Intussen in de Boomgaard (3)

Het leven in Coronatijd gaat voor Ons Soort Mensen min of meer ongestoord door. We mogen dan weliswaar vanwege de noodtoestand het huis niet uit. Maar Ons Soort Mensen bezit een finca. En sinds vandaag weten we helemaal 100% zeker dat we ondanks De Grote Nationale Corona Winterslaap ongestoord vrij heen en weer mogen reizen van het Boeddhahuis naar onze finca. We ontvingen onderstaand bericht van Cocampa, de coöperatie waarbij we zijn aangesloten.

 

Ruud en ik waren best blij met dat bericht, Want hoewel het voor ons al wel duidelijk was dat ‘boeren’ gewoon mogen doorwerken, twijfelden we toch of dit ook voor ons gold. Er wordt nu stevig gecontroleerd door politie of je je met een reden op straat begeeft, zelfs in een dorpje als Puntagorda, en we willen geen regels overtreden in het land waar we te gast zijn. Officieel zijn Ruud en ik geen ‘boeren’, maar ‘verhuurders van woningen bedoeld voor kortdurend toeristisch verblijf’.  In Spanje luistert het heel erg nauw, voor welke activiteit je bedrijf geregistreerd staat. Het is zelfs een probleem om de opbrengst van de fruitverkopen netjes op te geven bij de belastingdienst als je niet als ‘boer’ geregistreerd staat. Daar kan je een flinke boete voor krijgen.

In bovenstaand bericht staat echter dat iedereen die een finca heeft vrij heen en weer mag reizen vanaf zijn huis naar die finca, en weer terug,  om voor beesten, bomen, planten of bloemen te zorgen. Mits de finca op het zelfde eiland staat als waarop je huis staat. En dat mag ook als je geen ‘professional’ bent.  Dit laatste gaat over ons. Geen beperkingen meer vanaf nu. En af en toe een kleine omweg… wie doet ons wat? Even naar de finca voelt als luchten tijdens gevangenisstraf.

Tussen het schilderen van het hout voor het dak van het grote huis door, heeft Ruud in de afgelopen weken monnikenwerk uitgevoerd in de boomgaard. Groot onderhoud aan de sinaasappelbomen. Met engelengeduld. Hieronder zie je Ruud bezig met de agendaplanning van een willekeurige werkdag.

 

Alle sinaasappelbomen die in de afgelopen drie jaar niet werden gesnoeid door Kakien,  waren toe aan een ‘grote onderhoudsbeurt’ met de motorzaag, de takkenschaar en de snoeischaar. De bomen hadden veel dood hout en droegen ziekten in zich. Maar niet alle bomen kunnen we  op de ‘Kakien-manier’ rigoreus terugsnoeien naar de stam, wat het beste zou zijn, omdat we dan een kale finca hebben. Sommige bomen moeten gewoon ‘groot’ blijven om ervoor te zorgen dat er geen zichtlijnen tussen de toekomstige huizen ontstaan. Al die bomen heeft Ruud nu onderhanden genomen. Dat waren er een stuk of dertig. Per boom zo’n drie tot vier uur werk. Met engelengeduld werden de bomen in model gezaagd en geknipt. Hieronder zie je een boom vóór de knipbeurt en ná de knipbeurt.

 

De foto’s hieronder geven een idee van het ‘totaal-effect’ op hoe de sinaasappelterrassen van de finca eruit zien na het werk van de sinaasappelbomenkapper. Het begint er op sommige terrassen nu eindelijk echt een beetje op te lijken, vinden we zelf.

 

Uiteindelijk doe je het allemaal  hier voor. De sinaasappeloogst is begonnen…

 

Als ik dit schrijf, moet Ruud de laatste twee bomen nog ‘knippen’. Dan is het voorbij. Dan is ook het allerlaatste stukje achterstallige onderhoud van de boomgaard voorbij. Daar hebben we een jaar over gedaan. Een mijlpaal. Grote grijns van Ruud 🙂 . Mag hij daarna beginnen met het reguliere onderhoud. Grote grijns van Teunis 🙂 🙂 🙂 .

Intussen wordt het voor ons steeds duidelijker dat we echt een hele mooie plek op La Palma hebben gevonden. Nu de silhouetten van de eerste twee huizen staan, en de slechte bomen allemaal zijn gerooid of gesnoeid, vallen zaken helemaal op zijn plaats. Er is een ruimtelijk evenwicht op het terrein aan het onstaan. Daarbij wemelt het van de dieren in de bongerd; hagedissen, vlinders, kleine vogels, zoemende insecten en bichos-die-knagen-aan-gevallen-vruchten-in-de-nacht. En dan is er altijd het prachtige uitzicht over oceaan, wolkenluchten en de zonsondergang. Zelfs op een wat sombere, half bewolkte dag ziet het er prachtig uit. Vinden we zelf.

 

Eergisteren lukte het mij eindelijk om een foto te maken die ergens op lijkt van één van onze twee valkenvrienden. De boomgaard is samen met de aanpalende barranco en de graslandjes en dennenbosjes in de directe omgeving het jachtterrein van twee (ik denk) torenvalken. Ze zijn absoluut niet schuw en trekken zich er niets van aan als er mensen over het terrein lopen. Soms vliegen ze vlak boven je hoofd in een glijvlucht richting hagedis. Ik vind het prachtig om te zien en hoop dat ze dit nog jarenlang blijven doen. Ook als er straks (ooit) afgebouwde vakantiehuizen staan met gasten erin.

