Life is what happens to you while you’re busy making other plans

Ik denk dat bloggers dit wel zullen herkennen: het schrijven van een blog is leuk als er fijne gebeurtenissen of positieve dingen te melden zijn, maar het is lastiger als er niet zo heel veel is gebeurd, of als de dingen die je te melden hebt wat minder positief zijn. En dus bleef het hier lange tijd stil.

Want ik had in de afgelopen weken simpelweg de puf niet om te schrijven. De grote energievreter: het gebrek aan voortgang van het bouwproject en in het bijzonder de stroomaansluiting. Het schiet al maanden lang voor geen ene meter op. Aannemer Óscar maakt er bij de afronding van het project echt een potje van en er zijn, zo lijkt het, totaal geen afspraken meer met hem te maken. En of dit nu aan hem ligt of aan de partijen waarvan hij afhankelijk is: ik zit ermee. Huisje af maar niet verhuurbaar, en geen idee hoe lang dit nog duurt.

 

Ook in de familiesfeer zijn er moeilijke tijden geweest. De conditie van mijn vader is in korte tijd hard achteruit gegaan en het werd duidelijk dat het voor mijn moeder niet meer vol te houden was. Daarna ging het voor iedereen overrompelend snel. Pa woont nu in een verpleeghuis, tussen mensen die daar al langer wonen en er dus veel slechter aan toe zijn dan hij, en ma woont nu alleen thuis. Uitgeput na alle slapeloze nachten en met een schuldgevoel dat ze het niet langer heeft kunnen volhouden. Ik praat er regelmatig over met haar en ik wil er hier dit over zeggen: niemand kan zeggen hoe lang een ander dit zou kunnen of moeten volhouden. En je weet pas waar je het over hebt als je het zelf aan den lijve en met je eigen partner hebt meegemaakt.

 

OK, nu dat eruit is…

Sinds 13 mei zijn er zeker fijne gebeurtenissen geweest die het melden waard zijn, zoals het verblijf van Angelique, Danny, Erika en Teunis’ moeder en daarna dat van Hans en Astrid, onze buren uit Almelo. Het huisje is drie weken lang gebruikt zoals het bedoeld is, en ze hebben het er hartstikke naar hun zin gehad. Ik heb enthousiasme gezien en gehoord, en feedback en tips gekregen. Ik weet nu dat het wel goed zit en dat het huisje aan de wensen voldoet.

 

En het was ook gewoon gezellig, dat bezoek van familie en buren. Samen op stap en samen eten, en dat middenin een tijd die tegelijk moeilijk was omdat de gebeurtenissen van één jaar geleden allemaal weer in herinnering kwamen. En op één van die dagen hebben we met z’n allen – Teunis’ moeder, Angelique en Danny, Erika, Hans en Ank, en ik – de as van Teunis hier op de Montaña Matos uitgestrooid. Teunis is daarmee nu op zijn laatste rustplaats.

 

Ik heb eraan gedacht om met die boodschap het blog af te sluiten. Bij Over dit blog staat nog steeds “Ruud en Teunis willen in Puntagorda gaan wonen […] Aan het einde van het blog weet je of het hen gelukt is…”. Niet dus, en het gaat ook niet meer lukken. Er is vaak tegen ons gezegd, “jullie gaan je droom achterna”, maar die droom is er niet meer. Life is what happens to you while you’re busy making other plans. Waarom nog doorgaan met een blog over een onuitvoerbaar plan?

En toch wil ik het blijven proberen. Omdat ik vorig jaar besloot dat ik hier op La Palma wilde blijven en dat nog steeds wil. Omdat ik het dankzij de steun van de mensen om mij heen heb volgehouden. Omdat er ondanks al mijn gemopper voortgang is geweest en het huisje nu écht bijna verhuurd kan worden. En omdat ik hier op het eiland iemand ben tegengekomen waarvan ik nu, hier op het blog, durf op te schrijven dat hij m’n leven weer zin en kleur geeft. Hij is Italiaan, hij is verpleegkundige en zijn naam is Mauro.

 

Dus toch maar: wordt vervolgd.

Bezoek

Morgen, vrijdag de 13e rond 18:00, landt een toestel van Transavia met aan boord Angelique, Danny, vriendin Erika en de moeder van Teunis. Voor het eerst sinds september vorig jaar heb ik weer familie op bezoek, en aan Angelique en Danny de eer om als eerste gasten te verblijven in het huisje. Teunis’ moeder verblijft bij mij in huis, terwijl Erika op tien minuten lopen in een kleine studio verblijft.

Ze komen voor een weekje vakantie, om te zien wat er van de plannen terecht is gekomen, maar ook voor een moeilijk moment: het laatste afscheid van Teunis op Montaña Matos. Oorspronkelijk zouden mijn ouders ook zijn gekomen en zouden zij als eersten verblijven in het huisje, maar een plotselinge achteruitgang in de gezondheid van mijn vader maakte dat helaas niet mogelijk.

Het is de laatste weken toch behoorlijk wat werk geweest om het huisje helemaal “af” te krijgen, maar het is gelukt. Op de stroomaansluiting na dan, daarover zo dadelijk meer. Eerst een sfeerimpressie:

 

Die stroomaansluiting dan. Dat is een project dat inmiddels veertien maanden loopt. De voortgang van de afgelopen anderhalve maand is dat er een gat is gegraven voor de paal (in eerste instantie niet diep genoeg) en dat enkele weken later dan toch echt de paal zelf is geplaatst. Het was, al met al, zo gepiept.

 

Het uiteinde van “mijn” stroomkabel raakt nu bijna het punt waarop hij aangesloten zal worden op het stroomnetwerk van Unelco. Het zijn echt luttele centimeters, maar er is me verteld dat dit echt nog weken tot maanden kan gaan duren. Voor een deel is dit te wijten aan bureaucratie (het bouwproject moet formeel worden afgerond en daar komt veel papierwerk bij kijken) en voor een deel zijn het de herstelwerkzaamheden na de vulkaanuitbarsting die uiteraard voorrang krijgen. Wordt vervolgd dus…

In de tussentijd, als je het geen punt vindt om rekening met elkaar te houden als je wilt koken, kun je het huisje hier reserveren.

