Austerlitz

Ruud en ik zijn weer voor even in Nederland. Als we in Nederland zijn hebben we het altijd erg druk voor ons gevoel. Natuurlijk zijn er alle mensen die we in korte tijd voor ons werk of voor ons plezier willen  zien of moeten spreken. Maar belangrijker is het gevoel om voortdurend ‘op reis’ te zijn en niet ‘thuis’. Thuis is op La Palma.

Het leuke is dat ik merk dat ik heel geleidelijk met andere, ‘vreemde’ ogen naar het landschap van Nederland begin te kijken. Veel dingen zien er  best mooi uit in dit land. En als het je lukt om de medewandelaars die altijd en overal aanwezig zijn weg te denken (en ook weg te fotoshoppen, zoals op enkele foto’s hieronder), is de natuur ook hier echt heel erg mooi. Op een nazomerzondagmiddag in de eerste week van september, bijvoorbeeld.

 

Vanmiddag, zondagmiddag, maakten Ruud en ik een wandeling van zo’n tien kilometer door de bossen bij Austerlitz. We roken en zagen de Hollandse nazomer. De bladeren aan de bomen waren nog groen. De heide stond nog net in bloei. En er dreven klassieke witte septemberwolken onderlangs de soms blauwe, soms grijze lucht.

 

Austerlitz ligt vlakbij het dorp waar ik ben opgegroeid en waar we nu weer wonen, als we in Nederland zijn.  Extra leuk om de omgeving van toen weer opnieuw te ontdekken.

 

We maakten een afwisselende wandeling. Door het bos. Over het heideveld. Langs meertjes en vennetjes. Door kleine zandverstuivingen. Het was druk! We konden merken dat we wandelden op de rand van de Randstad. Daar moesten we wel wat wegslikken. Als we wandelen zijn Ruud en ik liever helemaal alleen. Maar dat geldt misschien wel voor bijna iedereen.

 

Ik kon het uiteraard niet laten om foto’s te maken, tijdens de wandeling. En ze moeten ook maar op het blog. We hebben de nieuwe rubriek ‘In Nederland’ toegevoegd. Hier willen we laten zien  hoe het voor ons  is om tussen twee werelden heen en weer te pendelen en wat het met ons doet.

 

In Nederland begint het nieuwe TV-seizoen weer, net als de scholen en het harde werken. Binnenkort is het Prinsjesdag. De zomer is voorbij. Op La Palma beginnen de scholen ook weer. En bij het Cabildo begint men weer te schrijven en te schaven aan onze bouwvergunning, vast een stuk van 1.500 pagina’s. Maar de zomer is er nog niet voorbij. We hebben nog zo’n twee maanden voor de boeg. Daarna wordt het lente… Het is echt een fijn gevoel om af en toe nog even de loop van de seizoenen hier in Nederland mee te kunnen proeven, maar dan weer terug te kunnen naar het Land Zonder Winter.

Avocado’s Scoren

Hier staan ze. Onze avocado ‘babies’ voor op het hoge terras aan de zuidkant van onze finca. Het is Ruud gelukt om 25 planten bij elkaar te sprokkelen. Ik schreef al dat er op La Palma een grote schaarste aan avocadoplanten is. De leveranciers hanteren wachtlijsten voor leveringen, die tot ver in 2021 doorlopen.

Gelukkig heeft Ruud in Los Llanos één adres gevonden waar men vrijwel dagelijks, naast de wachtlijstplanten, ook een kleine ‘lopende’  voorraad krijgt aangeleverd. Met een paar keer heen en weer rijden vanuit Puntagorda (anderhalf uur, heen en terug, gelukkig mag Ruud eerst appen om te horen of er weer planten zijn gearriveerd), hebben we de creche compleet gekregen. We hebben er niet heel veel verstand van, maar volgens ons zien de planten er goed en gezond uit.

 

Als ik dit schrijf zijn we voor een korte week in Nederland. De plantjes hebben we geparkeerd op de veranda van het Boeddhahuis. Veilig achter slot en grendel, want je weet maar nooit. We durven de planten niet op de finca te laten staan. Jacky, de Nederlandse vrouw van Kakien, is zo aardig om de planten de komende dagen voldoende water te geven.

Zodra we terug zijn, gaan de planten de grond in. We hebben een mix van geitenmest en dennennaalden besteld. Er worden direct na terugkomst met een kleine machine kuilen voor ons gegraven op de plekken waar we (zie onderstaande foto) plastic pijpen van de oude beregening in de grond hebben gestoken. Daarna gaan de planten de grond in en vullen we de kuilen  laagje voor laagje, grond, mest, grond, mest, grond, mest. En dan gaan ze groeien. Daar ken ik nog een liedje over. Alleen duurt het hier drie jaar, voordat de plantjes vruchten dragen. Minstens. En daar krijg je géén hoofdpijn van. Ik niet.

 

Intussen zitten we niet stil. Op de dag van vertrek begon Jose met het rooien van de bomen op het laagste terras aan de zuidzijde van onze finca. Dat terras zag er een paar weken geleden nog zó uit.

 

Afgelopen maandagavond zag het terras er zó uit.