 

De avocadoplanten slaan goed aan. Het is soms nog wat zoeken hoeveel water we ze moeten geven. De planten zijn nog erg gevoelig voor schommelingen in het weer. En wij zijn nog niet zo heel erg ervaren in het bekijken en lezen van de planten. Zoiets moet je leren.

 

Maar dít hieronder is volgens ons toch echt het avocado-equivalent van een blije blozende mensenbaby. En zo staan de planten er momenteel bijna allemaal bij, zeker op het grote, laagste, avocadoterras. De planten groeien nu zo snel dat Ruud aan de gang moet met het vervangen van de rieten steunstokken voor hogere metalen steunstangen. Alweer zo’n klusje waar een monnik gelukkig van zou kunnen worden. Ruud is een geduldig mens. Hij heeft er echt schik in.

 

We hebben ook een paar ‘zorgenkindjes’ onder de aanplant. Die zorgenkindjes zien er nu zó uit. Volgens verschillende mensen die van La Palma komen, komt het wel goed met ze, zolang  de stam groen is. En inderdaad, na een kale winter beginnen nu ook de zwakke broeders blad aan te maken. Misschien dat ze het nog gaan redden. We geven ze nog een maand of twee.

 

De grote broers staan volop in de vruchten. Ook voor de avocado’s geldt dat het langzamerhand tijd is om ze te plukken en te oogsten. Avocado’s plukken dat ziet er ongeveer zó uit. Onze volwassen bomen zijn erg hoog en de vruchten moeten daarom met flink wat kunst en vliegwerk en klimwerk verzameld worden. We moeten eigenlijk een lange takkenschaar gaan kopen. Sinds vandaag weten we dat ook ‘niet-professionals’ dergelijke spullen weer mogen kopen. Wie weet?

 

Auke en ik plukten gisteren samen de enige avocadoboom die in de achtertuin van het Boeddhahuis groeit leeg. Hele mooie vruchten zonder dat de boom enige verzorging van ons heeft gehad, behalve dan water.

 

Vandaag bracht Ruud onze eerste vruchtenvracht naar Erwin. Erwin is een fruithandelaar in het dorp. Vijfenzeventig kilo avocado’s, Vijfenzeventig kilo sinaasappels. Volgende week horen we hoeveel we ervoor gaan krijgen. De komende weken zullen we wekelijks of 2x per week zo’n vracht langs kunnen brengen. Met zo’n frequentie krijgen we onze bomen wel leeg en hoeven we niet naar de handelaren in Los Llanos, dat op drie kwartier rijden en vier politiecontroles verderop ligt.

 

In de vorige blogpost schreef ik dat we zeker niet naar La Palma zouden zijn vertrokken als we vooraf hadden geweten hoe de zaken zich hier zouden ontwikkelen. Dat leidde tot veel reacties via de ‘informele kanalen’. Maar.

 

Daarom eindig ik dit bericht met de mededeling dat Ruud en ik erg blij zijn met het feit dat we vooraf niet wisten hoe zaken zich zouden ontwikkelen. Ondanks onze zorgen over het thuisfront en het geïsoleerde leventje dat we momenteel noodgedwongen leiden, zijn we nog steeds heel blij met ons leven op het Lente-eiland. We voelen ons nog altijd erg thuis hier. Als de Corona voorbij is, en als we gezond zijn gebleven, gaan we gewoon weer verder met het Grote Plan. Tot die tijd plukken we sinaasappels en avocado’s en schuifelen we wat rond tussen de bomen.

Gemengde Berichten

Zaterdag. Ruud en ik besloten dat het ook een échte zaterdag moest zijn. Een zaterdag zonder werk. Een dag vrij omdat dit af en toe nodig is, en we er een beetje voor moeten waken dat we alleen nog maar aan het werk zijn, sinds we op La Palma wonen.

Onze stemming is er in de afgelopen dagen niet beter op geworden. We voelen de dreiging van Covid-19 om ons heen en zien de nabije toekomst somber in.  In Spanje gaat het niet goed met de indamming van het virus en als je goed naar de Nederlandse cijfers van het RIVM kijkt, zie je ook aan die cijfers dat het ergste echt nog moet gaan komen, ondanks alle gematigd positieve berichten die we in de Nederlandse media lezen.

Maar op zaterdag werden we weer wat vrolijker. Afgelopen donderdag werd de betonnen kroon op de muren van het eerste kleine huis gestort.

 

Vrijdag aan het einde van de dag werd de houten bekisting verwijderd. Op zaterdag in de lentezon zag ons huisje er zó uit. We zijn er blij mee. Het ziet er gaaf uit allemaal. Het wordt mooi!

 

Ruud deed zijn inspectietochtje over ‘de landerijen’ en zag dat vrijwel alle jonge, ingeplante avocadoplanten aanslaan. Zelfs de meeste planten waarover we ons zorgen maakten lijken zich te herstellen en maken knoppen en blad aan.

 

Woensdag, donderdag en vrijdag heeft Jorge, de voorman van Óscar op ons project, samen met een collega de belangrijkste binnenmuren in de aanbouw van het grote huis en in het kleine huis gemetseld. De indeling van de huizen komt nu ook in cement en steen steeds duidelijker naar voren.

Een grote woonkeuken in het grote huis.

