Binnen Staan

Sinds vandaag kunnen we ‘binnen’ staan in het toekomstige grote huis. Vandaag is in het nieuwbouwgedeelte het houten dak afgekomen en is de nok afgesloten.

 

De foto’s hieronder geven een idee van hoe de binnenzijde van het dak, het plafond, eruit ziet. Ruud en ik zijn blij met de lakkleur die we hebben gekozen en met het feit dat je de structuur van het hout zo mooi door de laklagen heen ziet.

 

Even vergelijken met Sketchup. De echte kleur is beter, vinden wij. Die kleur past straks ook beter bij de kleur van onze meubels. De kleuren in ons bedenkmodel benaderen de werkelijkheid weliswaar, maar worden net niet nauwkeurig genoeg weer gegeven..

 

We zijn nog niet helemaal tevreden over de afwerking van de nok van het dak. Het lijkt erop dat de voorgezaagde balken niet helemaal op de juiste maat zijn gezaagd, of dat de muren van het huis niet 100% op maat staan, wie het weet mag het zeggen. Fernando de timmerman heeft al wel wat cosmetische aanpassingen gemaakt. Maar het resultaat is nog niet voldoende, het moet nog wat beter. Gelukkig zijn Ruud en ik het er al wel over eens dat ‘het totaalplaatje’ goed genoeg is. We gaan er geen halszaak van maken.  Maar dat moeten jullie nog  niet aan Óscar en Fernando  vertellen. Best lastige materie soms, een huis laten bouwen.

 

Inmiddels zijn ook de dakpannen gearriveerd, of in elk geval deels gearriveerd. Ruud en ik vinden het moeilijk om te beoordelen of dit alles is. Het lijkt ons nog wat weinig. Wel mooi om te zien dat er vrijwel geen kleurverschil is met de dakpannen van het oude gedeelte. Terwijl die dakpannen al sinds 2012 in de zon liggen te bakken.

Morgen wordt het dekfolie (zo noem ik het maar) helemaal bevestigd. Daar overheen komt dan nog een isolerende laag. Daar overheen weer worden de ‘uralitas’, een soort van golfplaten bevestigd. Je kunt ze zien liggen  op de foto van de dakpannen, rechts van de dakpannen. Aan die golfplaten worden de dakpannen verlijmd, met een cementlaag aan de onderzijde van het dak, waar dak en muur elkaar ontmoeten.

 

Het grote huis wordt steeds meer ‘ons grote huis’, zoals we het bedoeld hadden. Nu ik weet hoe het houten dak geworden is, ben ik alweer nieuwsgierig naar hoe het huis er uit zal zien als de dakpannen liggen.

Het blijft leuk om te bekijken hoe het bouwen van zo’n huis in zijn werk gaat en hoe het stapje voor stapje en  beetje bij beetje vordert. Elke avond weer.

Een Nieuw Eiland

Gisteren, zondag, hadden Ruud en ik een extreem rustige dag. We deden helemaal niks wat ook maar in de verste verte enige relatie had met ons werk van alledag. Het is alweer een tijdje geleden dat we zo’n dag  hadden. Het voelde als vakantie.

Het werd een beeldschermdag. Ruud bracht het grootste deel van de dag achter zijn laptop door met zijn speurtocht naar DE ‘internetaansluiting-oplossing’ voor onze toekomstige drie huizen. Dat klinkt toch weer als werk, maar die zoektocht heeft voor Ruud ook wel iets van ‘hobby’.

Ik besloot een nieuw eiland te beginnen in mijn favoriete computergame: Forest Village. Zo’n start ziet er ongeveer zo uit.

 

Om een uur of vier deden we een barbecue in de zon. Rond acht uur in de avond deden we onze avondronde op de finca.

Ruud inspecteerde het dak, van dichtbij.

 

Ik maakte foto’s van de structuur van de dakbalken. Die foto’s kon ik alleen gisteren nog maken. Vandaag, maandag, aan het einde van de dag zit alles dicht, volgens het schema van Óscar en zijn mannen.

 

De zee was als een spiegel, zo glad. De zon stond vanaf het eiland gezien achter lage wolken in een verder wolkenloze hemel. Daardoor waren er prachtige spiegelingen en lichteffecten te zien. Het was buiten in de avondschemering nog stiller dan anders, vanwege de corona en het uitgaansverbod, denk ik. Een betoverend moment dat ongeveer twintig minuten lang duurde.

 

We hebben wel mazzel met die finca en dat we elke avond even moeten inspecteren hoe ons land erbij staat, en dat dat is toegestaan. Van de hele dag binnen zitten, wat in Spanje momenteel nog steeds de bedoeling is,  zou ik echt helemaal gestoord worden.

Er was een mooie samenstand te zien van een maansikkeltje en Venus. Ik denk dat de meeste bezoekers op de vergroting zullen moeten klikken, om Venus te kunnen zien, rechts van de maan.

 

Bij het wegrijden, terug naar het Boeddhahuis, was dit het uitzicht over ‘onze straat’,  de Camino de Pinto. Toch heel anders dan destijds op Het Ebberhorst in Almelo..

 

De avond bracht ik door op ‘mijn’ nieuw opgestarte virtuele eiland. De eilandbewoners zwoegen er nog wat af op een karig dieet van aardappelen, bosvruchten en  wildvlees. Maar. Ze hebben al straatverlichting op het dorpsplein van hun eerste dorp.

 

Het is zo’n eiland waar je kunt genezen van rabius of de pest door kruiden uit het bos te halen. Hadden ze in Wuhan maar zo’n kruidenbos gehad. Eén van de voordelen van het huisarrest in coronatijd hier. Ik mag mij helemaal overgeven aan mijn latent altijd aanwezige gameverslaving..