Van start!

De container en het bouwafval zijn weg… ik beschik over razendsnel glasvezelinternet en zit er warmpjes bij… er is een mooi pad aangelegd tussen het grote huis en de schuur… de tuin voor het kleine huis is af… en de lista de puntos (de lijst van nog af te ronden zaken waarmee ik aannemer Óscar steeds achter de vodden zit) is geslonken tot een acceptabele tien punten.

 

Eigenlijk staat er op die lijst nog maar één punt dat echt belangrijk is, en dat is de stroomaansluiting. Een karwei van niets, maar ja, electriciëns zijn momenteel schaars omdat er door de vulkaan veel herstelwerk gedaan moet worden. En dus is het wachten tot er één tussen z’n andere klussen door tijd over heeft. Daarna is er nog het papierwerk dat nodig is voordat de netwerkbeheerder de schakelaar wil omzetten en er daadwerkelijk stroom beschikbaar komt. Daar heeft men enkele maanden voor nodig, is me verteld.

 

Wel is het kleine huis inmiddels aangesloten op de oude stroomaansluiting. Samen delen de huisjes een aansluiting van 3,5 kilowatt, genoeg om beide huizen te verlichten en te verwarmen, of om op twee plaatsen tegelijk een wasje weg te draaien, maar onvoldoende om in beide huizen tegelijkertijd te koken. Als dat zou gebeuren dan gaat gegarandeerd de veiligheidsschakelaar om en zitten we (even) met z’n allen in het donker. Als je daar wat afspraken met elkaar over zou kunnen maken dan is het eigenlijk best te doen, maar ja, zoiets ga je niet aan een willekeurige vreemde vragen die in je huisje verblijft.

 

Dit gegeven kwam bovenop een overweging waarmee ik al een tijdje rond liep: ik wil niet langer wachten met de verhuur, maar ik wil ook niet direct gaan verhuren aan iedereen. Ik wil starten met een overgangsperiode van een paar maanden waarin ik alleen verhuur aan bekenden. Dat geeft me ruimte om nog wat zaken af te ronden, puntjes op de i te zetten en het vak van gastheer te leren. En met de  gedeelde oude stroomaansluiting kan het eigenlijk best, als je dus maar die kook-afspraken maakt (of lekker uit eten gaat, of met mij mee-eet). De afgelopen weken ben ik daarom begonnen met het bij elkaar sprokkelen van de kleine inventaris. Daar heb ik nog twee weken voor nodig. Daarna krijgt het huisje een grote schoonmaakbeurt en is het klaar voor de verhuur. De datum? Vrijdag 15 april!

 

Dus heb je interesse om vanaf 15 april in het huis te verblijven, stuur me dan een bericht via de pagina “Reserveren” 🙂

Het wordt al wat

Deze week zijn Óscar en zijn mannen weer aan de slag gegaan en, het moet gezegd worden, ze zijn aardig opgeschoten. Ik had een lange lijst gemaakt met zaken die nog gedaan moesten worden of beter afgewerkt, en ik kan inmiddels aardig wat afstrepen. Ik moest zelf ook hoognodig aan de slag, en ook dat is redelijk gelukt.

Eén van de dingen die ik heb gedaan, is het leeghalen van de container.  Eindelijk kunnen de meubels die Teunis en ik in de zomer van 2018 via Marktplaats bij elkaar hebben gezocht het daglicht weer zien. Ik ben er aan alle kanten langs gelopen en ik denk dat we ze goed hebben uitgekozen. Tegelijk was het ook weer even een lastig momentje, ik had dit zó graag samen gedaan…

 

Jacques en Francis hebben intussen een mooie tuin ingericht. Onderhoudsarm en met veel inheemse planten, zoals ze me in hun eigen tuin hadden laten zien. De planten zijn nog klein en ze moeten nog aanslaan, maar ik kan me al aardig voorstellen hoe het worden gaat. Ik ben er blij mee.

 

Ik denk dat Óscar, als hij in dit tempo doorgaat, zo rond het einde van de maand klaar kan zijn. Dan blijft alleen de stroomaansluiting nog over. Er moet nog een paal worden geplaatst, en dan kan de aansluiting met het bestaande netwerk worden gemaakt. Vervolgens moet Unelco, de netwerkbeheerder, de zaak komen controleren alvorens de aansluiting in gebruik kan worden genomen. Dat kan helaas een zaak van lange adem worden. We gaan het wederom zien.

Tot het zover is, kan ik me alvast bezighouden met het inrichten van het huis. Het is tijd om de eierdopjes te gaan bestellen!

En deze zonsondergang is weliswaar al even geleden (25 december) maar ik wil hem hier toch nog laten zien.

 

Hij slaapt / Er zit weer schot in

Vandaag precies een week geleden liep ik met de honden het avondrondje toen ik richting het zuiden een witte paddestoelwolk zag. Wat krijgen we nu weer met die vulkaan, dacht ik, en ik ben toen doorgelopen naar de Matos om het allemaal wat beter te kunnen zien. Een enorme wolk van stoom en as, die volgens de kranten vijf kilometer hoog moet zijn geweest en die vanaf de andere eilanden (Tenerife, Gomera) te zien moet zijn geweest.

 

Hoe dreigend het er ook uitzag, een week later lijkt het er toch echt een beetje op dat de vulkaan hiermee zijn laatste adem heeft uitgeblazen. Het is stil geworden. De zuidenwind voert geen as meer mee. De grond rommelt niet meer en ook de “tremor” (het getril dat ontstaat door opstijgend magma) wordt niet meer gemeten. De geologische dienst telt af tot tien dagen (de dag voor kerst) voordat zij de vulkaan voor dood verklaren, en iedereen houdt intussen de adem in.

Tien dagen of niet: we mogen niet te vroeg juichen. In 1949 was de vulkaan San Juan drie hele weken stil alvorens hij op drie nieuwe plekken in alle hevigheid opnieuw uitbarstte. En meetstation LP3, dat het dichtst bij de vulkaan ligt en wel vaker gekke metingen doet, meet sinds vandaag een verhoging van de grond van zes centimeter. Het zou toch niet…?