 

De verplichte tweede slaapkamer in het grote huis, dat zomaar als een kantoor zou kunnen worden ingericht in de toekomst.

 

De woonkamer/keuken in het eerste kleine huis.

 

De slaapkamer in het kleine huis.

 

En de badkamer in het kleine  huis. Ruud en ik hebben besloten dat we het muurtje bij de douche niet zullen laten bouwen en op die plek een volledige glaswand zullen laten plaatsen.

 

Achter het kleine huis onstaat, een beetje per toeval, een prachtig groen binnenplaatsje tussen de noordelijke buitenmuur van het huis en de fruitbomen van de boomgaard. We gaan daar iets bijzonders mee doen, besloten we gisteren. Het plekje is te mooi om niets mee te doen.

 

Zo ziet het eerste kleine huis eruit als je als gast straks ons terrein op komt rijden. Je ziet het grijze beton juist boven de sinaasappelbomen uitsteken. Helemaal links op de foto, op het onderste terras, willen we het tweede kleine huisje gaan bouwen. Gegeven al het gedoe, moeten Ruud en ik nog een keer heel goed nadenken over het moment waarop we met de bouw van dat tweede huisje gaan beginnen.

 

Het was na een aantal grijze, natte dagen weer heerlijk lenteweer. We maakten na de lunch-in-de-zon het huis schoon en konden daarna op ons gemak buiten van de zon genieten in de tuin van het Boeddhahuis, met laptop en ipad. Door het ‘huisarrest’ dat iedereen heeft op het moment, is het met name in het weekend wezenloos stil buiten. Je hoort alleen de vogels fluiten. En het geruis van palmbladeren in de wind. Ondanks dat je weet hoe dat zo komt, geeft die stilte je toch een prettig relaxed gevoel.

 

Een biertje erbij. Toepasselijke liedjes die toevallig achter elkaar langskwamen op een radioplaylist van spotify. Ik werd er vrolijk van. De moed erin houden enzo.  We hobbelden de zaterdagavond in met pizza, facetime naar Nederland en mijn favoriete computergame. Een echt fijne zaterdag.

 

En toen kwam dit bericht binnen.

 

Totale stilstand in Spanje, vanaf komende maandag. Naast het bestaande ‘huisarrest’, mag vanaf maandag bijna niemand meer naar zijn werk. Als we het goed begrijpen moeten werknemers min of meer verplicht vakantie opnemen en thuis blijven. Werkgevers moeten hen doorbetalen. Werknemers moeten de verlofuren verderop in het jaar weer terugverdienen. Prachtig bedacht. Maar hoeveel bedrijven zullen er nu failliet gaan hier? Er zijn geen steunmaatregelen voor bedrijven, alleen voor werknemers die werkloos worden en zzp-ers. ‘De oplossing moet van Europa komen’, zegt de premier van dit land. Maar daar is bijvoorbeeld de minister-president van  ons land het vooralsnog nog niet zo mee eens…

Beetje bij beetje glijden Ruud en ik nu de ‘crisis-stand’ in. En nemen we de maatregelen die daarbij horen, zo goed en zo kwaad als dat gaat. Komende maandag zal er niet gebouwd worden aan onze huizen. En dat kan zomaar een paar maanden gaan duren. Als we allemaal gezond blijven, zal dit alles niet de doodsteek zijn voor onze plannen met onze finca. Dankzij ons stabiele inkomen vanuit Nederland, dat gelukkig weinig te lijden heeft van de gevolgen van het virus, kunnen we wel voort. Maar. De uitvoering van ons LaPalmaPlan loopt wel voor de zoveelste keer een flinke vertraging op. En. Als we dit alles van tevoren hadden geweten, waren we natuurlijk nooit uit Nederland vertrokken…

 

We houden ons vast aan plaatjes als hierboven. Ik was in overtreding toen ik deze foto gisteren maakte, op honderdvijftig meter buiten het terrein van onze finca. Maar er was geen mens in de buurt, dus niemand kon mij besmetten, of andersom. Blijf zitten waar je zit en verroer je niet, hou je adem in en stik niet. Zo voelt het. Zo is het. Vrij letterlijk zelfs.

‘…Ruud en Teunis willen in Puntagorda gaan wonen, een klein dorp op het Canarische eiland La Palma. In dit blog beschrijven ze waarom ze dit willen en hoe ze dit aanpakken. Aan het einde van het blog weet je of het hen gelukt is…’

Sinds zaterdagavond weet ik zeker dat dit een blog met een flink lange looptijd gaat worden. Jaren langer dan gepland. Vamos á ver. We gaan zien wat het wordt. Aan het einde van het blog weet je of het ons gelukt is.

Verloren Paradijs

Zo voelt het voor ons op La Palma. Vanaf de veranda van het Boeddhahuis kunnen we uitkijken op het dorp en zien we dit plaatje. Een verloren paradijs.

 

Het uitzicht is nog net zo mooi als vorig jaar om deze tijd, toen we hier net een maandje bivakeerden. Maar het gevoel dat er bij hoort is heel anders nu. De straten van het dorp zijn bijna leeg. In de supermarkten hangt een nerveuze grafstemming en loopt iedereen met handschoenen aan en vaak ook mondmaskers op. De mensen zijn bang. Bang voor het virus en bang voor hun inkomen. Het is somberheid troef, ondanks het mooie plaatje. Er kan echt bij bijna niemand nog een glimlachje van af. Daar word je somber van.