Als het allemaal doorgaat, mogen we vanaf komende zaterdag eindelijk weer naar buiten, alleen om ‘te sporten’. En dan niet in groepsverband, maar wel in gezinsverband. Wandelen is ook sporten, toch? Ruud en ik gaan de Grote Briestaswandeling doen, zo hebben we ons voorgenomen. Zeven uur wandelen door een lentelandschap.  Eindelijk weer echte vrijheid! Het echte eiland is uiteindelijk toch te verkiezen boven het virtuele eiland, als het erop aankomt.

Het Dak Erop

Als je een huis laat bouwen, en je bent in de gelegenheid om elke dag de vorderingen van de dag te bekijken, zoals bij ons het geval is, zit je soms te dicht bovenop ‘het creatieve proces’. Je ziet een resultaat terwijl het nog onderhanden werk is en nog niet klaar is om gezien te worden. Maar je ziet het toch, en dan ga je je zorgen maken of het allemaal wel goed komt. Daar hadden Ruud en ik deze week wat last van.

Het was deze week de week van Fernando, de timmerman, op onze bouwplaats. Fernando gaat over ‘het Canarische dak’. Het was al een tijdje wachten op dat dak. Wachten op Fernando. Deze week begon hij dan eindelijk aan de klus. Vanmiddag kon ik dit plaatje schieten. Vanuit de keuken-in-aanbouw. Het dak begint een dak te worden. Ruud en ik vinden het er niet verkeerd uitzien.

 

De vorige bouwweek eindigde met het storten van de kroon boven de binnendeuren in het nieuwbouw-gedeelte van het grote huis. In het weekend mochten Ruud en ik ‘sproeien’.

 

Intussen was dit de situatie in het oude, bestaande deel van het grote huis. Al het geschilderde hout voor het dak van de nieuwbouw ligt er al weken opgestapeld. Niemand kan er iets doen, want het hout ligt in de weg. Corona speelde hierin ook een beetje mee natuurlijk. Maar irritant was het wel. We waren met z’n allen aan het wachten op De Timmerman.

 

Vanaf maandagmiddag begon Fernando serieus werk te maken van zijn klus. Maar het begin van zo’n dak gaat langzaam. Het is passen en meten, touwtjes spannen, bijstellen en stukjes hout afzagen. Een ambacht.

 

En dan uiteindelijk met een eerste balk in je handen voor het geraamte van het dak balanceren op een smal, wat wiebelig steigertje. Een circusact. Ruud was erbij en legde alles vast voor het nageslacht. Fernando, die goed kan vertellen,  vertelde ons die avond (toen de mannen van Óscar al naar huis waren), in geuren en in kleuren, welke halsbrekende toeren hij in zijn carriére allemaal al niet had uitgehaald op zo’n steigertje en welke hele of halve ongelukken hij al gemaakt had. Fernando is een held.

 

Na de eerste balk, veel passen en veel meten, volgt er nog een balk. En dan nog één. En dan nog één. En dan nog één. En dan opeens is er een dak. Of de vorm van wat een dak gaat worden.

 

Ook van een afstandje wordt het huis steeds meer een huis om te zien.

 

Dat was allemaal op woensdag. Op donderdag regende het. Het regende hard. Geen dag om aan het dak te werken. De mannen van Óscar pasten zich aan en maakten een begin met de binnenmuren in de cuarto de apero, het bestaande deel van ons toekomstige grote huis. Let op het blankhouten dak. Ruud en ik moeten dit dak nog gaan lakken in dezelfde kleur als het hout van het nieuwe dak. We zien erg uit naar deze klus…

 

Op donderdag was het ook, dat bij Ruud en mij de twijfels toesloegen.  Hieronder zie je Ruud moeilijk kijken door het keukenraam. Daaronder weer zie je waarom Ruud zo moeilijk kijkt. Op een van de hoekpunten van het dak passen de balken voor geen meter en zijn ze slordig met elkaar verbonden. Fernando zal toch wel weten wat hij aan het doen is?

 

Vanochtend, op vrijdag, scheen de zon en ging het opeens heel snel met het dak.

 

En van dit plaatje werden Ruud en ik dus erg blij. Het wordt een mooi dak en de kleur die we hebben gekozen voor het hout lijkt ook goed uit te pakken. Ook hierover twijfelden we al een paar weken, sinds onze schilderweek. We waren een beetje bang dat we een te lichte kleur hadden gekozen en dat gedane zaken geen keer meer zouden kunnen nemen en dat we daar dan jarenlang spijt van zouden hebben. Maar nu we de planken en balken op een groot vlak in elkaar zien grijpen, zijn onze twijfels weg. We hebben tóch de goede lakkleur gekozen, vinden we zelf. ‘Wij van WC-eend adviseren WC-eend.’

 

Fernando legde ons vanochtend uit dat hij nog niet klaar is met de nok van het dak. Hij heeft lange schroeven nodig die hij op het moment niet kan krijgen, vanwege gesloten ijzerwarenwinkels. Die zijn dicht vanwege de noodtoestand. Hij heeft plechtig beloofd dat we tevreden zullen zijn als alles klaar is. Daar gaan we dan van uit. Temeer omdat Jorge vanochtend Ruud even apart nam om duidelijk te maken dat het niet nodig was om ons hierover zorgen te maken. Als Jorge het zegt, hebben we er vertrouwen in. Dat is een vakman. En een vakman van het soort die zegt waar het op staat, als dat zo uit komt, weten we inmiddels.