 

Intussen kan worden begonnen met het opmaken van de schade. Die is echt gigantisch. Vergelijk de foto’s hierboven, hetzelfde gebied vóór en ná de uitbarsting. Eens een levendig dorpje (Todoque), nu een marslandschap. De lava is hier tientallen meters dik. Denk maar niet dat hier in de komende jaren weer gebouwd kan worden… en dit is slechts een klein deel van het gebied dat vernietigd is.

Het slapende monster blijkt intussen ook een (bescheiden) schepper. De eerste strandjes vormen zich al langs de rafelranden waar de lava in zee is gestroomd. In de toekomst is dit misschien de lokatie van kiosko’s zoals die in El Remo, als er tenminste een weg naartoe kan worden aangelegd.

 

Hoe gaat het de komende jaren worden op La Palma? Waar gaan de mensen wonen die hun huizen zijn kwijtgeraakt? Gaan gemeenten als Garafía, Puntagorda en Tijarafe, waar in principe nog grond genoeg is, hun bestemmingsplannen wijzigen zodat er gewoond kan worden in gebieden die tot nu toe voor landbouw zijn gereserveerd? En wat als dat niet gebeurt, waar gaan die mensen dán wonen? Vooralsnog hoor je hier erg weinig over en schieten de prijzen van grond en onroerend goed omhoog. Heel erg treurig voor hen die geen geld of benul hadden voor een goede verzekering en die nu wachten op (karige) compensatie door de overheid.

Intussen zit er op de finca gelukkig weer wat schot in de zaak. Misschien helpt het dat aannemer Óscar op een andere plek eindelijk aan de gang kan ;-). Jorge en Angel, metselaars, blijken onder begeleiding van Fernando heel aardig timmermanswerk te kunnen afleveren. Het grote huis heeft nu, 14 maanden nadat Teunis en ik er kwamen wonen, eindelijk twee mooie veranda’s op de westzijde. Voor de kerst zijn ze klaar; ik kan ze nog net op tijd met lichtjes versieren.

 

Er is ook goed nieuws te melden wat betreft stroom en internet. De kabels zijn gelegd over het terrein van de bovenbuurvrouw, en daarmee zijn we niet langer meer afhankelijk van haar nukken. Het laatste stukje van het traject (zo’n veertig meter) kan nu gegraven worden, en de kabels gelegd tot aan de paal waar ze worden aangesloten op het bestaande net. Óscar is hoopvol en denkt het allemaal in één enkele dag (komende woensdag) voor elkaar te krijgen.

De glasvezelverbinding ligt er ook. Tot aan het schuurtje weliswaar, nog niet tot aan beide huizen. Maar dat zou volgens Óscar ook voor de kerst moeten gaan gebeuren. We gaan het zien. Intussen is het vermoedelijk het enige schuurtje op La Palma dat over een 600mbit-verbinding beschikt. Op de foto zie je trouwens hoe Jorge en Angel de meterkast met cement vastzetten. Het is weer zo’n kleine mijlpaal.

 

De andere foto laat zien dat ook de tuin van het kleine huis vordert. Twee weken geleden heb ik Jacques van Jardin El Paraiso hier in Puntagorda gevraagd of hij me wilde helpen met de tuinaanleg. Hij kwam met een paar goede ideeën. Om te beginnen een muurtje van grote keien om ervoor te zorgen dat de taluds niet verzakken. Dat muurtje is vandaag gemaakt en zie je al op de foto. Daarna gaan we tuin en taluds samen beplanten met diverse soorten agaves, aloës en andere vetplanten. In zijn eigen tuin liet hij me zien welke varianten er allemaal zijn; er staat straks het gehele jaar door wel wat in bloei.

 

Om ervoor te zorgen dat de planten straks niet overwoekerd worden door onkruid, gaan we de grond bedekken met vuistgrote stenen. De planten worden daartussen gezet, waarna met fijn zwart vulkaanzand de kieren worden opgevuld. Zo heb je geen worteldoek nodig en oogt het allemaal wat natuurlijker. Op die manier hoop ik straks een mooie en onderhoudsarme tuin te hebben, die ook een beetje past binnen de boomgaard.

Dit is mijn laatste berichtje in het jaar 2021. Hoewel het gemis groot is en ik me over veel dingen zorgen maak: het gaat goed met me. Aan iedereen die Teunis en mij het afgelopen halve jaar heeft geholpen of er “gewoon” voor ons was: dankjewel!

Heel fijne feestdagen toegewenst, geniet van elkaar en van de gezelligheid, ook al is het door de coronamaatregelen misschien in kleine kring.

Met kleine stapjes vooruit

Vijf weken geleden is het alweer sinds mijn laatste blogpost. Ik had toen net met Hans en John een mooie wandeling gemaakt in het noorden. In de tussentijd ben ik nog een week in Nederland geweest, o.a. voor de verjaardag van Angelique. Het was (heel erg!) fijn om er weer even te zijn, maar ik had eigenlijk te weinig tijd voor mijn familie omdat er nog steeds zoveel geregeld moest worden i.v.m. het overlijden van Teunis. In Nederland lijkt wat dat betreft het meeste geregel wel achter de rug, maar in La Palma moet het eigenlijk nog beginnen. En had ik al verteld dat ik een deeltijdbaan heb gevonden, bij hogeschool Saxion in Enschede? Soms is er een pandemie nodig om in te zien dat werken op afstand misschien niet ideaal, maar best wel mogelijk is.

 

Het reizen tussen La Palma en Nederland is er dankzij de vulkaan niet gemakkelijker op geworden. Omdat El Monstruo (Het Monster; een officiële naam heeft de vulkaan al die tijd nog niet gekregen) met zijn asregens het vliegverkeer regelmatig ontregelt, is het maar de vraag hoe je van het eiland vertrekt (of er weer aankomt). Je vlucht kan zomaar enkele uren van tevoren worden geannuleerd als de wind de verkeerde richting uit waait. Ook de korte vluchten tussen de eilanden vallen regelmatig uit. Dan resteert de veerboot. Die gaat altijd, maar met ruwe zee is het bepaald geen pretje. Vanaf  buur-eiland Tenerife vlieg je dan alsnog op en neer naar Nederland, al dan niet met een tussenstop in Madrid.