 

En dat alles gebeurde met deze jongen..

 

Jose is nog niet helemaal klaar met het rooien van de bomen. Als het goed is, heeft hij de laatste bomen vandaag verwijderd en afgevoerd.  Na het rooien wordt de laag met kiezels en rotsen die ooit op het terras is aangebracht weggeschoven op het tallud en wordt de onderliggende grond open gebroken. Dan moet alles een week drogen. Vervolgens wordt ook dit terras ge-egaliseerd.

Als alles gaat zoals we hopen dat het gaat, maar dat is afwachten, we zien het wel als we weer terug zijn op het Groene Eiland, staat de grootste van onze twee palmbomen nog op z’n plek. Afgelopen maandagavond stond de boom er nog. Op ons dringende verzoek. Kakien en José begrijpen er niets van. Onkruid. Verspilling van grond en water. Maar wij, domme Hollanders, vinden de palmboom leuk. En ooit, heel misschien, komt op deze plek ooit huisje ‘nummer vier’  te staan. Mét een palmboom in de tuin, in dat geval. Regeren is vooruit zien, zegt men. Ik zie net op de tv dat ze daar in Engeland alles van weten. Zo fijn, dat wij in Holland maar een saai parlement hebben, waar nog wel eens een compromis of zo wordt gesloten.

 

Antonio, de vorige eigenaar onze finca, kwam nog even kijken wat we toch allemaal aan het doen waren. En zag dat het goed was. We hebben zijn zegen. En passant vertelde hij aan Ruud dat hij anderhalve maand geleden op een ander landje honderd avocado’s had aangeplant en dat die planten nu allemaal dood zijn. Ze hebben de afgelopen hitteperiode niet overleefd. Dát mag ons dus niet overkomen…

Bij terugkomst zijn we (Ruud) druk. We moeten de boompjes gaan planten en Ruud moet nog ongeveer een kleine zestig bomen bij elkaar zien te sprokkelen, in de juiste mix van Fuertes en Hassbomen. We hebben nog tot eind oktober (of eigenlijk tot de eerste echte regendagen, we hopen op een ‘laat’ begin van de herfst) om alles voor elkaar te krijgen. Als er veel regen is gevallen kunnen de zware machines een tijd lang niet meer over het land rijden, en staat alles stil.

Op maandagavond vertrokken we ver na zonsondergang pas van de finca naar het Boeddhahuis. Het is zo mooi en zo stil als de avond valt. Ik maakte onderstaande foto’s. Met de mobiel, dus niet heel erg scherp. Maakt niet uit, de foto’s leggen een sfeer vast.

 

Na één dag in Nederland heb ik alweer heimwee, als ik de foto’s terug zie. Dat is goed, toch?

Warm Bezoek

Petra, Michel en Daan waren dit weekend op bezoek. Het was een warm bezoek. Ook letterlijk. De kalima blijft ons parten spelen. Het was en bleef snikheet.

Op vrijdagavond kwam het vliegtuig aan en bezochten we de McDonalds in Santa Cruz.

 

Op zaterdag lieten we natuurlijk onze finca zien. Daarna bezochten we de top van de Roque de los Muchachos. Helaas. Door het kalimaweer viel de de tocht naar de top wat in het water. Uitzicht nulkommanul en peentjes zweten in de auto op weg er naar toe. Thuis bracht het superzwembadje uitkomst en verkoeling.

 

Op zondag deden we het beter en bezochten we het strand van Tazacorte. Op maandag deden we het nog beter en maakten we de boottocht met de Bussard. We zagen jammer genoeg erg weinig dolfijnen. Maar we zwommen heerlijk in de oceaan en zagen wél een prachtige zonsondergang. Daan was de man en durfde vanaf de duikplank van de boot het water in te springen. Dat doen papa en Ruud hem niet na… [kleine rectificatie: papa toch wel, krijg ik door van papa].

 

Mijn leven is verrijkt met Uno.  Voortaan weet ik hoe je dit kaartspel speelt en hoe je moet winnen 🙂 en waarom dat dan steeds toch niet lukt. Ik weet vanaf nu ook alles over Clash of Clans, en dat er met Hem Hieronder niet valt te spotten. De King of Barbarians is heel ‘krachtig’, heeft Daan mij uitgelegd. Die kan je wel om een boodschap sturen.

 

 

Als ik dit schrijf, op dinsdagavond, landen onze weekendvisites juist weer op Schiphol. Zo’n weekend is snel voorbij. Ruud en ik vonden het erg gezellig.

Clima de Calzoncillos

Het is al een bijna een week lang erg warm op La Palma. Om niet te zeggen: heet! Kalima. Warme lucht overspoelt vanuit de Sahara ons lente-eiland. De lucht uit de Sahara is half augustus erg heet. Op het weerbericht ziet alles er ongeveer zó uit. Rood, roder. roodst.

 

En dit was de situatie om drie uur ‘s middags, afgelopen zondag. Rond 18:00u is het hier op het warmst. Tel er nog maar drie graden bij. In de schaduw. De minimumtemperaturen in de nacht kwamen niet onder de 28 graden. Het was kortom  onderbroekenweer. Clima de calzoncillos op z’n Spaans. Denk ik. Het was te heet voor kleren aan je lijf. Dus liepen Ruud en ik uitsluitend nog in de boxershort rond, zodra het kon.  Daarvan presenteren wij géén foto’s.