Vandaag is er ook een begin gemaakt met de waterleidingen. Ruud legde het mij vanavond allemaal nog eens uit. Dit wordt de aansluiting van de wasmachine. En iets met één of twee hoofdkranen.  Ik was te druk met het maken van een foto. Ruud gaat bij ons thuis over de hoofdkranen.

 

Maandag aan het einde van de dag zit het dak er op, zegt Fernando. Hij werkt morgen, op zaterdag, gewoon door overigens. Het is mooi om het huis steeds meer huis te zien worden. Nu het werk vordert worden we met de dag ongeduldiger. We zijn geleidelijk aan wel klaar met ons verblijf in het Boeddhahuis. De laatste loodjes duren nog minimaal vier maanden. Inmiddels zijn wij gepokt en gemazeld in het kunnen wachten. We kunnen best nog even wachten.

Een Groot Probleem en een Klein Probleem

We zijn weer begonnen. Herbegonnen. El Reinicio. Na twee weken waarin de regering van Spanje alle economische activiteit vrijwel volledig stil legde, mag er sinds afgelopen maandag weer gewerkt worden. Alleen dat. Het ‘huisarrest’ voor niet-werkenden blijft tenminste nog van kracht tot 9 mei.

Ruud en ik leven voor ons toekomstige keukenraam. En het prachtige uitzicht dat je vanuit dit raam hebt als de zon ondergaat in de oceaan. We doen het voor momenten als deze. De natuur is vaak zó mooi op La Palma. En op dat mooie eiland hebben we een prachtig plekje gevonden. Dat besef daalt elke dag dieper bij ons in. We voelen ons bevoorrecht. Ondanks al het gedoe waarmee we te maken hebben.

 

De electricien kwam langs. Op basis van het elekticiteitsplan dat we al eerder hadden opgesteld, werden sleuven in de muren gefrased. Intussen bouwden Jorge en Jaime de binnenmuren af tot aan het niveau van de betonnen kroon. In beide huizen.

 

Na de sleuven kwamen de ‘macarones’, de flexibele buizen waardoor later de elektriciteitsdraden zullen worden getrokken. De bouwvoorschriften in Spanje schrijven voor dat elke stroomdraad zijn eigen buis aangemeten moet krijgen. Kom daar in Nederland maar eens om, waar van alles door elkaar loopt, zo hebben we destijds bij de bouw van ons huis in Almelo mogen zien. Je krijgt er spaghetti-achtige foto’s van. Timmerman Fernando vertelde ons dat hij heeft ervaren  dat dít het moment in het bouwproces is (nog geen dak op het huis en al wel macarones die nog niet zijn weggewerkt in de vloeren en de achter muren), waarop opdrachtgevers vaak aan alles gaan twijfelen. Het ziet eruit als een grote puinhoop. Dat vinden wij best meevallen. Met het leggen van de buizen krijgen we steeds meer gevoel voor hoe onze toekomstige huizen er uit gaan zien, als ze afgebouwd zijn.

 

Over Fernando gesproken. Wij noemen hem sinds kort in onze gesprekken met Óscar het ‘grote probleem’.  De corona en de coronabeperkende maatregelen zijn het ‘kleine probleem’.  Óscar moet hier altijd hartelijk om lachen. Ook hij kent de timmerman langer dan vandaag. Fernando moet ervoor zorgen dat er houten daken op onze huizen komen. Alleen heeft Fernando een eigen planning en veel opdrachten tegelijkertijd lopen. Ook Óscar lukt het niet om volledig vat op hem te krijgen. Normaal gesproken doe je eerst het dak en dan het binnenwerk pas. Maar dat dak komt maar niet af. Dat is het ‘grote probleem’.  ‘Alle timmermannen zijn hier hetzelfde’, aldus Óscar. ‘Ik kan de opdracht wel innemen en een timmerman uit Los Llanos contracteren, maar dan lopen we tegen precies hetzelfde probleem aan’. Het grote probleem in onze bouwplanning is dus Fernando, de timmerman.

Maar het is niet zo dat hij niets doet. Deze week is de houten dakrand door hem bevestigd op het beton van de Corona van de uitbouw voor het grote huis. Gisteren, op zaterdag, heeft hij de stellingen geplaatst. Maandag zal hij, ijs en wederdienende, en alleen als God en Fernando het willen, samen met de mannen van Óscar aan het dak beginnen. Een klus die in drie of vier dagen geklaard zou moeten zijn. We gaan het zien. Voorman Jorge kan de timmerman inmiddels wel schieten en steekt dit niet altijd onder stoelen of banken.

 

Eén van de kwaliteiten van Fernando is dat hij getrouwd is met zijn vrouw, Julia. Julia werkt op het gemeentehuis en trekt daar flink aan vele touwtjes, zo is onze ervaring. Zo heeft zij onze bovenbuurvrouw al eens afgepoeierd toen zij probeerde een denuncia in te dienen wegens de overlast die onze bouwwerkzaamheden veroorzaakten. Daar hoorden wij pas later van, en we zijn haar nog steeds erg dankbaar hiervoor. Maar onze dankbaarheid groeit met de dag. In het dorp wordt momenteel fibra optica internet (glasvezel) aangelegd dat voor verbindingen met een duizelingwekkende snelheid zorgt. Die verbinding willen wij natuurlijk ook op onze finca. Maar aanvragen bij Movistar, de telecommaatschappij, werden steeds weer gecanceled om onduidelijke redenen. Julia heeft nu haar neef op ons pad gestuurd. Dat is de chef van Movistar voor wat betreft de werkzaamheden in Puntagorda. Gisteren kwam hij langs. Hij heeft uitgemeten hoe de lijn gaat worden aangelegd. Helaas over het terrein van de bovenbuurvrouw, ondergronds langs een pad dat officieel nog een openbare weg is. Wij gaan het haar maar niet vertellen. Maar Julia zijn we dankbaar en dat dak komt er uiteindelijk ook wel.