Op de foto zie je trouwens hoe de landingsbaan wordt schoongemaakt. De foto komt uit een Duits krantje en de journalist schreef erbij “bijna de hel op aarde”. Het lijkt me geen gezond werk.

 

Elf weken houdt de vulkaan het inmiddels vol. Terwijl de lava steeds weer nieuwe routes zoekt en nieuwe gebieden bedekt, regent het as en zijn er onophoudelijk kleinere en grotere aardbevingen die je tot hier aan toe kunt voelen. Afgelopen vrijdag en zaterdag werd het ineens rustig; zou het misschien…? Maar nee, vandaag opende zich een nieuwe mond en was het gebulder tot in Puntagorda te horen. Het is echt een loodzware beproeving voor de mensen in het Aridanedal. En soms zie je foto’s in de krant die bijna niet te geloven zijn, wat te denken van een nieuwe kratermond die zich in de voortuin van een huis opent? Of een kei zo groot als een vrachtwagen die als gevolg van een aardbeving naar beneden komt rollen? Het ooit zo levendige Puerto Naos? Al sinds het begin van de uitbarsting een spookstadje waar een steeds dikkere aslaag zich op de straten en daken verzamelt.

 

Terug naar huis dus, voor vrolijker berichten. De bouw vordert, zoals altijd, traag maar gestaag. De elektriciteitskabels zijn geplaatst zodat we daarvoor alvast niet meer op het terrein van de bovenbuurvrouw hoeven te zijn. Helaas kwamen de mannen van de glasvezel niet opdagen wegens een foutje bij de verwerking van de aanvraag. Hopelijk komen ze volgende week alsnog… Pas daarna kan het laatste deel van de sleuf worden gegraven tot aan het aansluitpunt op het bestaande netwerk en kan er een moeilijk hoofdstuk worden afgesloten.

Op eigen terrein wordt er gewerkt aan de veranda’s en afdakjes bij beide huizen. Jorge en Angel zijn eigenlijk metselaars, maar met advies van timmerman Fernando (inmiddels met pensioen) zijn ze goed bezig. Langzaam maar zeker ronden ze zo de bouw af, en kan begonnen worden met de laatste details.

 

Ik ben zelf begonnen om een hek te maken langs de rand van het terras van het huurhuisje. Ik wilde iets maken dat landelijk is, dat de rand goed markeert en dat níet uitnodigt om er even flink tegenaan te leunen. Tussen de palen komt daarom een dik koord, maar dat moest nog worden besteld.

 

Inmiddels beginnen zich ook de eerste ideeën voor de inrichting van de tuin van het huisje te vormen. Maar daarover meer in een ander bericht.

Vier weken verder

Vandaag vier weken geleden barstte de vulkaan (die nog altijd geen naam heeft) uit. Vier weken waarin de lava steeds weer een nieuwe route koos, met vernietiging, asregens, smog, gebulder en (de laatste week steeds nadrukkelijker voelbaar) aardbevingen. De vulkaan heeft er duidelijk nog flink zin in, en niemand durft te voorspellen wanneer  het afgelopen zal zijn. Voor degenen die zich zorgen maken: in Puntagorda  is het veilig, en bestaat de enige overlast uit wat as en af en toe een voelbare trilling.

 

Maar elders op het eiland is het toch echt een enorme ramp, met intussen bijna tweeduizend huizen en gebouwen die zijn vernietigd en zevenduizend mensen die geëvacueerd zijn (op een bevolking van 80.000). Wat de schade vooral zo groot maakt, is de lokatie van de uitbarsting, direct boven dichtbebouwd gebied. De kaartjes laten trouwens de situatie zien van gisteren (16 oktober).

 

Intussen proberen Oscar en zijn mannen door te werken aan het kleine huis. Het gaat langzaam want één van de mannen woont in bedreigd gebied en is inmiddels met zijn hele familie geëvacueerd. Dan heb je wel wat anders aan je hoofd dan werk. Ze hebben de veranda nog af kunnen maken, en daarmee is het huisje ook bijna af. Er ontbreekt alleen nog een afdakje boven de voordeur. Daarna kan ik aan de gang met de tuin en met de aarden wallen aan weerszijden van de stenen muur.

 

Het spannendst is nog steeds het dossier “elektriciteitsaansluiting”. De relatie met de bovenbuurvrouw is weer ouderwets moeizaam, en ook gemeente en stroombedrijf werken niet erg mee. Het stroombedrijf wil dat een al aangelegd deel alsnog bovengronds via palen wordt overbrugd, maar de gemeente staat op onze lokatie geen bovengrondse leidingen toe. De oplossing is om voor dit stuk dan maar een andere route te kiezen, met een nieuwe sleuf die vlak langs het terrein van de bovenbuurvrouw gegraven moet moet worden… Het is gelukkig niet óp haar terrein, maar ik kan me haar reaktie al aardig voorstellen. Wordt vervolgd…

Binnenin het kleine huis ben ik zelf aan het werk. De keuken, slaapkamer en  badkamer zijn bijna klaar. Het gaat langzaam maar gestaag. Alleen de woonkamer is nog een puinhoop; die staat vol met spullen uit de schuurtjes omdat die worden opgeknapt. Te zijnertijd krijgen de uit Nederland meegebrachte teakhouten meubelen hier een plek. Ik ben benieuwd in welke staat ze zijn na pakweg drie jaar in de container te hebben gestaan…

 

Het is leuk om het huisje te zien vorderen, maar ook frustrerend dat het zo ontzettend langzaam gaat. De bouwstress is blijkbaar een constante, en het zal een pak van m’n hart zijn als het dossier elektriciteitsaansluiting kan worden afgesloten. Want dan is het toch écht (bijna) klaar.

Opkrabbelen

Het is nu een maand geleden dat Teunis overleed. Sindsdien is het een emotionele en hectische tijd geweest waarbij ik steeds in een soort overlevingsstand heb gestaan. Mijn ene hersenhelft was continu bezig om van alles te regelen, de andere probeerde te bevatten wat Teunis en mij in de voorgaande weken allemaal is overkomen. Gelukkig hebben beide hersenhelften hulp gekregen, van vele kanten.