 

Ruud en ik wisten niet veel beters te doen dan tijdens de laatste dagen van onze vakantie vrijwel dagelijks naar het strand in Tazacorte te gaan. In de ochtend. Uiterlijk om 14:00u thuis. We vonden het wat eng om onze honden op het allerheetste moment van de dag alleen thuis te laten, want ze hebben het alle3 best moeilijk met dit weer, vooral Fenna.

 

Van huis uit zijn Ruud en ik niet hele grote liefhebbers van het strand. Ruud heeft er de huid niet voor en ik ben mijn jeugd op de stranden van het Henschotermeer in Woudenberg al behoorlijk lang geleden ontgroeid. Vanuit Almelo was het destijds drie (!) uur rijden naar het dichtstbijzijnde strand. Daar word je ook niet heel erg beach minded van.

Maar nu wonen we op La Palma. En is er op 25 minuten rijden vanaf het Boeddhahuis het zandstrand bij de haven van Tazacorte. Je hebt er branding. Je hebt er strandstoelen. Je kunt er wat eten of drinken. Het is er niet superdruk. Er heerst een relaxte atmosfeer met niet al te veel toeristen van buiten en wél veel Palmero’s.  Het zeewater is heerlijk koel. We kochten twee parasolletjes en vonden verkoeling in de zee en  op het zwarte zand…

Tazacorte ligt op zeeniveau. Wij wonen op ongeveer 700m hoogte. Tijdens een kalima is het warmer, naarmate je verder de hoogte in gaat. Dat scheelt al gauw zo’n zes á zeven graden. Tijdens kalima’s in augustus vluchten Ruud en ik daarom voortaan naar Tazacorte.

De Kalima leverde wel weer een paar hele mooie zonsondergangen op. Vanuit de tuin van het Boeddhahuis.

 

Gelukkig hebben we in deze barre tijden de beschikking over mijn ‘verjaardagszwembadje’. Heel goed getimed, die aankoop! Het zwembadje brengt redding en verkoeling als de temperatuur aan het eind van de dag richting veertig graden gaat. Het zwembadje brengt verkoeling in de late avond, voor het slapen gaan. Niets is meer zomers dan liggend in je eigen zwembadje in het donker van een zwoele zomeravond naar de sterren hoog boven je te kijken..

 

Vandaag hebben we een dagje respijt. Als ik dit schrijf is het vier uur in de middag en maar 25 graden. Heel vreemd. Het voelt als een lentedag. Vanaf morgen gaan de temperaturen weer omhoog, zeggen de voorspellers. Tot ver in de volgende week blijft het warm.

Tijdens het komende weekend krijgen we bezoek vanuit Nederland. Ik kan het bezoek geruststellen. Ruud en ik zullen ons decent kleden. Maar bereid je voor op een paar hele warme dagen..  Het is weer eens wat anders dan een lang-weekend-met-michel-in-de-regen. Het zal nu meer in de richting gaan van een lang-weekend-met-michel-die-wanhopig-naar-schaduw-en-verkoeling-zoekt. Wat een roteiland eigenlijk, dat La Palma. Gaan we noooit meer naar toe.

Augustusdagen

Het is augustus. Ruud en ik hadden met elkaar afgesproken dat we vakantie hebben nu. Doordat er onverwacht snel aan de opknapbeurt van het bovenste terras aan de zuidkant van onze finca wordt gewerkt, valt dat idee een beetje in het water. Maar ik hoef niet te werken voor de klanten in Nederland. En er schiet voldoende tijd over om wat activiteiten buitenshuis en weg van de finca te ondernemen.

Het is behoorlijk warm op het moment. Om die reden zochten we vorige week de hoogte en de schaduw van de dennenbossen op. We maakten een wandeling in de bossen boven Puntagorda. De kleine Briestawandeling, noemen we deze tocht. Elk seizoen weer anders. De wijnvelden staan nu vol in het blad. In de buurt van de velden ruikt het  naar zwavel. De wijnboeren brengen zwavelpoeder aan op de wijnranken ter bestrijding van schimmels en ongedierte. Maar de geur van dennennaalden in de hete zomerzon overheerst. Naast de geur van hooi dat op het land ligt te drogen (in Nederland) , is de geur van dennennaalden op het heetst van de dag in de brandende zomerzon het lekkerste dat je kunt ruiken. Vind ik.

 

Het is augustus. Op het eiland draait vrijwel alles op halve kracht. Op de kantoren van het Cabildo, waar onze aanvraag voor een bouwvergunning ligt te wachten. In winkels (behalve supermarkten, gelukkig). Overal sluit men ‘s middags rond 13.00u  de deuren. Geen siësta of zo. De deuren gaan pas de volgende dag in de ochtend weer open. Palmero’s hebben in augustus bijna allemaal de hele maand vakantie. Maar dan alleen in de middagen en in de avonden.