Terwijl ik bovenstaande foto’s aan het maken was, met het blog in mijn achterhoofd, was de valk er weer. Vlak naast ons huis zat hij op een muurtje een hagedisje te verschalken. Ik kan uren naar zo’n beest kijken. Er komt een dag dat ik echt een schitterende close-up foto op het blog zal plaatsen. Voorlopig moeten we doen met deze drie. De valken in onze boomgaard voelen inmiddels als een stukje van ‘thuis’ voor mij.

 

Ook in het kleine vakantiehuis zijn alle binnenmuren tot op corona-hoogte afgebouwd en liggen de macarones uitgespreid.

 

In april het dak. In mei de vloeren, de elektra en de aanleg van de riolering. In juni de afwerking van de muren, de kozijnen en de betegeling. In juli uitloop en afronding. Dat is planning die Óscar voor ons grote huis in gedachte heeft. We hopen dat hij dit gaat waar maken.

We maken ons overigens wel wat zorgen over de aanlevering van bouwmaterialen en de aankoop van meubels voor de huizen in coronatijd. We mogen de weg niet op en veel activiteiten liggen nog altijd stil. De tegels die Ruud en ik hadden uitgekozen bij Baño Barato zijn volgens Óscar niet meer leverbaar langs die weg. Óscar gaat een alternatief voor ons zoeken. Baño Barato zou vanwege de corona met de activiteiten zijn gestopt en Óscar liet doorschemeren dat hij verwacht dat deze sanitair- en tegelleverancier uit Los Llanos aan het omvallen is. Zo zullen er meer gaan. In die zin, is het onzekerheid troef in deze tijd.

We hebben ons om dezelfde reden ook een tijdje zorgen gemaakt over de financiële draagkracht van onze aannemer zelf. Hierin heeft hij ons gerust kunnen stellen. Ons project is momenteel een van de weinige projecten die nog doorlopen. Veel geplande projecten voor verderop in dit jaar staan in de ijskast. Met de steunmaatregelen van de Spaanse overheid staat een groot aantal freelance medewerkers op non-actief. Met de loondiensters en de paar doorlopende projecten blijven inkomsten en uitgaven in evenwicht dit jaar. Óscar maakt overigens een erg ontspannen indruk. Hij had het te druk. De corona geeft hem een ‘rustjaar’, zegt hij met een glimlach. We moeten hem maar eens deelgenoot maken van de belangrijkste stelling van Johan Cruijff, de grote filosoof uit Amsterdam en Barcelona. Maar dan in het Spaans.

 

Het heeft geregend deze week in Puntagorda. Relatief veel, maar volgens de mensen die hier grafiekjes van maken nog veel te weinig om op de regenwaarden van ‘normaal’ uit te komen. Een korte blik in de container leerde ons gisteren dat Ruud’s kunstwerk met stenen en plastic effectief is geweest. Geen water meer in de container en de lucht voelt droog aan. Daar zijn we blij mee.

 

Door de regen kleurt het landschap nu dan toch nog langzaam van bruiner naar groener. Ook daar zijn we blij mee.

Zorro

Een plan is een plan is een plan is een plan. En de realisatie van het plan tot iets dat werkelijkheid wordt, gaat vrijwel altijd helemaal anders dan hoe je het bedacht had in het plan. Dat geeft niet. Als je maar een doel voor ogen hebt. Want dan kan je je aanpassen aan de omstandigheden. Zo gaat het ook met Het Grote Plan van Ruud & Teunis op La Palma.

 

Iedereen weet inmiddels wel van Het Virus en dat het niet handig is om vakantiehuizen op La Palma te bouwen als er ergens ver weg in China een foute vleermuis rond vliegt die de hele wereldbevolking besmet met ziektekiemen voor in de longen en zo al het toerisme wereldwijd plat legt. Misschien wel voor jaren. Dat zijn wij.

 

Maar wat ik nog niet verteld had in dit blog is dat er ook een probleem is opgedoken bij het verkrijgen van de hypotheek die ons was toegezegd door de Caixabank en waar we op rekenden. In Spanje heeft men twee kadasters. In het ene kadaster, het Catastro, wordt vastgelegd hoe de grenzen lopen tussen alle percelen. In het andere kadaster, het Registro, wordt het eigendom van de percelen vastgelegd. Beide registratiesystemen mogen elkaar niet tegen spreken, als je een rechtsgeldige handeling met zo’n perceel wil verrichten, bijvoorbeeld een hypotheek wil vestigen. Heel onhandig als dit toch het geval is, want dan moet de tegenstrijdigheid gecorrigeerd worden en dat kost tijd, en ook geld trouwens. Dat zijn wij  alweer, weten wij sinds kort.

We wachten nu op het invliegen van de de cameraploeg van ‘Ik Vertrek’.  We balen flink van van deze nieuwe hindernis op onze weg. Maar ook weer niet heel erg. Op La Palma komt alles uiteindelijk altijd goed. Als je geduld en tijd hebt. En als je geen geduld hebt, moet je maar geduld leren. Daarom wonen we nu in een Boeddhahuis.