Het is ook een tijd geweest van nadenken en knopen doorhakken. Ik heb al vrij snel besloten dat ik terug wilde naar La Palma, en dat ik wilde doorgaan met onze plannen. Ik heb besloten om ons project af te maken, in afgeslankte vorm met één huurhuisje-met-zwembad, en dat ik daarna een tijd lang rust wil, zonder bouwactiviteiten om me heen. Ik heb mezelf een jaar de tijd gegeven om erachter te komen of ik het op La Palma weer naar m’n zin ga krijgen, of er weer iets van blijheid terugkomt in het dagelijkse leven. Want ik ben in praktische zin misschien een heel eind opgekrabbeld, emotioneel is er nog een lange weg te gaan. Na dit “bezinningsjaar” zie ik wel weer verder.

En zo heb ik ook, na toch wel lang twijfelen, besloten dat ik een poging ga wagen om het blog voort te zetten. Geen idee of ik het volhou, maar hier gaat ‘ie dan:

Sinds 5 augustus ben ik weer op La Palma, in gezelschap van Angelique die niet wilde dat ik alleen thuis zou komen. Dankzij een invoelende manager mag ze een paar weken op afstand haar werk doen, zodat ik wat kan wennen voordat ik voor het eerst echt alleen thuis ben.

 

Het was ontzettend fijn om te zien hoe goed er tijdens onze afwezigheid voor alles was gezorgd door onze vrienden op La Palma. De voortuin stond er prachtig bij. Als we van een vakantie terugkwamen dan liep Teunis altijd eerst door de tuin, en ik weet zeker dat hij dat nu met veel plezier zou hebben gedaan. Het was voor mij het eerste emotionele momentje bij thuiskomst.

 

Ook de honden hebben het overduidelijk goed naar hun zin gehad. Dankzij lange wandelingen door de velden hier in de omgeving, zat hun vacht helemaal vol met stekelige zaden. De uit Nederland meegebrachte klittenkam en een schaar brachten gelukkig uitkomst. Overigens is het op dit moment erg warm, 37 graden, en doen we het qua wandelen rustig aan. Ik vraag me af wat er in die koppies omgaat, zouden zij Teunis nog missen?

 

De boomgaard had wel enig maaiwerk nodig maar voor mij was het als een soort therapie. ‘s Ochtend een paar uur werken achter de computer, ‘s middags boodschappen doen, de administratie bijwerken, onderhoud aan de boomgaard of klussen in het vakantiehuisje. Een drukke agenda maar zo zal het vanaf nu gaan.

 

Het vakantiehuisje nadert nu echt zijn voltooiing. Nog even en ik kan binnen aan de slag met schoonmaken en het installeren van de keuken. En als het gaat zoals ik hoop, wordt er in september een zwembad  gebouwd en een tuin aangelegd. Daarna moet het klaar zijn. Vamos a ver.

Even bijpraten dan maar…

‘April voorbij, boekhoudertjes blij’,  zegt het aloude Nederlandse spreekwoord. En zo is het. Alle deadlines voor het opstellen van jaarrekeningen en het indienen van belastingaangiftes werden weer gehaald. Maar er was niet veel tijd voor iets anders in de afgelopen weken. En als die tijd er even wel was, was er de fut niet. Maar nu is het 2 mei. April is voorbij. De boekhouder is blij. Tijd om even bij te praten. Tijd voor een nieuwe blogpost.

Los van de jaarlijkse werkpiek, kabbelden de dagen eigenlijk een beetje voorbij. We plukten en verkochten sinaasappels en avocado’s, dronken ook heel veel (overheerlijke, zoete) sinaasappelsap en aten veel gerechten met guacomole. De avocado’s zijn voor dit jaar geplukt en de sinaasappeloogst loopt op de laatste benen.

 

De bloesems zijn verdwenen uit de citrusbomen. De nieuwe vruchten voor volgend jaar volop in de maak.

 

Maar met fruitbomen zijn er altijd fruitbomenzorgen, weten we inmiddels. ‘Opeens’ ontstaan er bij een flink  aantal van de sinaasappelbomen kale takken in de richting waar de (koude) noordenwind vandaan komt. Wat is dit nu weer en wat moeten we er aan doen? Zo is het altijd wat. Gelukkig is Marc weer op het eiland. Marc is een goede kennis uit Zwitserland die een paar honderd meter boven ons aan de Camino de Pinto een sinaasappelboomgaard bezit. Die boomgaard heeft hij al meer dan twintig jaar. Hij is dus ‘sinaasappelexpert’. We hopen dat hij kan duiden welk type plaagbeestje er nu weer achter de kaal wordende takken zit en hoe het beestje bestreden moet worden. Er zijn overigens helemaal geen beestjes te zien op de bomen…

 

Boer-en-tuinder-zorgen zijn er ook een beetje over de avocado-bomen. Hieronder zie je een plaatje van een ‘goede’ boom, uit de jonge aanplant. Maakt bloemen aan. Maakt nieuwe bladeren aan. Dat moet ongeveer in april gebeuren. In april stijgen normaal gesproken de temperaturen hier weer en avocadobomen houden van warmte.

 

Maar veel van onze nieuwe-aanplant-bomen die het tot voor kort heel erg goed deden, maken momenteel uitsluitend bloemen aan en geen blad. We hadden een ‘koud’ voorjaar hier, met relatief veel regen. Is het  voor sommige bomen te koud geweest? Is het te nat geweest? En waarom dan voor andere bomen niet? Is er iets anders aan de hand? We weten het niet. Alles blijft gissen. We wachten maar even af, wat er de komende weken gebeurt.

 

Vanuit de bloemen horen bladeren te worden aangemaakt. Bij de probleembomen gebeurt dit echter niet.