In de middagen zitten wij er op het moment vaak zó bij. Zomers toch?

 

We wandelden weer eens van Puntagorda naar Tijarafe. Over het koningspad of de Camino Reál, één van de hoofdwandelroutes op het eiland. Die wandeling hebben we nu misschien al een keer of acht gedaan. En elke keer is de wandeling leuk. Ook dit is een wandeling die elk seizoen anders is. Je loopt door de natuur, maar ook door landbouwgebiedjes en langs ruïnes en opknaphuizen. We vinden het leuk om te zien wat er veranderd is sinds de vorige wandeling op de diverse landjes. We vinden het leuk om te zien hoe de opknapprojecten vorderen van huizen waar we langs lopen. Soms doen we ideeën op voor ons eigen project. Zou iedereen zo lang hebben moeten wachten op de verlossende vergunning?

 

Maar één van de leukste aspecten aan deze wandeling is toch wel het eindpunt. De kiosko in het centrum van Tijarafe. Op een buitenterras kan je onder het genot van een biertje heerlijk uitpuffen. En je kunt er iets eten. We ontdekten dat ze er hele lekkere hamburgers hebben! Dat is nu al het tweede adres in Tijarafe waar je een goede hamburger kunt eten. Na de hamburger terug met de bus naar Puntagorda.

 

Om in de tuin van het Boeddhahuis, hangend over het hek van de achtertuin een weergaloze zonsondergang te kunnen zien.

 

Het is augustus. En erg heet. Vinden wij. Ruud en ik zouden op zaterdag een lange bergwandeling gaan maken. Maar het is feest in Puntagorda, ter ere van de beschermheilige van het dorp, San Mauro Abad. Twee weken lang wordt het feest gevierd. Naast heilige missen en een processie ook met fotowedstrijden, zaalvoetbaltoernooien, paardenraces, pokeravonden en noem maar op. En met muziek. Er is een podium geplaatst op het meest centrale plein van het dorp. Bij de klok. De afgelopen week was er elke avond wel iets te doen. Maar op vrijdag was het pas écht feest. En dat ging door tot half zes in de ochtend. Ruud en ik deden geen oog dicht, de geluidsinstallatie staat op iets meer dan acht honderd meter van ons huis. Op zaterdagochtend stonden we met twee uur slaap in onze hoofdjes op. En besloten dat het een korte wandeling zou worden. We deden een rondje van ongeveer twee uur om het dorp heen. We blijven genieten van het landschap waar we in mogen wonen.

 

Het is augustus. En erg warm. Maar mijn verjaardagszwembad biedt verkoeling. Het is helemaal niet verkeerd om in het water te drijven in de schaduw van de twee palmbomen aan de rand van ons terras. We kunnen wel steeds zeuren over dat we zo lang moeten wachten op onze bouwvergunning. Maar er zijn vervelender manier om de dagen van je leven te slijten. Die gedachte sleept ons er wel doorheen. Laten ze dat overigens maar niet horen in de kantoren van het Cabildo.

 

Ook zaterdagnacht was het feest in Puntagorda. De muziekinstallatie speelde weer tot ongeveer half zes in de ochtend. En dit keer hele irritante latino-muziek. Er is bijna niets zo  vervelend om gedwongen naar harde muziek-die-je-niet-leuk-vindt te moeten luisteren. Zeker niet als het buiten midden in de nacht nog 23 graden is. Niet geslapen. Op zondag deden we daarom weer geen lange wandeling. We deden wél een rondje op de fiets. Met een helm op het in nevelen van slaaptekort gehulde hoofd. Fietsend in de zon werden we langzaam toch weer wat helderder.

We reden door het landgebouwgebied ten zuiden van het dorp. We zagen dat er daar nieuwe wegen worden aangelegd naar nieuwe hele grote landbouwterrassen. Vast nieuwe aanplant van avocado’s. Ook wij hebben min of meer besloten voor de avocadobomen te gaan op de drie zuidelijke terrassen van onze finca. Ondanks dat we een varkenscyclus zien ontstaan. Avocadobomen zijn veel gemakkelijker in de teelt dan alternatieven waarnaar we gekeken hebben.  En voor ons al ingewikkeld genoeg.

 

Ruud maakt bij elk veld waar we langs komen een studie van hoe de bewateringssystemen zich verhouden tot onze eigen plannen, en wat hij eventueel nog kan leren. Veldwerk noemen we dat.

 

Bij de Belg deed ik zelf wat veldwerk en  ontdekte ik als onderdeel van deze vakantie een nieuw gerecht op de kaart. Zalm met peren en basmacirijst. Nog nooit zo lekker vis gegeten! Een bord vol met smaken die geweldig bij elkaar passen.

 

Ik neem niet elke avond een foto van de ondergaande zon. Maar ook deze, van gisteren, was weer erg mooi.

 

Het is augustus. Vakantietijd. Als iedereen om je heen op halve kracht draait, neem je dat vanzelf over. En het voelt wel lekker. Het zou zo maar kunnen dat wij volgend jaar ook de hele maand op de Palmese manier op vakantie gaan. Voor nu hebben we nog maar zeven dagen. Dan roept de plicht voor de klanten in Nederland weer. Da’s nog een hele week!