Er zijn natuurlijk ook wel lichtpuntjes, zoals altijd. Gisteren en vandaag, maar vooral gisteren, regende het flink. De regenmeter van Ruud, die niet zo heel erg goed is in het meten van regen, telde 32mm in twee dagen tijd. Daar waren de boeren (wij ook 😉 ) heel erg blij mee en er was geen toerist (meer over), die hier nog last van had.

 

Tussen de buien door groeit en bloeit het bij ons in de boomgaard. Als je er rond loopt hoor je overal het gezoem van bijtjes om je heen. Je ruikt de nadruppende sinaasappelbloesems. Je ziet de helderblauwe oceaan. Het is er nog steeds prachtig. En het is onze plek!

 

Ook de bouw vordert nog altijd goed. Gewapend met mondkapjes, handschoenen en een wat geforceerd goed humeur soms, zijn de mannen van Oscar nog altijd aan het werk. De Kroon van het eerste kleine huis is aan het einde van de week af. Een klein beetje later dan dat de planning was, maar dat wordt veroorzaakt door de maatregelen die van kracht zijn om de verpreiding van  het Virus af te remmen.

 

Dit is het uitzicht als je in het vakantiehuis op de bank zit en door het glas van de openslaande deur van de woonkamer-keuken  naar buiten kijkt. Ruud en ik vinden het uitzicht niet verkeerd.

 

Dit zie je als je op die bank zit en de tuinman komt langs.

 

Ruud en ik merken in ons dagelijkse leven eigenlijk niet veel van alle bewegingsbeperkende anti-corona-maatregelen die van kracht zijn. Zoals ik eerder schreef hebben we een vergunning om op onze finca te werken. We kunnen dus wanneer we willen het huis uit. Daarnaast zijn we flink druk voor onze klanten in Nederland. Het is jaarrekeningentijd en er is behoorlijk wat extra werk vanwege alle steunmaatregelen voor bedrijven en zzp-ers in Nederland. Alweer Corona. We zijn er druk mee en vervelen ons in elk geval niet.

Het werk op de finca staat in het teken van deze kleur. (Ik hoop dat die kleur een beetje goed overkomt op een beeldscherm; het is bruin met een beetje een roodteint erin).

 

Aan alle kanten moeten de planken en balken worden bewerkt met een insectenwerend middel dat zo ongelooflijk chemisch ruikt en ademt dat elk coronavirusje dat zich in onze longen mocht bevinden spontaan op de vlucht slaat. We hadden er hoofdpijn van. Vast niet gezond. Daarna twee keer een laklaag met de roodbruine lak, op de zijden van het hout die straks van binnenuit te zien zijn. Tot slot nog een afwerklaklaag die een brandwerende werking heeft. En dit is nog maar het eerste dak… Er volgen er nog twee, plus een klein dakje, plus (en daar zien we flink tegenop) het bestaande dak van de cuarto de apero.

 

Terwijl we druk zijn met het hout en terwijl we de huisjes langzaam maar zeker vorm zien krijgen, is het plezier dat we hadden een beetje weg op het moment. We vragen ons soms af waar we het voor doen. Wordt alles ooit weer ‘normaal’ of onstaat er straks een ‘nieuw normaal’? Komen de toeristen ooit weer terug naar ons eiland? En wanneer dan? En welke vliegtuigmaatschappijen, barretjes, restaurants, bemiddelaars, aanbieders van vakantiehuisjes en andere vermaakbedrijven die samen de toeristische infrastructuur van het eiland vormen zijn er dan nog over?

We moeten binnenkort beslissen of we volgens planning van start gaan met de bouw van het derde huisje. Daar is hypotheek voor nodig. We weten op dit moment nog niet of we dit wel willen aangaan. Het is moeilijk om dergelijke beslissingen te nemen als de tijden zo onzeker zijn. Gelukkig hebben we nog heel even respijt, voordat we deze beslissing moeten gaan nemen.

Voor nu is dít het beeld dat op ons netvlies staat. En daar worden we niet vrolijk van.

 

 

We hopen dat we zonder al te veel kleerscheuren kunnen

 

Zo heeft iedereen momenteel zijn eigen sores. We  wensen iedereen die dit leest voor de komende tijd veel wijsheid, doorzettingsvermogen en een beetje mazzel toe. En elke middag om half3 een kopje koffie met iemand die ver weg is, maar via facetime toch weer heel dichtbij kan zijn.

 

Ma, we vinden het harstikke knap hoe je je in je eentje aanpast aan de situatie en vinden het heel vervelend dat we voorlopig niet naar Nederland kunnen komen. Pas goed op jezelf!

Hout!

De straten zijn stil in Puntagorda. Maar niet zo stil als dat je zou denken, bij een land dat de noodtoestand heeft afgekondigd en min of meer een straatverbod heeft opgelegd aan haar burgers. Je kunt boodschappen doen. Je mag naar de bank. Je mag naar de apotheek. Je mag naar je werk. Je mag alleen niet met meer dan 1 persoon in een auto zitten. Zelfs niet als jij en die andere persoon onder hetzelfde dak wonen. Onder hetzelfde plafond slapen zelfs. Da’s wel lastig. Gelukkig hebben we fietsen. En je hond uitlaten mag ook nog. We hebben drie honden 🙂 .