 

Op een grote helling, in het midden van onze boomgaard, ben ik vorig jaar een ‘proeftuintje’ begonnen, zeg maar mijn eigen fieldlab, alleen dan wat goedkoper. Ik wilde uitproberen of het zou kunnen lukken om met kleine stekjes uit de bermen hier iets van een natuurlijke, onderhoudsarme beplantingszone te maken. Vorig jaar oktober, aan het einde van de zomer, zag de proeftuin er zó uit:

 

Eind vorig jaar was de conclusie dat het op deze manier haalbaar zou zijn om veel van de droge kale hellingen en taluds in onze boomgaard, met deze werkwijze op een mooie, maar goedkope manier een wat groenere aanblik te geven. Hoewel je het op de foto’s hierboven nog niet echt kunt zien, denk ik, zag ik dat de ienieminiestekjes aansloegen in de grond en na een eerste moeizame periode flink begonnen te groeien.

Ik had echter buiten de winter gerekend. Ik schreef het al: het was hier nat en koud, dit voorjaar. Voor La Palma-begrippen dan. Overal spoot het kruid omhoog met als resultaat dat we ongeveer twee maanden lang konden genieten van een bloemenpracht op onze kale hellingen, zoals we nog nooit hadden gezien. Echt heel mooi. Maar met een desastreus effect op de proeftuin. Er was geen plantje meer te zien, alleen nog maar onkruid.

De foto hieronder geeft je een indruk hoe alles er uit zag, nadat de omgeving van het tuintje door Ruud was gemaaid. Alle proefplanten overwoekerd en vast en zeker verstikt, dacht ik.

 

Maar dat viel mee. Op een zaterdag in april ben ik met mijn blote handen het onkruid gaan verwijderen. De beplanting kwam beetje bij beetje weer te voorschijn. Gezond en wel en flink gegroeid. Alleen de grondbedekkers hebben geen weerstand kunnen bieden aan het onkruidgeweld en werden weggedrukt.

 

De beplanting gaat het wel redden, weet ik nu. Met name de agaves gaan ooit heel groot worden en een een soort van ‘muur’ vormen met elkaar, zoals de bedoeling was. Ik zoek nog naar een idee om totdat het zover is,  toch iets van een begroeiing tussen de planten door te krijgen. Ik ga het deze zomer nog een keer proberen met inheemse grondbedekkers, denk ik.

Twee weken geleden begonnen we eindelijk het het Grand Project van het aanleggen van een volwaardige  aansluiting van ons terrein op het electriciteitsnetwerk. Hieronder zie je een overzichtkaartje. De rode lijn (van rechts naar links) geeft aan wat er moet worden aangelegd om onze huizen te kunnen voorzien van stroom en van supersnel internet. De blauwe lijn geeft de grens aan tussen ons terrein en dat van onze bovenbuurvrouw. Zoals je kunt zien moet het overgrote deel van de  werkzaamheden op haar terrein plaats vinden. We kwamen tot een afspraak. Zij formaliseerde haar toestemming door de verklaring te ondertekenen die het elektriciteitsbedrijf in een situatie als deze verlangt.

 

Ik ben niet zo van de techniek, dus je krijgt van mijn geen beschrijving van alle ins-en-outs van de uitgevoerde werkzaamheden. Maar alles zag er ongeveer zó uit. We vroegen dus nogal wat van onze buurvrouw. Gelukkig was ze niet zelf op het eiland, zodat ze de tijdelijke ontwrichting van haar terrein niet met eigen ogen heeft hoeven te zien.

 

We compenseren haar voor de overlast die we bezorgen. De instorting van haar muur die onze kavels van elkaar scheidt, wordt op onze kosten gerepareerd. Daarnaast wordt er op haar terrein op onze kosten een betonnen weggetje aangelegd, zodat één van haar vakantiehuisjes beter bereikbaar wordt. De werkzaamheden worden door onze aannemer uitgevoerd.

Als ik dit schrijf zijn de werkzaamheden nog niet helemaal afgrond. Alles gaat op z’n Palmees. Een planning, is een planning, is een planning. Maar die voer je stapje voor stapje uit. En pas als je stapje1 hebt gehad, bekijk je welke problemen je tegenkomt bij de uitvoering van stap2.  Uiteindelijk zullen we er wel gaan komen.

Halverwege de werkzaamheden hadden we toch weer een akkefietje met bovenbuurvrouw. Zij legde na een telefoontje aan Ruud met veel misbaar en geschreeuw het werk op haar terrein stil, op een moment dat er onomkeerbaar al heel veel van onze investering in haar grond was gestoken en stelde aanvullende compensatie-eisen die ons veel geld zouden gaan kosten. Stress. Conflict. We voelden ons onheus bejegend en tegelijkertijd ook vakkundig klem gezet. Gelukkig wist iemand uit haar omgeving te bemiddelen en lijkt het erop dat we alsnog een afspraak hebben. Het werk kan in elk geval weer door. Rechtstreekse communicatie met buurvrouw is echter niet meer mogelijk. Het leven op La Palma gaat soms niet over rozen. We hebben het ermee te doen. Inmiddels loopt het werk weer. Onze buurvrouw heet weer ‘boze bovenbuurvrouw’, en we gaan haar maar zoveel mogelijk proberen te negeren. Jammer dat alles zo is gelopen na het overlijden van haar vader. Hij was een prettige man in de omgang.

Met de graafwerkzaamheden voor de stroomaansluiting was er eindelijk ook  een pala, een graafmachine, aanwezig om achter ons Grote Huis de grond aan te vullen. Een half jaar na oplevering is het grondwerk rondom ons huis nu helemaal af.

 

Ook de tuin tussen het huis en de Camino de Pinto begint vorm te krijgen. Geplante struiken en stekjes hadden grote moeite om te aarden in onze ‘lava-klei’. Het duurt soms meerdere  maanden voordat een geplante struik of plant aanslaat. Ik denk dat de grond eenvoudigweg te hard en te zuurstofarm is voor kleine beginnende worteltjes. Maar er is bijna niks over de kop gegaan. Alles groeit en bloeit nu. Over een jaar of twee, drie zijn de struiken zo groot gegroeid dat we ‘vrij’ van de weg zitten, denk ik. Tussen ons terras en de Camino in groeit dan een muur van bloemrijke struiken.

 

In het begin van april hadden we een week lang flink veel regen. Ik schreef het al: het is een koud, nat voorjaar op het eiland. Na de regens verschenen de bichos.