 

Zondagavond eindigden de festiviteiten voor San Mauro Abad met een prachtige vuurwerkshow die we vanuit de tuin van ons huurhuis konden bewonderden. De foto hierboven komt uit de krant, maar we hebben het echt zo gezien. Oudejaarsnacht op een avond in augustus. De muziek voor het afsluitende bal ging daarna slechts door tot ongeveer half twaalf en was veel zachter dan in de twee vorige nachten het geval was. Het feest van San Mauro is weer voorbij. Ik heb in lange tijd niet zo lekker geslapen als afgelopen nacht!

Rode Draden

Afgelopen dinsdag (dat was eergisteren) hebben Ruud en ik besloten om te gaan beginnen met het saneren van de zuidelijke terassen van onze boomgaard. Aanvankelijk zouden we hiermee wachten totdat het zware bouwverkeer zou zijn vertrokken. Maar daarop kunnen we wachten tot we samen één ons wegen. Bomen planten doe je op La Palma in de zomer. Dat is nu. Of volgend jaar pas.

 

We gaan de drie zuidelijke terassen grotendeels ontdoen van de aanwezige bomen. Daarna egaliseren. Daarna de nieuwe beregening aanleggen. En tot slot nieuwe bomen inplanten. Kakien helpt ons met het benodigde grote materieel. Daar kent hij ‘zijn mannetjes’ voor.

Qua planning is het vaak stilstaan op La Palma, en dan opeens weer hard hollen. Gisteren in de namiddag ging de telefoon. ‘We komen morgenochtend om acht uur’.  Zo kon het gebeuren dat Ruud en ik gisterenavond halsoverkop met een stuk touw over het bovenste terras van onze finca liepen om het doodvonnis te vellen over de bomen die moeten verdwijnen. Ons vonnis velden we door een rode draad aan de boom te binden. Of niet. Dat zag er ongeveer zó uit. Geween en tandengeknars op de akker. Als bomen konden práten..

 

Vanochtend vroeg verscheen dit bakbeest op het terrein.

 

Na een uur of drie was dit het resultaat. Zo’n 25 sinaasappelbomen gerooid en de hard geworden grond open gespit. Volgende week wordt de grond ge-egaliseerd, met een kleine machine. We gaan hier avocado’s planten. De bomen die we laten staan zijn herstellende avocado’s die gezond genoeg zijn om een toekomst te hebben. Ze herstellen van het watertekort dat ze in de afgelopen jaren opliepen.

 

Zo ging onze vakantiedag onverwacht verloren aan fincawerk. En dat zal morgen nog eens gebeuren en volgende week waarschijnlijk ook. Dat vond Ruud erg jammer voor mij, vreemd genoeg. Niet zo zeer voor hem zelf, kennelijk. Als goedmakertje mocht ik alvast mijn verjaardagscadeautje kopen. Bij de chinese winkel in Los Llanos.

 

 

Ik ben pas ver in september jarig. Maar nú is het echt warm op het eiland en eind september misschien al veel minder. Ik zeur er al jaren over dat ik écht een klein zwembadje wil bij ons huis op de finca. En dat een vakantiehuis zonder zwembad geen echt vakantiehuis is. Die zwembadwens is bij mij wat groter dan bij Ruud. Nou, mijn eerste zwembad is binnen 🙂  En ik ben er erg blij mee…

Zomervakantie!

Afgelopen vrijdagavond begon onze zomervakantie. Twee weken lang hoeven we bijna niet te werken. Daar waren Ruud en ik stiekum erg aan toe, hoe vreemd dat misschien ook klinkt. Twee weken lang gaan we doen wat we altijd deden op het eiland, toen we nog in Nederland woonden. Twee weken lang geen deadlines te halen, geen dagenlange klussen op de finca en geen zorgen over vergunningen.

Uiteraard begon onze vakantie op vrijdagavond bij Flor de Lotus, de moeder aller pizzeria’s. Wereldberoemd in hééél Puntagorda.

 

We hebben flink mazzel met het weer tijdens onze vakantie. Het is nu echt hoog zomer op het eiland. Overdag is het warm en ook in de nacht komt het kwik niet onder de 17 graden. Dat geeft wel een fijn zomers gevoel.

Op zaterdagmiddag fietsten we op onze e-bikes naar de haven van Puntagorda. Vanuit het Boeddhahuis 10km heen en 10km terug. Zeven honderd meter dalen. Zeven honderd meter klimmen. Fluitend. In de sportstand.

 

In  het haventje was het druk zomers. Ook veel Palmero’s hebben vakantie in augustus. Veel van de weekendhuisjes waren bezet en er lagen flink wat motorbootjes voor anker in de puerto. Je kunt er zwemmen in een klein natuurbad (als de oceaan tenminste rustig is, wat vandaag het geval was). Ruud en ik bewaarden onze zwembroeken voor de maandag. Na een half uurtje klommen we de trappen weer op en fietsten we omhoog, terug naar het dorp.

 

Op zaterdagavond zagen we deze prachtige zonsondergang vanaf de plek van ons toekomstige keukenraam.

