabij gelegen boulevard van Puerto Naos, aldus de  agenten. Samenvattend: Om besmetting met het corona-virus te voorkomen ga je op instructie van de autoriteiten niet naar een leeg strand, maar verzamel je je met anderen op een drukke boulevard, omdat het daar veiliger is. Doe mij maar zo’n zogenaamde ‘intelligente lock-down’, waarbij je zelf mag nadenken en de overheid pas ingrijpt als er te weinig wordt nagedacht. Maar dit is Spanje. Nederland ligt ruim vier duizend kilometer verderop naar het noorden. En daar zal er ook wel van alles aan te merken zijn op hoe overheden omgaan met Het Virus. Het blijft improviseren, natuurlijk, zo’n virus.

 

Zo kon het gebeuren dat Ruud en Teunis op zaterdagmiddag op een bankje, op een overigens verder uitgestorven boulevard van het toeristenplaatsje Puerto Naos, gezellig met z’n twee broodjes met mojosaus aten, met een frisdrankje erbij. We hadden zo’n beetje de hele boulevard voor ons zelf. Er was welgeteld één terras met zes tafeltjes open. Onze broodjes-met-mojo waren echter veel lekkerder dan hetgeen men daar aanbood en serveerde. We kozen dus voor het bankje. Een beetje surrealistisch was het allemaal wel. Maar we zijn altijd best goed geweest om het met z’n twee gezellig te maken, waar het in eerste instantie niet zo gezellig is. We hadden er dus wel schik in. Om heel eerlijk te zijn voelde het voor mij ook wel een beetje als een feest om eindelijk weer even buiten het dorp te zijn. De wereld was in de afgelopen twee maanden ongemerkt wel heel erg klein geworden. Dan is zelfs de lege boulevard van Puerto Naos een fijne plek.

Eerder op de dag hadden we op de heenweg  bij de brouwerij van Isla Verde, ‘De Belg’ voor ons, al iemand met een tafeltje zien sjouwen. Zou het dan toch?

 

Ja, het zal dan toch! Het terras van de Belg is sinds dit weekend weer open. Even gezellig als altijd. De biertjes en het eten zijn er overheerlijk. De serveersters super aardig. We mochten aanschuiven aan een tafeltje dat eigenlijk gereserveerd was. Da’s niet voor het eerst, trouwens, we voelen ons vereerd. Eenmaal aan het tafeltje, kreeg ik even een heel erg onbestemd gevoel over me. Ik was het niet meer gewend om met zoveel mensen bij elkaar te zijn en vond het voor een minuut of vijf een beetje ‘verwarrend’ en ‘eng’. Gelukkig went het normale leven weer snel, en verdween het wat onverwacht angstige gevoel weer voordat het vervelend werd. Nog nooit eerder gehad, zoiets. Het was een vreemde ervaring.

 

De Picara’s smaakten als vanouds. En ook de croquetas de pollo met chutney waren weer niet te versmaden. Onze pizzaman in Puntagorda is weer open. Vandaag ontdekten we dat ook onze favoriete Belg de deuren niet voor goed gaat sluiten, vanwege een corona-faillissement. Onze week kan niet meer stuk. Beetje bij beetje keert ons normale leventje weer terug. Daar zijn we blij mee!

Voor wie in de buurt woont en ook naar de Belg zou willen: het is voorlopig eigenlijk wel de bedoeling dat je eerst even reserveert per telefoon.

Stapelen voor Gevorderden

We hebben weer een klein mijlpaaltje binnen het Grote Plan bereikt vandaag. Via deze leverancier op Tenerife…

 

…vervoerd naar twee eilandjes verderop met een autootje als hieronder,…

 

…via deze ferry,…

 

…en dan nog weer een stukje over de weg, vanuit de haven van Santa Cruz eerst naar het centrale magazijn in Breña, en vervolgens een dag later helemaal naar Puntagorda, aan de andere kant van het eiland,…

 

…kwamen deze dozen aan in het Boeddhahuis. O ja, geheel volgens Canarische zeden en gebruiken werden we tien minuten van te voren gebeld dat men er aan kwam. En of we er dan voor konden zorgen dat er iemand thuis zou zijn. Men vertrekt gewoon op de gok en ziet wel of het schip strandt. Er strandde geen schip vandaag. Het grote hek van ons huurhuis stond gewoon open om alles binnen te laten, toen men aan kwam rijden, en we stonden klaar om alles in ontvangst te nemen. Knarsentandend, want we hadden alle2 eigenlijk iets anders om handen. Op La Palma doen leveranciers altijd alsof klanten niet hoeven te werken om al die spullen te kunnen kopen.