 

Niet 1, niet 2, maar misschien wel 10.000. De dag was voor ons, maar de nacht was voor de Bichos. Na elke schoonmaakactie kwamen ze weer met legioenen tegelijk vanuit het gras ons terras en daarna onze muur bezetten. De buitenmuren zaten er helemaal vol mee. Ik heb er geen foto’s van gemaakt, kon het niet aanzien. Inmiddels is de plaag met een ‘middeltje van de Colmegran, dat Ruud mocht kopen omdat er verder geen klant in de winkel aanwezig was,  weer onder controle. Voor het gebruik van dit soort middeltjes moet je op La Palma eigenlijk eerst een cursus volgen en dan een vergunning krijgen, voordat je het in de winkel mag kopen en mag gebruiken bij je eigen huis.

We hadden dus veel proteïnen rond lopen op de stoep van ons huis. Ik heb het er het Klingon-Zomer-Receptenboek op na geslagen en we hebben er heerlijk van gegeten. Gaghschotel met Guacomoledip.

 

Onze Fenna werd twaalf in april. Dat is een hele leeftijd voor een hond. Hoewel alles al een tijdje wat trager gaat bij het hondje, maakt ze op ons nog een fitte,  gezonde en levenslustige indruk. Met het klimmen van de jaren, zien we haar meer en meer karakter krijgen. Eigenzinnig. Op een hele introverte manier nieuwsgierig. Altijd zoeken naar gemak en comfort. Als het op het moment van  brokjes-krijgen aankomt, kan Fenna klok kijken. Wat ons betreft doet Fenna op deze manier nog een flink aantal jaren met ons mee.

 

De maand april stond voor ons ook weer eens in het teken van wachten. We wachtten, en wachten nog steeds, op de zak met geld die ‘hypotheek’ heet. Ik ga de hele geschiedenis hier niet herhalen, maar trouwe lezers weten dat Ruud en ik bezig zijn met een vermelding in het Guiness Book of Records te krijgen als het gaat om de langst lopende hypotheekaanvraag aller tijden.

 

‘Dos semanitas’ vertelde de taxateur ons, toen hij voor de tweede keer de waarde van ons plot kwam opnemen. Twee weekjes had hij nodig om zijn rapport aan de Caixabank te kunnen overleggen. Inmiddels gaan we  Semanita Cinco in. Wachten duurt altijd lang. Op La Palma is wachten op instanties en autoriteiten echter tot een levenskunst verheven. Een levenskunst die Ruud en (vooral) ik niet altijd even goed beheersen. We zullen echter wel moeten. In de maand mei moet alles rond komen, anders is het geld op en zetten we ons project na het afbouwen van het Eerste Kleine Huis stop. In dat scenario sparen we het Tweede Kleine Huis zelf bij elkaar. Dat lukt uiteindelijk wel, maar zou toch een flinke financiële strop voor ons zijn. We lopen dan immers flink wat verhuurinkomsten mis in de komende twee jaar.

We maken er ons nog steeds niet al teveel zorgen over. Cijfers liegen meestal niet, dus die aanvraag komt uiteindelijk wel goed. Maar als iemand ons drie jaar geleden in Nederland zou hebben verklaard dat rond de hypotheekaanvraag dit scenario zich zou gaan ontrollen, weet ik zeker dat we ander plan hadden gemaakt voor onze toekomst. Met dank aan de makelaars met wiens hulp wij destijds de aankoop van ons terrein regelden. Hún onzorgvuldigheid, gecombineerd met óns vertrouwen in hun deskundigheid, liggen ten grondslag aan de problemen met de hypotheek.

Slowmotion Island, noem ik La Palma vaak in mijn gedachten, op de meer sombere momenten. Je moet ermee leven, maar dat valt niet altijd mee. Ik moet dan ook altijd aan een tv-serie uit mijn vroegste jeugd denken. Tita-tovernaar. ‘Dan doe ik DIT.. en alles staat STIL…’ Tica en haar vader waren hier vaak rond. Ik moet maar eens op zoek naar het Luchtkasteel.

 

Tegelijkertijd bedenk ik me dan maar dat Ruud en ik destijds onder andere voor een toekomst op La Palma kozen vanwege de rust en de kalmte die  voor ons gevoel  als een weldadige deken over het dagelijkse leven op het eiland hangt. Die rust en die kalmte kennen natuurlijk ook een keerzijde. Een ietwat verstikkende keerzijde, waarin de tijd langzaam pruttelt in de kookpot van Grobelia en alle haast en initiatief wordt gesmoord in een papje van papier en procedures.  Dat moeten we dan maar accepteren. Niemand lijkt zich echt druk te maken hier 🙂 . Geen 24u-economie hier.  Geen 24/7 bereikbaarheid en actie. Fijn en niet fijn. Tegelijkertijd.

 

Wat vind je trouwens van het uitzicht vanuit mijn kantoortje, aan het einde van een werkdag?

Laatste Loodjes voor het Eerste Kleine Huis

De bouw van het Eerste Kleine Huis is in de fase van de Laatste Loodjes aanbeland. En zo als het gaat met laatste loodjes, ze wegen altijd zwaar. De afronding van alles verloopt in een tergend traag tempo. Semana Santa (dat is de week voorafgaand aan Pasen, waarin vrijwel heel Spanje vrij heeft, een beetje vergelijkbaar met de week tussen kerst en oud-en-nieuw in Nederland); De meniscus-blessure van Jorge;  Een overlijdensgeval in de familie van Óscar;  En natuurlijk het trage tempo waarin onze hypotheek tot stand komt;  het werkt allemaal niet mee aan een snelle afronding. Terwijl Ruud en ik er zó aan toe zijn om het huisje ‘af’ te hebben…  Maar goed, uiteindelijk komt alles toch wel goed, op La Palma. Dus het huisje zal ook wel afkomen.

Vandaag komt de taxateur om de waarde van ons grondstuk en ons project te bepalen. We hopen dat hij een beetje tempo kan maken met het opstellen van zijn rapport. Als het goed is, geeft dat rapport het laatste groene licht dat nodig is voor onze hypotheek.