 

Op zondag deden we niks. Luieren, computeren, in de zon zitten, met de honden spelen in het Boeddhahuis. Hoewel ons huurhuis geen zwembad heeft en geen direct zicht heeft over de oceaan is het toch een super vakantiehuis. In de namiddag moest Ruud de bomen water geven op de finca. Ik maakte in de tussentijd nog wat resterend werk af.

Maandag werd een stranddag op het strand bij de haven van Tazacorte. Hadden we nog nooit gedaan, het strand bij Tazacorte. Meestal zoeken we iets stillers. Maar. Voor herhaling vatbaar. Het was er leuk. En het was super om in de oceaan te zwemmen zonder branding-met-keien. We vonden een plek onder een rieten strandparasol. Zelfs Ruud heeft niet hoeven smeren! Hij houdt af en toe wel van een gokje.

 

In de namiddag vertrokken we naar het noorden. Ooit hadden we tijdens een wandeling van El Tablado naar Roque del Faro (en weer terug) een strandje ontdekt, in de diepte. Dat strandje wilden we nu gaan verkennen. La Fajana, vlakbij het gehucht Franceses. Niet te verwarren met het complex La Fajana op de noordoostpunt van het eiland, waar een groot natuurzwembad is uitgehouwen in de rotsen.

Het noorden van La Palma is prachtig, zeker op een mooie heldere dag als op deze maandag. De autorit vanuit Tazacorte was al de moeite waard. Met muziekjes van Manu Chao, REM en Amadou & Mariam hard aan en de autoramen open. Maar in de afdaling naar het La Fajana werd het landschap pas echt adembenemend.

 

We kwamen uit op een prachtige plek. Een klein gehuchtje, pal aan de kust, bijna op zeeniveau, te midden van oude bananenplantages. Bij 27 graden een fijne plek om een beetje rond te dwalen. Maar een strand hebben we er niet aangetroffen. Wel een rots- en keienkust, waar je het water van de oceaan kunt aanraken. Te gevaarlijk om te zwemmen.

 

In de avond natuurlijk buiten ons eten opeten. (Maar dat doen we tegenwoordig bijna altijd al – da’s normaal geworden). Nog dertien dagen te gaan 🙂

Licuadora

Zo ziet momenteel bij ons de keukentafel er uit op een willekeurig gekozen moment van de dag. Fruitoverloadalert!

 

Dat is best een probleem. Want aan onze fruitbomen hangt nog veel meer van dat spul en ook in de tuin van het Boeddhahuis staat een perenboom die erom smeekt geplukt te worden. En. Ruud en ik houden eigenlijk niet zo van fruit…

Maar. Soms krijgen we een hele goede tip van onze lezertjes.  Zoals de tip van onze oude buren in Almelo (Bedankt Hans en Astrid!) om smoothies te maken. Ruud en ik houden wél van smoothies en nog veel meer van vers vruchtensap zonder toevoegingen van zuivel. We waren alleen nog niet zelf op het idee gekomen dat je die vruchten van ons ook kunt uitpersen en dat daar speciale, hele handige apparaten voor bestaan, ook als die vruchten geen sinaasappel, limoen of citroen zijn. Daar hadden we Hans en Astrid voor nodig. Echt waar.

We leren snel. Vanaf vandaag hebben we een echte ‘Licuadora’ in huis! Vanmiddag door Ruud gekocht bij Worten in Los Llanos, zeg maar de plaatselijke BCC.

 

Uit de doos en mét perenprut en -sap erin, ziet het apparaat er ongeveer zó uit:

 

Hier zie je Ruud voor het eerst in actie. Kan zó in de folder van Worten.

 

En dit is het resultaat van die eerste actie. Drie peren = Twee glazen.

 

De verse perensap smaakt overheerlijk. We kunnen nog ongeveer 137 liter maken. Mjammie!

 

En dít is de afwas, na afloop van twee glazen. Niet heel erg efficiënt. Daar moeten we nog iets op verzinnen.

 

Fijn dat we zulke attente lezers hebben met goede tips die ons dagelijkse leven verrijken. En naar het schijnt kunnen we als we handig zijn met dit apparaat ook nog perensórbets en perenijs maken. Maar hoe dat precies moet, gaat Ruud nog uitpluizen en daarna aan mij uitleggen.

Morgen doen we de peer-banaan-combinatie, zo is mij beloofd.

Gebaande Paden

Het was zondag en prachtig weer. Hoog tijd om de accu’s van onze nieuwe e-bikes wat beter te leren kennen, vonden Ruud en ik. We hadden tijd en zin om voor de tweede keer het Rondje Puntagorda te fietsen. Een bekend parcours inmiddels, dus gebaande paden. Maar wat geeft dat?

 

Teunis kreeg van Ruud een verbod om de ‘sportstand’  op het motortje van zijn fiets te gebruiken. De sportstand is de stand waarin je niet zo hoeft te sporten als je bergop moet en waarin de fiets eigenlijk vanzelf rijdt. Zo’n mooie uitvinding! Tijdens de vorige uitgave van het Rondje Puntagorda had Teunis de sportstand nét iets te vaak gebruikt, hetgeen vlak voor de klim naar Las Tricias, op het einde van de rit, resulteerde in een batterijstand van 5%. Ruud was destijds zo aardig om op de laatste klim op de route van fiets te wisselen. Vandaag werd bij aanvang echter subtiel duidelijk gemaakt dat dit een eenmalige daad van barmhartigheid was. Een verbod dus.