 

Bij de taxatie van de waarde van onze finca, ten behoeve van de hypotheekverstrekking, is gebleken dat er iets mis is gegaan ten tijde van de aankoop van ons perceel, of beter geformuleerd: ten tijde van de verkoop ervan, aan ons. De perceelgrenzen (waarover vóór onze aankoop onduidelijkheid bestond) zijn door de vorige eigenaar met alle buren van destijds eenduidig vastgesteld. Deze grenzen staan inmiddels ook correct genoteerd in het Catastro. Echter. Volgens het Catastro is ons kavel iets meer dan 10.000 vierkante meter groot, hetgeen correct is. Maar in het Registro is vastgelegd dat ons kavel slechts iets meer dan 7.000 vierkante meters telt. Dat klopt niet. Valt ook na te rekenen aan de hand van de gegevens van het Catastro en de sattelietbeelden.  Maar dat maakt niet uit. De gegevens uit beide registraties komen niet met elkaar overeen. Om die reden kan de bank vooralsnog geen hypotheek verstrekken. De gegevens in het Registro moeten worden aangepast.

 

Na bemiddeling van ‘onze man bij de Caixabank’ kan de notaris uit Los Llanos dit probleem voor ons oplossen. Het realiseren van de oplossing duurt volgens de notaris tussen drie en zes maanden. En of we dan even twee duizend euro aan hem willen overmaken als aanbetaling. Ja, dat is dezelfde notaris die destijds waarschijnlijk een fout heeft gemaakt bij het passeren van de stukken rond de aankoop van de finca. Dát willen we dus niet. Ons is destijds door notaris, aankoopmakelaar én verkoopmakelaar gegarandeerd dat alle papieren in orde waren en dat we veilig konden kopen. De heren zoeken het dus maar uit met elkaar. Wij gaan die twee duizend euro niet zonder slag of stoot betalen. Desnoods halen we Zorro erbij… Zorro is nobel, sterk, moedig en dapper en zal ons wel helpen.

 

Onze aankoopmakelaar van destijds is nu voor ons aan het uitzoeken hoe we één en ander weer vlot kunnen trekken, zonder die twee duizend euro te hoeven betalen. We gaan zien wat het wordt. Hij is gewaarschuwd.  We weten waar Zorro woont.

Gegeven Corona hebben we helemaal geen haast met de bouw van het derde huis, momenteel. Van ons eigen geld kunnen we de twee huizen die in aanbouw zijn afbouwen, zeker na de afspraken die we deze week met Óscar hebben gemaakt. We hebben afgesproken om twee grote uitgaven (aanleg zuiveringsinstallatie voor het afvalwater en aanleg van de energievoorziening voor het totale project van vier huizen), uit te stellen tot na het moment van hypotheekverstrekking. En besproken welke bouwtechnische consequenties dit heeft. De beide huizen in aanbouw worden volgens planning opgeleverd en zijn dan bewoonbaar maar niet verhuurbaar, omdat nog niet aan alle bouweisen van de afgegeven vergunning is voldaan. Als de hypotheek er onverhoopt niet komt, of als alles coronatechnisch zo slecht gaat in de nabije toekomst, dat we de hypotheek niet willen, hebben we drie of vier jaar om te sparen voor de afronding van het project. Dat gaat ons lukken.

 

De Corona kwam uit het niets, verraste alles en iedereen en gooit een hoop overhoop. Maar onze aannemer slaagt erin de bouw toch min of meer volgens planning doorgang te laten vinden, daarbij geholpen door het droge weer in de maanden januari en februari. Na twee weken van verplichte bouwstop zijn de mannen afgelopen week weer begonnen. Morgen zal ik foto’s laten zien van de voortgang. In augustus, mogelijk al in juli, zouden we onze Boeddha vaarwel kunnen zeggen. Niks mis met onze Boeddha, maar we verheugen ons erg op ons eigen huis. Bovendien zit Jozef dan al meer dan anderhalf jaar opgesloten in een rol verhuispakpapier in het donker van verhuisdoos ‘Woonkamer1’.  Dat hadden we niet met hem afgesproken.

Overigens stond de start van de bouw van ons derde huis gepland voor eind oktober. Qua planning is er dus nog niets aan de hand. Ruud en ik hebben na wat wikken en wegen al wel besloten dat het heel gek moet gaan lopen met dat virus, voordat we zullen afzien van de bouw van dat huis. We vinden ons kavel eenvoudigweg te mooi en ons plan te leuk, om zomaar op te geven. We gokken erop dat de toeristen aan het eind van 2021 weer mogen en zullen komen, zoals ze tot voor kort naar ons eiland kwamen. Rien ne va plus.

Werken aan de Toekomst

Vanavond kwamen we op een wat later tijdstip dan gebruikelijk is aan op onze finca voor onze ‘avondronde’. We hadden een wat langer face-timegesprek gehad met familie in Nederland. Eén van de goede dingen van deze tijd: je praat vaker met mensen die je na staan en de gesprekken gaan met enige regelmaat  wat dieper dan normaal het geval is. Maar daardoor kwamen we dus wel wat later aan op de finca.

 

De zon was al zo’n beetje onder toen we begonnen aan ons rondje tussen de fruitbomen. We maken dit rondje nu dagelijks, want we hebben ‘serpeta’ in de naranjas en Ruud houdt nauwlettend in de gaten hoe deze plaag zich ontwikkelt. Het ziet er naar uit dat we de serpeta-beperkende maatregelen voorlopig nog niet kunnen versoepelen. Daarover een andere keer meer.

Op het eind van het tweede terras aan de noordzijde kwamen we dit echtpaar tegen.

 

Twee libelles innig met elkaar verstrengeld op een takje in de top van een serpetavrije sinaasappelboom. Werkend aan hun toekomst.