 

Sinds gisteren hebben Ruud en ik officieel toestemming om van maandag tot en met vrijdag tussen 10.00u en 18.00 op onze finca te zijn om er te werken. We mogen maar acht uur werken op een dag. En maar vijf dagen per week. Daar zijn we heel blij mee. Want de hele toestand van het straatverbod kan nog wel een hele tijd gaan duren. We zouden in de problemen komen als we niet meer op onze finca mochten komen. Bovenstaand papiertje moeten we op zak hebben als we naar onze boomgaard gaan of in onze boomgaard zijn.

 

Op die finca gaat alles min of meer gewoon door. Gisteren heeft Fernando, de timmerman die door Óscar is ingehuurd om het hout voor de daken van onze huizen te leveren en op maat te zagen, het hout voor het dak van het grote huis gebracht. Ook lukte het hem nog om vanochtend voor ons beits, insectenwerend middel en lak met kwasten en rollers en stuff op de kop te tikken. Een geluk, want alle nonfoodwinkels zijn hier dicht. Sinds vanmiddag zijn Ruud en ik dus in ‘houtbewerkingsmodus’.

 

Dat is nog een hele tour. Niet zo zeer vanwege het impregneren of schilderen. Maar ‘stapelen’ is een beetje een probleem. We werken in onze apero, het al bestaande deel van het toekomstige ‘grote huis’. Het is daar eigenlijk net iets te klein. We zijn daarom voortdurend hout aan het verplaatsen. Hout om te schuren. Hout om te schilderen. Hout om te drogen. Zondag aan het einde van de dag moet het klaar zijn. Gaat goed komen, denken wij na een lange middag werken. Komende zaterdag en zondag zijn we even domme buitenlanders en begrijpen we onze permiso even niet zo goed.

 

Ook de bouw gaat door en nog steeds vol op tempo. Kijk maar naar deze foto’s van het eerste kleine huis. Alleen Jorge en Thomás mogen nog werken. De andere twee werknemers van Óscar blijven thuis, want momenteel mogen er slechts twee mensen op een bouwplaats aan het werk zijn, volgens de richtlijnen. Ook het vervoer naar de bouwplaats is een probleem door de één-persoon-per-auto-regel. Jorge en Thomás compenseren door nog harder te werken en lange dagen te maken. We zijn echt superblij met hen en onze aannemer.

Óscar hoopt volgende week toch weer drie of vier man in te kunnen zetten. Die zijn nodig, omdat hij dan de Kroon op de muren van het eerste kleine huis wil plaatsen. Ruud en ik hebben aangeboden om in te springen als dit nodig is. Is ook nog een optie. We gaan het zien. Volgende week wil Óscar ook beginnen aan het dak van het grote huis, waar we nu het hout voor aan het bewerken zijn.

 

Hoewel we er in ons dagelijkse leven niet al te veel van merken, het leven is niet heel veel anders dan anders in de praktijk, is de Grote Corona Stop die is afgekondigd natuurlijk niet fijn. Niemand weet hoe lang alles zal gaan duren. Maar als je een beetje rekent zijn we er de eerste paar maanden nog niet klaar mee. Op enig moment is de creativiteit op en gaat ook ons bouwproject vertraging oplopen, vrezen we. En dan gaan we  er vanuit dat er niemand ziek wordt..

De virusuitbraak is op het eiland echt een ramp voor iedereen die zich bezig houdt met toeristische activiteiten en voor iedereen die toerist is. Inkomende vluchten zijn niet meer toegestaan. Iedereen die in een toeristische locatie verblijft moet het eiland verlaten, zo snel als dit kan. En tot die tijd binnen blijven op het vakantieadres. Zoiets is natuurlijk gewoon triest, als je je verheugd hebt op een fijne vakantie op ons prachtige eilandje. Maar. Zo is het leven in Corona-tijd. Je kunt het echt erger treffen op het moment.

Ruud en ik schrokken even, want we dachten bij het lezen van de Spaanse krant vanavond ongeveer een kwartier lang dat ook wij het eiland zouden moeten verlaten. Gelukkig heeft het Boeddhahuis dat wij huren geen toeristische bestemming. We mogen blijven 🙂  En ja, daar zijn we ondanks alles nog steeds blij om. ‘Thuis is waar de honden zijn’. En die zijn hier…

 

Het voelt alleen echt niet goed dat we niet of slechts heel moeizaam terug kunnen naar Nederland, als zich daar een soort van calamiteit mocht voordoen. En als we dan gaan, kunnen we voorlopig niet meer terug naar hier. Een rotgevoel, dat we maar proberen te negeren. Het heeft geen zin om je druk te maken over zaken die je niet kunt veranderen.

 

Dít zag ik vanmiddag toen ik uit de deur van de apero stapte om even pauze te houden en voor een moment de chemische dampen van het insectenwerende middel te ontlopen. Zo’n uitzicht relativeert alle problemen en probleempjes. Het is zo mooi op La Palma!

Voortgang

Elke avond klim ik op mijn fiets om te kijken hoe het op de finca is. En hoe het staat met de bouw van de huizen. Ruud heeft van stenen parkeervakken gemaakt omdat één van de bouwvakkers van Óscar er een gewoonte van begon te maken met de auto heen en weer over onze terassen te rijden. Hem erop aanspreken hielp niet echt, maar de stenen spreken kennelijk wel duidelijke taal. Het gebeurt niet meer.