 

Het was een prachtige rit. Voor de tweede keer bijna nog mooier dan toen we de route voor het eerst reden. De zon scheen fel. Er stond vanaf de afdaling naar Garafía een harde wind. De oceaan was prachtig blauw vandaag, met schuimkopjes. De croquetas en de salade op het kleine terrasje boven het kerkplein van Santo Domingo waren heerlijk.

 

Bij thuiskomst stonden er 52 kilometers op de teller. Ruud en ik deden er een kleine vijf uur over. Inclusief lunch en een aantal fotostops. We waren zo dom geweest om onze fietshelmen te vergeten, dus mochten we van ons zelf niet harder dan met dertig km per uur in de afdalingen naar beneden. Dat kan veeel harder. Vijf uur dus over 52 kilometer.

Het parcours kent twee lange klims. De eerste klim krijg je op het begin van het rondje voor je kiezen als je vanaf de LP1 ter hoogte van de grote drakenboom van Puntagorda naar ‘bergop’ afslaat en door de wijnvelden en dennenbossen omhoog naar het restaurant Las Briëstas fietst. De tweede beklimming tref je helemaal op het eind van de route, vanaf halverwege Garaffía en Las Tricias tot aan de LP1 boven Las Tricias. Die laatste klim is zonder sportstand wel zwaar (vindtTeunis). De kilometers zitten daar in je benen en de zon brandt fel in je nek. Tussen de twee beklimmingen door glijd je in een fantastische lange afdaling naar beneden.

 

Onze accu’s doen het nog prima, weten we nu. We hebben geen miskoop gedaan.

Teunis kwam met 27% thuis. Er kan dus hier en daar best nog wat ‘sportstand’ in de route worden ingebouwd. De volgende keer weet ik, waar ik dat zal gaan doen. Want een volgende keer komt er zeker. Zo leuk dat je vanaf je eigen huis op een achternamiddag zo’n prachtige fietstocht kunt maken!

Fruit!

Het was een drukke maand opeens, de afgelopen maand. Eerst vertrok Ruud drie dagen naar NL, onder andere om mijn moeder op te halen. Daarna hadden we dertien dagen lang ‘Mama Cara’ op bezoek. Vervolgens was ik een week in Nederland voor mijn werk, terwijl Ruud op het groene eiland achterbleef. We  komen er proefondervindelijk achter dat het aan de ene kant erg leuk is om bezoek uit NL te ontvangen, maar dat het gastheerschap ook best veel tijd en energie kost, zeker in combinatie met het niet te vermijden woonwerkverkeer richting vaderland. Dát hadden we van tevoren niet bedacht…  Maar goed. Sinds afgelopen dinsdag zijn we weer met ons 2 (pardon, met ons 5) in het grote Boeddhahuis en komen we geleidelijk weer terug in ons inmiddels vertrouwde en fijne La Palma Ritme. Gisteren liepen we onze hondenuitlaatronde vanaf onze finca en maakte ik onderstaande foto. Mooi toch?

 

Een bouwvergunning hebben we nog steeds niet. We komen niet verder dan de mededeling vanuit het Conseja de Aguas dat ‘het afhandelen van beoordeelde aanvragen grote vertraging oploopt, vanwege de politiek’. Wat men daar precies mee bedoelt, weten we eigenlijk niet. Moet er na de recente verkiezingen hier een nieuw tekenbevoegd persoon worden benoemd of speelt er iets anders? We moeten het afwachten. Ik zal maar stoppen met het vermelden van het aantal dagen dat verstreek sinds het indienen van onze aanvraag. Het zijn er veel. Voor ons onverwacht veel. Ruud en ik zijn inmiddels behoorlijk gefrustreerd over de gang van zaken. We willen zo graag beginnen met het bouwen van de huizen! Tegelijkertijd realiseren we ons dat het helemaal geen zin heeft om gefrustreerd te zijn. In een kwade bui heb ik mij wel eens laten ontvallen dat een Spanjaard iemand is die de hele dag door ‘vale, vale’ roept en er eer in legt om anderen ergens op te laten wachten, tegelijkertijd zelf lijdzaam wachtend op tal van zaken die voor hem door  andere Spanjaarden moeten worden geregeld, die hetzelfde doen. ‘Wat een land!’, denk ik dan in zo’n bui.  Grrrr.  Maar het leven is hier wel super relaxed.. En dat trage, relaxte bestaan was voor ons één van de redenen om hier naar toe te komen. Dus wat zeuren we nou?

 

Deze week kregen we ook goed nieuws binnen. In afwachting van de vergunning heeft de Caixa Bank ten lange leste onze hypotheekaanvraag maar alvast beoordeeld en goed gekeurd. Dat was natuurlijk fijn om te horen.