 

In de vergroting is het een hele mooie foto geworden, vind ik zelf. En dat met een lullig cameraatje dat na vele jaren van veelgebruikerij bijna uit elkaar valt van ellende.

 

Ook Ruud en ik werken aan de toekomst. Vanochtend hadden we een prima gesprek met Óscar, onze aannemer. Ook dat was een gesprek met diepgang. We zaten zo’n twee-en-een-half uur rond de tafel (op gepaste afstand van elkaar). We hebben onze planning aangepast aan de omstandigheden.  Ruud en ik zijn blij en ietwat opgelucht met de uitkomsten van het overleg. Maar daarover in een volgende blogpost meer.  Hey! Dit lijkt wel een cliffhanger!  🙂

Als de toekomst gearriveerd is, koop ik een nieuwe camera. Eén met een pracht van een zoomlens. Er valt hier veel moois te fotograferen in de uitvergrootstand. In de boomgaard en daarbuiten. Maar eerst: huizen bouwen!

Achter het hek

We hadden even ‘coronapauze’ op het blog. Ik had geen zin om berichtjes te schrijven. Teveel gedoe aan ons hoofd door de gevolgen van het Virus. Teveel gedoe aan ons hoofd, over hoe het nu verder moet met ons Grote Plan. Ik had ook  niet zo heel veel tijd voor het blog, trouwens. De afgelopen drie weken waren knetterdruk met het werk in Nederland. Jaarrekeningen. Spoedeisende belastingaangiftes, want vóór 1 april belastingaangifte doen in NL is eerder je geld terug krijgen, als je geld terug krijgt. Accountantscontroles en jaarverantwoordingen over 2019 voor onze klanten uit de zorgsector.  En veel extra werk vanwege de economische steunmaatregelen in Nederland. Het tellen van geld gaat altijd door. Ook in tijden van crisis. Dan tel je hoeveel geld je tekort komt.

 

Nu het gids- en sterrenkijkwerk van Ruud op La Palma stil ligt, en voor de rest van het jaar ook wel stil zal blijven liggen, hebben we besloten dat hij een veel groter deel van zijn tijd zal gaan besteden aan het meewerken in ons administratiekantoor voor Nederland. Ik ben Ruud nu serieus aan het inwerken op ‘boekhouden’. Dat voelt voor ons beiden heel erg vreemd, maar het brengt wel een stuk verlichting voor mij. Want het werd de laatste tijd drukker en drukker op het administratiekantoor. En hoewel we het inkomen goed kunnen gebruiken natuurlijk, is de werkdruk niet leuk meer soms.  Gelukkig maar, eigenlijk. Een luxeprobleem.

 

Zo ziet het uitzicht in gevangenschap eruit. Sinds vier weken (of vijf? – time flies when you’re having fun) geldt in Spanje de noodtoestand en daarmee het verbod om je huis te verlaten voor iets anders dan het doen van de  nodige boodschappen bij de supermarkt (de dichtstbijzijnde..) of het helpen van hulpbehoevenden. De afgelopen twee weken was het ook verboden om naar je werk te gaan.

Hoewel wij een groot huis met een grote tuin eromheen huren, en hoewel ik vrijwel dagelijks een ritje vanuit dat grote huis naar onze finca kan en mag maken, voelen de bepalingen van de noodtoestand als een gevangenis. Niet wandelen tussen de bloemvelden, die juist in deze tijd van het jaar zo mooi zijn. Niet wandelen in de bergen. Niet met de honden op stap in de dennenbossen die boven het dorp liggen. Niet af en toe een terrasje pakken. Niet op bezoek gaan bij mensen, of bezoek ontvangen. Niet naar Nederland kunnen gaan. Het is allemaal noodzakelijk, gegeven de omstandigheden. Maar het voelt als een straf. De bewegingsbeperkingen doen meer met mijn gemoedstoestand dan dat ik aanvankelijk dacht. Als ik het er lastig mee heb, bedenk ik mij altijd maar dat er ook mensen opgesloten zitten op flatjes in Madrid of Barcelona of andere grote Spaanse steden, zonder balkon. Al vier (of vijf?) weken lang. Dan bedenk ik mij dat ik niet zo moet zeuren. Die gedachte helpt.

 

De gele roos op het binnenplaatsje aan de achterzijde van het Boeddhahuis staat in bloei. Als je die bloemen van dichtbij bekijkt, zie je pas hoe prachtig ze zijn en hoe mooi alles in elkaar steekt. Zo moeten mensen lang geleden, in tijden van oorlog, de natuur hebben ervaren. Overal rampspoed en ellende om je heen, maar de natuur gaat gewoon door op zijn eigen weg, in al zijn pracht en praal. Dan valt ‘onze’ coronacrisis nog heel erg mee, eigenlijk. Behalve dan als je op een IC-bed ligt, of ligt te creperen en naar adem ligt te happen in een verpleeghuis, of in een overspannen toestand zorg moet bieden aan de ongelukkigen.

 

Gisteren, eerste Paasdag, hadden Ruud en ik Paasbrunch met mijn moeder. In de avond hadden we een gezamenlijk ‘paasdiner’ met de ouders van Ruud. Het is fijn dat er beeldschermen zijn! Het is fijn dat er internet is. Zonder al die techniek zouden Ruud en ik op ons geïsoleerde eilandje nu echt in ‘een huis aan het einde van de wereld’ wonen, ver weg en afgesneden van onze familie. Microsoft en Google zijn als de moderne ‘postduiven’ van deze tijd  ondanks alle privacybezwaren altijd nog te verkiezen boven de  traditionele postduif of de flessenpost. We hadden het gisteren gezellig, tijdens de maaltijden. Kunnen we vaker doen. Zo brengt Corona je op nieuwe ideeën..