 

Maar we zijn blij dat al het bestelde zo snel gearriveerd is. En dat het allemáál gearriveerd is. De apparatuur voor twee keukens en het badkamermeubel voor twee badkamers. Ikea-aanbiedingen kunnen we  niet meer laten lopen, nu de verwachte datum van de oplevering van het eerste huis naderbij kruipt. Dat dat zo is, dat we hier staan in de uitvoering van ons Grote La Palma Plan, dat voelt best goed.

Een tijdje geleden alweer, kochten we ook al met een flink kortingspercentage, bij het zelfde blauwgele bedrijf, waarvan het restaurant van het filiaal te Hengelo, Overijssel,  overheerlijke gehaktballetjes serveert die momenteel erg gemist worden door de schrijver van dit blog,  kochten we al drie boxsprings voor in de drie huizen. Die bedden konden we destijds zelf nog wel ophalen op het afhaalpunt aan de andere kant van het eiland. Paste net in onze caddy. Met de bestelling van vandaag, ging dat afhalen echt niet meer en was er bezorging nodig.

Inmiddels weten we wat stapelen is. We hebben nu een Ikea-zaal in het Boeddhahuis.

 

Eén kamertje verderop,  in de Kuiperzaal,  staan nog steeds onze dozen. We zijn al bijna vergeten welke spullen we mee brachten uit Nederland. Gelukkig hebben we er een lijstje van gemaakt. Ik ben er nog steeds trots op dat we echt nooit iets kwijt zijn geweest van de spullen die we destijds hebben ingepakt, dankzij dat lijstje.

 

En dan hebben we de container van Óscar nog, die volgepakt met teak houten meubels, en inmiddels ook tien binnendeuren, op het terrein van de finca staat geparkeerd.

 

Het wordt langzamerhand echt de hoogste tijd dat we alles kunnen gaan uitpakken, vinden we. Ik word af en toe flink ongeduldig. Ruud vindt dat ik dan maar een aftelklok op het blog moet plaatsen, om geduld te oefenen en voortgang in het wachten te zien. Maar zo’n aftelklok durf ik toch niet aan. Zo’n klok vind ik de goden verzoeken. Alle vertrouwen in Óscar hoor, maar zeker zijn van een datum… nee dat durf ik niet. We verzamelen en stapelen dus maar gewoon verder in blijde verwachting en afwachting van wat komen gaat. En we leven nog lang en gelukkig, in ons Boeddhahuis.

Dan was er vandaag nog een moeilijk momentje bij het stapelen van de dakpannen op onze finca. Vandaag mocht Tomás van Jorge de dubbele dakpannenrand aan de oostgevel van de aanbouw van het grote huis neerleggen. Zelf ging hij aan de slag met het verder omhoog metselen van de binnenmuren.

Maar dat dakpannen stapelen ging niet helemaal goed. Aan het einde van de middag werd de dakpannenrij door Jorge gewogen, gewogen en te licht bevonden. De dakpannen lagen volgens hem niet goed in het verlengde van de uralita’s. Verkeerd uitgemeten. Verkeerd gestapeld.  Te licht bevonden. Tomás kreeg de opdracht om de rij dakpannen weer te verwijderen. Even was de sfeer om te snijden. Jorge gaat het morgen zelf opnieuw doen. Een gevoelig momentje. Ruud was zo gemeen om het gevoelige momentje op de gevoelige plaat vast te leggen. Ook dit hoort erbij, als er gewerkt wordt.

 

Het leven van een metselaar gaat niet altijd over rozen. Ruud had een beetje met Tomás te doen. Maar Jorge heeft altijd gelijk. En daar huren we hem ook voor in, tenslotte.