 

Door ons verblijf in Nederland was ik er nog niet aan toe gekomen de stand van zaken aan het einde van de achtste bouwweek op het blog te zetten. Hieronder een inhaalslag. Aan het einde van week 8 was de kroon op de muren van de aanbouw op het grote huis klaar. (Ik durf het C-woord niet meer te gebruiken).

 

Ook werd in week 8 de bekisting aangebracht voor het fundament van het kleinere vakantiehuis op het hoogste terras.

 

En werd het  stalen raster voor het gewapende beton voor de fundering in elkaar gevlochten.

 

Afgelopen maandag, dat was de eerste werkdag van de negende bouwweek, werd het fudament van het huisje gestort.

 

De foto’s hieronder geven een beeld van hoe het is en hoe het moet worden. De omvang van het kleinere vakantiehuis valt ons mee, nu we het in het echt gebouwd zien worden. Dat hadden we al gezien in het Sketchup-model, maar we twijfelden een beetje of het huis niet te klein opgezet was. Valt dus mee, vooralsnog.

 

De zuilen van beton verschenen afgelopen woensdag. Dit is het moment waarop je voor het eerst een beeld krijgt van de omvang van het toekomstige gebouw.

 

En passant werd de patio van het grote huis opgevuld met betoncement.

 

Op donderdag werden de betonzuilen bevrijd van hun bekisting en werd er een begin gemaakt met het metselen van de buitenmuur. Het huis begint op zijn plaats te vallen in het totale landschap van de finca. We vinden de plek nog steeds goed gekozen, al zeggen we het zelf..

 

Afgelopen dinsdag vertelde Óscar ons dat hij komende maandag het hout voor het dak van het grote huis wil laten bezorgen. Vanaf dat moment zouden Ruud en ik enigszins onder tijdsdruk dit hout moeten gaan impregneren met een houtetendeinsectenwerend middel en daarna moeten beitsen in de door ons gekozen donkere ebbenhouten kleur.

 

Maar in tijden van Corona gaan we zien wat er van dit plan overblijft. Sinds vandaag ligt Spanje stil om het voortwoekeren van het virus te vertragen. Ruud is nog wel naar de finca. Dat mag. Want hij werkt er. Werken is toegestaan onder de noodmaatregelen. Verder is het de bedoeling dat je zo weinig mogelijk buiten komt. En er wordt hierop toegezien op het eiland, vertellen collega-gidsen van Ruud met sprekende foto’s via de groepsapp van Isla Bonita Tours. Een vreemd, onwezenlijk idee.

In Serie

De zevende week van de bouw aan onze huizen is voorbij. Het was carnaval, dus de werkweek begon pas op woensdag. Op maandag zag het er in de hoofdstad Santa Cruz zó uit. Ongeveer de intocht van… Zwarte Piet. Daar is hier op het eiland nog geen discussie over. Zit een heel verhaal achter. Schrijf ik misschien een andere keer nog wel over. ‘Los Indianos’ heet deze dag. Heel bijzonder. Ruud en ik willen het feest nog een keer echt meemaken. Dit jaar kwam het er niet van. We willen niet echt, denk ik dan.. Maar het is ook gewoon best wel druk op het moment. De foto’s komen uit ‘El Apuron‘.

 

Hoe dan ook. De mannen van Óscar zouden op donderdag weer komen werken. Maar ze begonnen een dag eerder. Ze zeggen dat er veel te doen is, op het moment, voor het bedrijf. Zolang ons projectje voorrang krijgt, vinden wij dat niet erg.

Op woensdag en donderdag werd de bekisting van de Corona op de muren van het grote huis helemaal afgemaakt.

 

Op woensdag werd ook gestart met de bouw van ons tweede vakantiehuis. Óscar en Jorge, de voorman op ons project, trokken de bekende streep in het zand. We bouwen in serie: als de muren van het eerste huis staan, gaat er straks een ploegje verder met het dak. De eerste club schuift door naar huisje 2 en straks naar huisje3. Als ik de planning van Óscar overzie, vermoed ik dat er in de serie tussen huisje 2 en huisje 3 nog een huisje elders op het bouwlijstje staat. Maar dat weet ik niet zeker. Ik heb er ook niet naar gevraagd.

 

Op donderdag werd voor huisje2 het gat in de grond gegraven.  Met de grond die vrijkwam werd het terras een halve meter breder gemaakt op de plek waar het huisje gaat worden gebouwd.

 

Ook werden op het terras dat onder huisje2 ligt nog eens tien bomen gerooid. Op ons verzoek. Ze waren hopeloos. Dit waren overigens wel de laatste bomen die we gaan rooien. Vanaf nu gaan we alleen nog maar opbouwen. Het plan is om verderop dit jaar acht Ortaniques in een groot vierkant terug te planten. Met een kampeertafel of zo iets, in het midden, voor de toekomstige gasten. Wordt een mooie plek om te zitten. Een Ortanique is een kruising tussen een sinaasappelboom en een mandarijnenboom. Ze dragen mooie vruchten van het formaat mandarijn maar zonder al dat witte spul in het vruchtvlees. Je kunt ze persen (ben je wel ff bezig). De sap smaakt een beetje naar verse ‘Betuwe Tweedrank’, dat ik vroeger zo lekker vond. Toen was ik acht. Nog steeds lekker.