 

Het dagelijkse leven in Coronatijd op La Palma valt ons niet altijd mee. In eerdere blogposts schreef ik het al: ‘Als Ruud en ik dit alles van tevoren hadden geweten, waren we niet uit Nederland vertrokken.’ Maar tegelijkertijd geldt ook dat we nog altijd blij zijn dat we ‘het’ van te voren niet hebben geweten, want dan zouden we hier nu niet zijn, en dat zou eeuwig zonde zijn geweest. Zo voelen Ruud en ik het nog steeds.  Mooie cirkelredenering, vind ik zelf wel.

 

We hebben ons in de afgelopen weken flink achter de oren gekrabt over hoe het nu toch verder moet met onze plannen voor de finca. Bij verschillende aannames kunnen we  scenario’s bedenken over hoe de toekomst van  het toerisme op La Palma er uit zal zien, tijdens en na de coronatijd. Bij elk van die scenario’s kunnen we bedenken wat het financiële effect zal zijn voor de huuropbrengsten van onze toekomstige vakantiehuizen. Het punt is dat we op enig moment dit jaar beslissingen moeten nemen over de bouw van het derde huis onder omstandigheden van grote onzekerheid. Gokken dus. Daarover in een volgende blogpost meer. We zijn er bijna uit..

 

De zon schijnt nog steeds en de oceaan is nog altijd prachtig blauw. Vandaag zijn de mannen van Óscar weer verschenen op de finca om verder te bouwen aan onze huizen. Na twee weken van ‘absolute winterslaap’ (waarvan overigens één week al geplande ‘paasvakantie’ was), mag iedereen tenminste weer werken, vandaag. In Spanje doet men niet aan Tweede Paasdag. In plaats daarvan geldt de week die vooraf gaat aan pasen als een soort van vakantieweek.

 

Zo leven wij ons leventje nu, terwijl de wereld op slot zit. Het is best te doen allemaal, vooralsnog, in ons geval. Maar wel een leven Achter-het-Hek. Ik voel me opgesloten en dat voelt niet fijn.

Voor iedereen die we nog niet gesproken hebben: ondanks alles, Vrolijk Pasen! Volhouden en gezond proberen te blijven!

Intussen in de Boomgaard (3)

Het leven in Coronatijd gaat voor Ons Soort Mensen min of meer ongestoord door. We mogen dan weliswaar vanwege de noodtoestand het huis niet uit. Maar Ons Soort Mensen bezit een finca. En sinds vandaag weten we helemaal 100% zeker dat we ondanks De Grote Nationale Corona Winterslaap ongestoord vrij heen en weer mogen reizen van het Boeddhahuis naar onze finca. We ontvingen onderstaand bericht van Cocampa, de coöperatie waarbij we zijn aangesloten.

 

Ruud en ik waren best blij met dat bericht, Want hoewel het voor ons al wel duidelijk was dat ‘boeren’ gewoon mogen doorwerken, twijfelden we toch of dit ook voor ons gold. Er wordt nu stevig gecontroleerd door politie of je je met een reden op straat begeeft, zelfs in een dorpje als Puntagorda, en we willen geen regels overtreden in het land waar we te gast zijn. Officieel zijn Ruud en ik geen ‘boeren’, maar ‘verhuurders van woningen bedoeld voor kortdurend toeristisch verblijf’.  In Spanje luistert het heel erg nauw, voor welke activiteit je bedrijf geregistreerd staat. Het is zelfs een probleem om de opbrengst van de fruitverkopen netjes op te geven bij de belastingdienst als je niet als ‘boer’ geregistreerd staat. Daar kan je een flinke boete voor krijgen.

In bovenstaand bericht staat echter dat iedereen die een finca heeft vrij heen en weer mag reizen vanaf zijn huis naar die finca, en weer terug,  om voor beesten, bomen, planten of bloemen te zorgen. Mits de finca op het zelfde eiland staat als waarop je huis staat. En dat mag ook als je geen ‘professional’ bent.  Dit laatste gaat over ons. Geen beperkingen meer vanaf nu. En af en toe een kleine omweg… wie doet ons wat? Even naar de finca voelt als luchten tijdens gevangenisstraf.

Tussen het schilderen van het hout voor het dak van het grote huis door, heeft Ruud in de afgelopen weken monnikenwerk uitgevoerd in de boomgaard. Groot onderhoud aan de sinaasappelbomen. Met engelengeduld. Hieronder zie je Ruud bezig met de agendaplanning van een willekeurige werkdag.

 

Alle sinaasappelbomen die in de afgelopen drie jaar niet werden gesnoeid door Kakien,  waren toe aan een ‘grote onderhoudsbeurt’ met de motorzaag, de takkenschaar en de snoeischaar. De bomen hadden veel dood hout en droegen ziekten in zich. Maar niet alle bomen kunnen we  op de ‘Kakien-manier’ rigoreus terugsnoeien naar de stam, wat het beste zou zijn, omdat we dan een kale finca hebben. Sommige bomen moeten gewoon ‘groot’ blijven om ervoor te zorgen dat er geen zichtlijnen tussen de toekomstige huizen ontstaan. Al die bomen heeft Ruud nu onderhanden genomen. Dat waren er een stuk of dertig. Per boom zo’n drie tot vier uur werk. Met engelengeduld werden de bomen in model gezaagd en geknipt. Hieronder zie je een boom vóór de knipbeurt en ná de knipbeurt.