 

Die goedkeuring had echter ook een schaduwzijde. Vanuit de Caixa Bank stelt men als voorwaarde voor het verstrekken van de hypotheek onder meer dat men zich actief wil bemoeien met de planning van de bouwactiviteiten en pas gelden beschikbaar stelt voor een volgende bouwfase  als een Caixa-functionaris vindt dat de voorgaande bouwfase naar behoren is afgerond en er voldoende ‘eigen geld’ in is geïnvesteerd. ‘Nieuwe Wet vanuit de Europese Unie’, wordt er monter bij vermeld. Volgens mij krijgt de Europese Unie tegenwoordig overal de schuld van, als men iets vervelends introduceert. Dat is in Nederland niet anders.

Als gevolg van deze voorwaarde zou er zich nóg iemand met ons project gaan bemoeien. Iemand die vast voortdurend tijd nodig heeft om tot ondertekening van een noodzakelijk formulier over te kunnen gaan, met als gevolg dat de bouw vertraging oploopt. Daarop zitten we helemaal niet te wachten!

Áls we het hypotheekaanbod accepteren zullen we in elk geval niet, zoals het plan was, de huizen in serie laten bouwen, maar één voor één. Het zal ons niet overkomen dat de CaixaMeekijkMan halverwege de bouw laat weten dat hij er nog eens goed naar heeft gekeken en uiteindelijk tot de conclusie moet komen om toch geen gelden beschikbaar te stellen, ons met drie  half afgebouwde huizen achterlatend. We vinden het een idiote constructie.

Gelukkig is het voor ons ook een optie om alles zonder hypotheek voor elkaar te krijgen. Maar  in dat scenario moeten we gaan werken in deelprojecten (huis voor huis, en steeds met een bouwpauze om te kunnen sparen) en zijn we zo een paar jaar verder, voordat alles is afgerond. Dat willen we eigenlijk niet. Onze volgende afspraak met de Caixa is begin september. We hebben dus nog even tijd om te wikken en te wegen  en te beslissen of we dit allemaal op deze manier wel willen.

Blij met de hypotheek maar Nietzoblij met de Meekijkman. Bouwen op La Palma voelt soms zó. En dan is er nog geen steen gelegd…

 

Nu de start van de bouw vertraging oploopt, zien Ruud en ik ons genoodzaakt om alvast te beginnen met het ‘renoveren’ van de boomgaard, nog vóórdat het zware bouwverkeer vertrokken is. Ruud heeft inmiddels uitgedacht hoe hij het nieuwe bewateringssysteem wil gaan inrichten en aanleggen. Daarover meer in een volgende blogpost.

Op basis van voortschrijdend inzicht hebben we inmiddels besloten om een deel van de sinaasappelbomen te gaan rooien en er andere, meer renderende,  vruchtenbomen voor in de plaats te planten. Oorspronkelijk was ons plan om ons toekomstig inkomen volledig uit de verhuur van vakantiehuizen te halen, maar als je zo’n groot terrein hebt is het eigenlijk doodzonde om dit niet wat beter te benutten, vinden we nu.

 

Het ligt voor de hand om de sinaasappels te vervangen voor avocado’s. We zouden zo’n hondertwintig tot honderdertig avocado bomen kwijt kunnen. We zullen ook zeker avocado bomen gaan planten. Maar dat doet momenteel iedereen op La Palma, en vast ook op de andere eilanden. Ruud en ik zijn een beetje huiverig voor een avocado-‘varkenscyclus’; als iedereen avocado’s gaat planten zullen de verkoopprijzen op termijn gaan inzakken. We overwegen daarom om naast avocado’s ook andere boomsoorten te gaan planten.

We denken aan Mango’s.

 

Of misschien wel Papaya’s.

 

Of Kiwi’s.

 

En vast ook een aantal olijfbomen.

 

We zijn begonnen om ons hierop te oriënteren en dat is mooi om te doen. Maar er moet nog veel gebeuren. Als ‘fruitboer’ zijn er tal van regels waaraan je je moet houden. En we zullen een hoop informatie moeten verzamelen en kennis moeten vergaren, voordat we serieus met fruitbomen aan de slag kunnen. En durven. Een plan is een plan. We gaan zien wat het wordt.

 

Vooralsnog hebben we nu, op korte termijn, vooral een ‘Perenprobleem’.  Onze twee perenbomen hangen barstensvol vruchten en we weten bij god niet wat we ermee moeten. Af en toe een peer eten is prima. Maar deze twee fruitboeren houden zelf helemaal niet zo van fruit. Perentaart dan maar weer? Je kan niet elke dag taart eten.  Ruud fluistert: ‘Perenlikeur’. Beetje voorspelbaar is’t-ie soms wel. Perenlikeur. Zou dat smaken?

 

Tot overmaat van ramp kregen we ook nog bovenstaande tros bananen cadeau bij inschrijving van onze SL als klant van CuPalma, één van de landbouwcoöperaties hier. Maar ook daarover meer in een volgende blogpost. Denk ik. Wil je net je peren weg eten, krijg je ‘banaan’ door je strot geduwd. Het leven op La Palma is soms niet eenvoudig.