Het Eerste Kleine Huis staat er nu zó bij: Aan de buitenkant is alles klaar, behalve de laatste verflaag op de muren en het terras aan de oceaanzijde van het huis. Ook moet er nog een halve veranda aan de oceaanzijde van het huisje worden gemaakt door de timmermannen. In een vervolgfase komt er dan nog het zwembad, ook aan de oceaanzijde van het huis. En natuurlijk moeten we de tuin rondom het huis nog gaan inrichten.

 

Ook binnen is alles vrijwel afgerond. De binnenzijde van het dak moet nog met een laatste brandwerende laklaag worden afgewerkt. Die laag geeft het dak ook een nog net iets donkerder kleur en zorgt ervoor dat het hout een beetje gaat glimmen. De muren zijn afgewerkt. De stenen vloer en stenen plinten zijn afgewerkt. De binnenhuis-aansluitingen voor de elektra en het water zijn afgerond. Normaal gesproken zou Ruud nu bezig zijn met het inbouwen van de keuken. Maar. We wachten op het los komen van de hypotheek. In de douche moet nog een glazen spatscherm worden aangebracht. Na dit alles kunnen we gaan schoonmaken en kunnen de meubels vanuit de container en vanuit diverse winkels worden ingevlogen.

 

Tijdens de voorbije regenperiode gebeurde er achter ons betonnen schuurtje dít. De terrasmuur van onze bovenbuurvrouw, tevens de erfgrens tussen ons terrrein en haar terrein, stortte gedeeltelijk in. De instorting gaf gelukkig geen grote schade, hoewel dat wel had kunnen zijn, want onze irrigatiewaterleiding (waarop een enorm hoge waterdruk staat) werd bedolven onder een aantal grote rotsblokken. Buurvrouw in paniek. Want dit moet zij repareren. Maar zo’n reparatie is nog niet zo gemakkelijk en kost een hoop geld.

 

De ineenstorting van het muurtje was voor ons een beetje een geluk bij een ongeluk. Door het voorval kwamen we in gesprek met Marcos, de zoon van boze bovenbuurvrouw. Hij beheert het terrein en de vakantiewoningen op het terrein tijdens haar aanwezigheid. Marcos is de redelijkheid zelve en wist met zijn moeder in gesprek te komen over de door ons gewenste aansluiting van ons terrein op het elektriciteitsnet. In de veruit goedkoopste variant loopt zo’n aansluiting dwars over het terrein van de bovenburen.

 

Inmiddels liggen de kabels klaar. Dankzij Marcos hebben we alsnog een afspraak kunnen maken met zijn moeder, ruim anderhalf jaar na ons eerste verzoek dat toen nog vol boosheid en fanatisme werd afgewezen.

In het verlengde van ons betonweggetje, dat midden over onze boomgaard loopt…

 

…leidt op het terrein van bovenbuurvrouw dit door kruid overwoekende weggetje rechtstreeks naar de dichtstbijzijnde stroomkabel en telefoonpaal. Over dit weggetje mag Óscar nu alsnog de kabels ingraven, zodat we de kortste weg kunnen gebruiken om onze vakantiehuizen op stroom en op supersnel internet te kunnen aansluiten.

 

Als compensatie voor het feit dat bovenbuurvrouw haar huurhuisjes twee weken dicht moet doen, repareert Óscar op onze kosten de ingestorte muur en legt hij, eveneens op onze kosten, een betonnen rijspoor aan tussen één van buurvrouw’s vakantiehuizen en de openbare weg. Een allerzins redelijke ruil, vinden Ruud en ik. Zeker als je bedenkt dat bovenbuurvrouw in het afgelopen jaar toch best veel overlast heeft ervaren van onze bouwactiviteiten. Inmiddels begrijpen wij ook iets meer van het fanatisme waarmee ons oorspronkelijke voorstel werd afgewezen. Óscar en bovenbuurvrouw groeiden ooit op in het zelfde dorp en er ligt iets van ‘oud zeer’ tussen beiden. Bovenbuurvrouw wil absoluut niet rechtstreeks met Óscar spreken. Óscar gebruikt nogal eens het bijvoegelijk naamwoord ‘mala’ als we over bovenbuurvrouw spreken. Ruud en ik gaan daar verder maar niet in graven… Hoewel we natuurlijk wel nieuwsgierig zijn 🙂 .

Inmiddels heeft bovenbuurvrouw haar handtekening gezet onder de toestemmingsverklaring die het energiebedrijf eist vóór aanvang van de werkzaamheden. Óscar gaat volgende week beginnen met de graafwerkzaamheden. Onze electriciteitskast komt hier te staan. Voor die tijd moet de oude irrigatie-installatie  (het deel vanaf de hoofdkraan) nog ontmanteld worden. Dat wordt misschien nog een dingetje.

 

Inmiddels gaan de praktische gedachten van Ruud en mij geleidelijk aan uit naar de bouw van het Tweede Kleine Huis. De precieze locatie van dat huis moeten we nog bepalen, maar het zal op dit grasveldje gaan gebeuren. Het grasveldje ligt vlak bij de ‘gasten-ingang’ van onze boomgaard, aan de Camino de la Capilla (het Paz-y-Libertad-weggetje).

 

Vanuit het huisje belemmeren de dennenbomen het zicht op zonsondergangen. Daarom hebben we voor dit huisje een zonsondergangsterras op het hoogst gelegen niveau van onze finca in de planning staan. Langs de noordgrens van ons kavel loopt een pad naar dit terras toe. Dit pad moeten we nog gaan verharden met beton

 

Ongeveer op déze manier.

 

Langs dit toekomstige pad moet een aanplant gaan ontstaan van inheemse planten en struiken. Afgelopen donderdag zetten we hiervoor de eerste stap. We plantten drie palmboomstekjes. Twee stekjes kregen we gift van Jorge, één stekje kregen we van Ankie. Als de stekjes aan slaan, wordt het hier straks heel mooi.

 

 

Dat zonsondergangsterras moet,  als het zo ver is, op dit grasveldje een plek krijgen.

 

Tot slot nog maar weer eens een zonsondergang, vanaf ons eigen terras. Deze is van gisteravond. Na een koude periode is het nu weer wat warmer, gelukkig. Buiten eten. En daarna dit bekijken.

 

Het blijft één van onze favoriete bezigheden.