 

Op vrijdag werd in het grote huis de bekisting voor de Corona volgestort met beton. Dit gebeurde met een grote kraan, waarvan ik me afvraag of die daar wel mocht staan. Er geldt een verbod voor zwaar verkeer op ons deel van de Camino de Pinto, omdat de weg er smal is en de helling van de Barranco de Ánimas, die er direct aan grenst, erg steil is. Alles staat er echter nog, het asfalt is niet weggezakt richting de bodem van de barranco.

 

Op vrijdag ook werd voor huisje2 ‘de bodem’ gelegd. De betonnen onderlaag waarop volgende week het fundament wordt aangelegd.

 

Aan de achterzijde van huisje2 ontstaat een mooie afgesloten plek tussen grote mangobomen en avocadobomen. Dat wisten we al, maar dat wat er in ons hoofd zat komt er nu ook uit in het echt. Een plekje helemaal privé midden tussen het fruit.

 

Ruud heeft de grote citroenboom en de chirimoyaboom, die ook op deze plek staan, gesnoeid op de Kakienmanier. Met de motorzaag. We hopen dat het zo werkt.

 

Met de komst van de bodem van het tweede huisje en het verwijderen van de bomen op het terras onder dat huisje is er iets bijzonders gebeurd. Opeens lijkt alles beter op zijn plek te vallen en kloppen de verhoudingen in de boomgaard. Er is een soort van evenwicht ontstaan dat er eerder niet was. Helemaal doorgronden doe ik het nog niet, maar het voelt goed.

 

Sinds de komst van de koelkast van Óscar in ons betonnen schuurtje en de komst van ons koffiezetapparaat bovenop die koelkast, is de finca nog meer een thuis aan het worden. Met een zithoek en een lunchplek.

Volgende week gaat de bekisting van de corona van het eerste huis eraf, en kijken we of alles heel blijft. De fundering voor het tweede huis wordt gelegd. En. Mogelijk wordt er hout bezorgd. Dan moeten Ruud en ik schilderen en schuren. Niet heel erg goed getimed. Want eerst gaan we een lang weekend naar Nederland om verjaardagen te vieren en daarna komt Michel met ons mee om regen te brengen naar het droge Puntagorda.  En misschien nog wat te fietsen ofzo.. Planningen maken op La Palma blijft een moeilijk iets.

Meer Muren

Vorige week was de zesde bouwweek voor de bouwers aan ons ‘grote huis’. Het tempo ligt nog steeds hoog. In het nieuwbouwgedeelte werden de binnenmuren gemetseld en werd de voorbereiding voor de ‘corona’, de kroon, gemaakt. De kroon is een dwarsbalk van gewapend beton die men horizontaal op de muren stort en die het dak moet dragen. Het metaal voor het beton is al klaar (met de hand in elkaar gezet en voorgevormd). De bekisting voor het beton is ook al grotendeels aangebracht.

 

Het nieuwbouwdeel krijgt steeds meer vorm. Mooi om te zien.

 

Het is ook erg leuk om alvast door toekomstige ramen te kijken, natuurlijk. Hieronder achtereenvolgens de openslaande deur van de logeerkamer/het kantoortje, het raam van het washok aan de oostgevel, het raam van de keuken aan de oostgevel en het keukenraam aan de westgevel.

 

Ons sketchupmodel gaat beetje bij beetje over van louter virtuele plaatjes naar stenen en beton in real life.

 

De avocado’s moeten nog wat gaan groeien..

 

Het is carnaval nu. Ook op La Palma. Het werk ligt stil. De mannen van Óscar hebben beloofd dat ze komende donderdag weer zullen verschijnen en dan nuchter en fit genoeg zullen zijn om de Corona  af te maken.

Daarna volgt het hout voor het dak. Volgens Óscar staat dit al klaar bij de timmerman.  Ruud en ik zullen het hout zelf moeten gaan schuren, behandelen met een insectenwerend goedje en lakken in een donkere houtkleur. Op die manier werd de offerte wat goedkoper. We gaan het daar druk mee krijgen…

Terwijl wij met het hout bezig zullen zijn, gaat Óscar beginnen met het eerste kleine vakantiehuis, zo is het plan.

Muren

De vijfde bouwweek is voorbij. De week stond in het teken van muren. De buitenmuren van de aanbouw voor het grote huis werden gemetseld. En er werd al een voorzichtig begin  gemaakt met de eerste binnenmuur van de aanbouw. Donderdag, aan het einde van de dag zag alles er zó uit.

 

Een dag later, bij het begin van het weekend, stonden bijna alle buitenmuren. Alleen bij de toekomstige patio moet nog een stuk gemetseld worden. Hieronder zie je de oostgevel/voorgevel. Het kleine raampje links is een foutje. Het raam moet net zo groot worden als het raam ernaast. Dat wordt slijpen.

 

Hieronder zie je de patio, vanuit west (zeezijde) en oost (landzijde) bekeken.  In de patio gaan we straks uit de wind zitten als dat nodig is. Het wordt een soort van ‘buitenkamer’, is de bedoeling.

 

De opening voor de openslaande deuren van de logeerkamer/het toekomstige kantoortje.

 

De kook- en waterhoek van de keuken. En het keukenraam. Ik heb altijd al in een huis willen wonen met een  keukenraam. Tot op heden heb ik  mijn hele leven lang bijna altijd in huizen gewoond zonder een raam boven het aanrecht. Alleen in de Eindhoventijd woonden we in huizen met een ‘echte keuken’. Een echte keuken heeft een raam boven het aanrecht, vind ik. We krijgen straks weer een échte keuken.