 

De foto’s hieronder geven een idee van het ‘totaal-effect’ op hoe de sinaasappelterrassen van de finca eruit zien na het werk van de sinaasappelbomenkapper. Het begint er op sommige terrassen nu eindelijk echt een beetje op te lijken, vinden we zelf.

 

Uiteindelijk doe je het allemaal  hier voor. De sinaasappeloogst is begonnen…

 

Als ik dit schrijf, moet Ruud de laatste twee bomen nog ‘knippen’. Dan is het voorbij. Dan is ook het allerlaatste stukje achterstallige onderhoud van de boomgaard voorbij. Daar hebben we een jaar over gedaan. Een mijlpaal. Grote grijns van Ruud 🙂 . Mag hij daarna beginnen met het reguliere onderhoud. Grote grijns van Teunis 🙂 🙂 🙂 .

Intussen wordt het voor ons steeds duidelijker dat we echt een hele mooie plek op La Palma hebben gevonden. Nu de silhouetten van de eerste twee huizen staan, en de slechte bomen allemaal zijn gerooid of gesnoeid, vallen zaken helemaal op hun plaats. Er is een ruimtelijk evenwicht op het terrein aan het onstaan. Daarbij wemelt het van de dieren in de bongerd; hagedissen, vlinders, kleine vogels, zoemende insecten en bichos-die-knagen-aan-gevallen-vruchten-in-de-nacht. En dan is er altijd het prachtige uitzicht over oceaan, wolkenluchten en de zonsondergang. Zelfs op een wat sombere, half bewolkte dag ziet het er prachtig uit. Vinden we zelf.

 

Eergisteren lukte het mij eindelijk om een foto te maken die ergens op lijkt van één van onze twee valkenvrienden. De boomgaard is samen met de aanpalende barranco en de graslandjes en dennenbosjes in de directe omgeving het jachtterrein van twee (ik denk) torenvalken. Ze zijn absoluut niet schuw en trekken zich er niets van aan als er mensen over het terrein lopen. Soms vliegen ze vlak boven je hoofd in een glijvlucht richting hagedis. Ik vind het prachtig om te zien en hoop dat ze dit nog jarenlang blijven doen. Ook als er straks (ooit) afgebouwde vakantiehuizen staan met gasten erin.

 

De avocadoplanten slaan goed aan. Het is soms nog wat zoeken hoeveel water we ze moeten geven. De planten zijn nog erg gevoelig voor schommelingen in het weer. En wij zijn nog niet zo heel erg ervaren in het bekijken en lezen van de planten. Zoiets moet je leren.

 

Maar dít hieronder is volgens ons toch echt het avocado-equivalent van een blije blozende mensenbaby. En zo staan de planten er momenteel bijna allemaal bij, zeker op het grote, laagste, avocadoterras. De planten groeien nu zo snel dat Ruud aan de gang moet met het vervangen van de rieten steunstokken voor hogere metalen steunstangen. Alweer zo’n klusje waar een monnik gelukkig van zou kunnen worden. Ruud is een geduldig mens. Hij heeft er echt schik in.

 

We hebben ook een paar ‘zorgenkindjes’ onder de aanplant. Die zorgenkindjes zien er nu zó uit. Volgens verschillende mensen die van La Palma komen, komt het wel goed met ze, zolang  de stam groen is. En inderdaad, na een kale winter beginnen nu ook de zwakke broeders blad aan te maken. Misschien dat ze het nog gaan redden. We geven ze nog een maand of twee.

 

De grote broers staan volop in de vruchten. Ook voor de avocado’s geldt dat het langzamerhand tijd is om ze te plukken en te oogsten. Avocado’s plukken dat ziet er ongeveer zó uit. Onze volwassen bomen zijn erg hoog en de vruchten moeten daarom met flink wat kunst en vliegwerk en klimwerk verzameld worden. We moeten eigenlijk een lange takkenschaar gaan kopen. Sinds vandaag weten we dat ook ‘niet-professionals’ dergelijke spullen weer mogen kopen. Wie weet?

 

Auke en ik plukten gisteren samen de enige avocadoboom die in de achtertuin van het Boeddhahuis groeit leeg. Hele mooie vruchten zonder dat de boom enige verzorging van ons heeft gehad, behalve dan water.

 

Vandaag bracht Ruud onze eerste vruchtenvracht naar Erwin. Erwin is een fruithandelaar in het dorp. Vijfenzeventig kilo avocado’s, Vijfenzeventig kilo sinaasappels. Volgende week horen we hoeveel we ervoor gaan krijgen. De komende weken zullen we wekelijks of 2x per week zo’n vracht langs kunnen brengen. Met zo’n frequentie krijgen we onze bomen wel leeg en hoeven we niet naar de handelaren in Los Llanos, dat op drie kwartier rijden en vier politiecontroles verderop ligt.

 

In de vorige blogpost schreef ik dat we zeker niet naar La Palma zouden zijn vertrokken als we vooraf hadden geweten hoe de zaken zich hier zouden ontwikkelen. Dat leidde tot veel reacties via de ‘informele kanalen’. Maar.

 

Daarom eindig ik dit bericht met de mededeling dat Ruud en ik erg blij zijn met het feit dat we vooraf niet wisten hoe zaken zich zouden ontwikkelen. Ondanks onze zorgen over het thuisfront en het geïsoleerde leventje dat we momenteel noodgedwongen leiden, zijn we nog steeds heel blij met ons leven op het Lente-eiland. We voelen ons nog altijd erg thuis hier. Als de Corona voorbij is, en als we gezond zijn gebleven, gaan we gewoon weer verder met het Grote Plan. Tot die tijd plukken we sinaasappels en avocado’s en schuifelen we wat rond tussen de bomen.