 

Het is Calima op La Palma. De wind waait uit de richting van Afrika. Het is relatief warm (lekker wel, maar het hoort niet in februari). De luchten zijn grijs en vol Saharazand. De zee is daardoor nu niet te zien als je door het keukenraam naar buiten kijkt.

 

Over Calima gesproken. Gisteren zaten Ruud en ik bij de pizzeria van het dorp te vieren dat we hier nu één jaar wonen. Begon het zomaar te regenen… Inmiddels zijn we helemaal ingeburgerd. Ruud liep dus met vele anderen snel naar buiten om te kijken hoe de regendruppels naar beneden kwamen vallen.  Een kwartier lang regende het. Maar we werden er niet blij van. Het regende agua mala. Warme waterdruppels met zand erin. Daar word je niet echt niet vrolijk van. Behalve als je een autowasstraat runt.

Het wordt tijd dat Michel weer op bezoek komt. Dan krijgen we tenminste weer een keer echte regen hier.

Contouren

De bouwers blijven maar tempo draaien met de bouw van het grote huis. Gisteren maakten ze de laatste betonnen zuil in orde en werd er begonnen met het uitmeten en vervolgens het metselen van de buitenmuur. Ook werd het ‘cartel’, het verplichte opdrachtgevers- en uitvoerdersbord geplaatst. Zoals je kunt zien hebben we nog zo’n vier jaar de tijd om alles af te krijgen… (Mijn excuses voor het vlekje op de lens van de camera).

 

Vandaag ging men verder met het metselwerk. Aan het einde van de dag zag alles er zó uit. Achtereenvolgens de zuidzijde (straatzijde), en de oostzijde (voorgevel). Mmm… we kwamen er achter dat de mannen van Óscar het raam in het washok vergaten. Onderste foto, linkerzijde van de muur. Maar we zijn er nog op tijd bij…

 

Langzaam beginnen de contouren van het huis zichtbaar te worden. Hieronder de voordeur en de patio.

 

De veranda aan de westzijde van het huis, met uitzicht over de finca en de oceaan.

 

Vanaf het onderste terras begint zichtbaar te worden welke omvang het huis zal krijgen.

 

We hopen dat het lukt om in dit tempo door te gaan. Het weer zit ons in ek geval niet in de weg. De weersvoorspellingen laten voorlopig nog altijd geen regen vallen in Puntagorda. Het is  wel érg droog, op het moment. Er groeit zelfs nauwelijks onkruid op ons omgeploegde land.

Zuilen van Beton

Terwijl Ruud en ik in Nederland verbleven, Ruud een lang weekend en ik een paar dagen langer, werd er  hard doorgewerkt op onze finca.

De fundering van gewapend beton werd gestort.

 

De stalen geraamten voor de betonzuilen die de muren en het dak van de nieuwe aanbouw moeten dragen, werden in elkaar gezet en voorzien van een bekisting.

 

Vandaag, vrijdag, aan het einde van de dag, bij zonsondergang,  zag ons huis-in-aanbouw er zó uit. Vandaag werd het beton gestort in de bekisting van de zuilen. Morgenochtend komen de mannen uit Breña Baja terug om de bekisting te verwijderen en het beton af te sproeien. Ruud en ik moeten dat afsproeien in het weekend nog een paar keer herhalen.

 

Als je tussen de zuilen door loopt,  begin je al wat beter een gevoel te krijgen voor de ruimtelijke afmetingen van het toekomstige huis. De Sketchup-modelletjes krijgen heel geleidelijk vorm in de werkelijkheid. Het geeft zo’n gaaf gevoel om dat te zien gebeuren en mee te maken!

Ruud en ik zijn erg blij met het tempo dat de mannen van Óscar erop zetten. Ze hebben ons verteld dat er elders op het eiland nog andere projecten op hen wachten. Er zijn kennelijk op het zelfde tijdstip overal tegelijk bouwvergunningen los gekomen, na de ‘pauze’ in de nasleep van de gemeenteraads- en eilandraadsverkiezingen van afgelopen zomer. Als ons project steeds vooraan in de bouwrij van Óscar blijft staan, vinden wij dat helemaal niet erg. Het kan ons allemaal niet snel genoeg gaan. We gaan zien of men het tempo blijft volhouden. De mannen werken in elk geval keihard door, als ze er zijn.

 

Het is echt heel fijn om vanuit het wintergrauwe,  grijze  Nederland, hoe groen het er stiekem ook was, weer terug te zijn op het Lente-Eiland. Ik ga Nederland steeds meer met ‘vreemde ogen’ zien, als ik er ben. Het is er rijk. Het is er ontwikkeld. Het is er druk. Af en toe leuk als afwisseling. Maar hier op het kalme, voortkabbelende La Palma voel ik me thuis.

Dit weekend gaan Ruud en ik de ‘Droompaden-route‘ lopen onder de lentebloesems van Las Tricias. Ruud moet zijn nieuwe gidsroute oefenen, en ik ben dan zijn proefkonijn. Ik verheug me er op.  In deze tijd van het jaar is het prachtig bij Las Tricias. De amandelbomen staan er nu volop en massaal in bloei. Verderop in februari zal Ruud voor de eerste keer als gids de route gaan lopen voor Isla Bonita Tours.