De Zee Onder Las Tricias

Na ons verblijf van vier nachten op een boven-etage in Tijarafe logeerden we de rest van ons verblijf op La Palma in een klein huisje aan de kust onder Las Tricias. Las Tricias is een gehucht een paar kilometer ten noorden van Puntagorda.

Op een van de ochtenden zagen we bij het opstaan een prachtig schouwspel van regenbuitjes die van over de oceaan naar ons toe kwamen drijven. Boven het land aangekomen, losten de buitjes in no time op. De regendruppels bereikten ons niet.

 

En zo zag de oceaan onder Las Tricias er een avond later uit.

Happy Hamburguesas

Het was deze keer erg moeilijk om een geschikt vakantiehuisje te vinden voor ons verblijf. De huisjes op La Palma zitten vol als je een laatboeker bent. Dat is een goede ontwikkeling voor huisjesbezitters ūüôā Maar voorlopig zijn we dat nog niet.

Uiteindelijk lukte het ons om twee huisjes te vinden. De eerst vier dagen verbleven we op een ‘boven-etage’ in het dorp Tijarafe, het buurdorp van Puntagorda. En daar deed ik een belangrijke ontdekking. JE KUNT IN TIJARAFE HAMBURGERS ETEN, DIE LEKKERDER ZIJN DAN BIJ DE MC DONALDS! Op maar een kwartiertje auto-afstand van ons toekomstige huis! Kwaliteit: zoals bij de ouderwetse wegrestaurants die we in Amerika af en toe¬† aantroffen langs de highway in afgelegen gebieden. Buitencategorie dus. Erg belangrijk voor de kwaliteit van mijn toekomstige leven op het eiland, dat we dit nu weten.

Hieronder zie je Ruud een blije hamburger eten.

 

Plaats van handeling is Pizzeria La Fuente in het centrum van Tijarafe. De pizza’s zijn er overigens ook prima, maar dat wisten we al. De hamburgers kosten er 3 euro. Een schaal papas fritas voor twee personen kost nog eens 2 euro. En als je een bacardi-cola bestelt, krijg je een emmer bacardi met een blikje cola erbij. Tot groot plezier van Michel.

 

La Fuente is open van dinsdag t/m zondag, van 18:00u tot 23:00u. Op zondagavond en andere ‘voetbaldagen’ kan je in de aanpalende poolzaal het Spaanse voetbal volgen op tv.¬† Meer informatie vind je op hun facebookpagina.

Stick to the Plan

Van vrijdagochtend tot maandagavond (met dank aan de stakende piloten van Transavia voor de extra dag) was Michel bij ons op La Palma op flitsbezoek. Michel is de broer van Ruud. Hij is de eerste uit de Janssen-clan aan wie we onze aankoop konden laten zien. We waren supertrots, natuurlijk. Het was mooi om te zien dat onze sinaasappelbomen en het uitzicht over de de oceaan echt wel indruk maken, als iemand ze voor het eerst ziet. Goed voor de¬† zaken over een paar jaar. Komt allen huren…

 

Omdat Michel een fanatiek moutainbiker is, lag het voor de hand om van¬† die bikes te huren en een tocht over het eiland te maken. Daar deden we een hele zaterdag over. De mountainbiketocht was zo ongelooflijk cool, dat ik ‘om’ ben en dit echt vaker wil gaan doen. Ik ga er een aparte blogpost over schrijven.

Op zondag hebben het eiland laten zien van hoog naar laag. Roque de los Muchachos in ijs en sneeuw en daarna via de Belg naar de vuurtoren en de zoutbekkens van Fuencaliente.

Op maandag kregen we door de pilotenstaking een extra dag ‘Michel’ voor onze kiezen. En dus moet hij iets doen, wat niet in zijn ‘comfortzone’ ligt: wandelen. Rondje Puntagorda. Volgens mij vond hij het stiekum best wel¬† leuk, die wandeling.

 

Ruud en ik vonden het in elk geval erg leuk dat Michel onze ‘eerste’ bezoeker op het eiland was. We hebben een erg gezellig weekend gehad en veel gelachen. We hebben van Michel geleerd dat we ons niet moeten laten ompraten door Duitsers met dwaze idee√ęn over de inrichting van ons kavel. Stick to the plan. We blijven bij ons oorpronkelijke¬† plan.

Doce Dias

Twaalf dagen op La Palma gaan snel voorbij. Volgens het optimale Transavia Winterschema zijn we vorige week maandag op het eiland aangekomen en vliegen we morgen, vrijdag, weer terug naar NL. Jammer jammer jammer jammer. Ruud en ik zouden het liefst hier blijven.

 

Het was echt heel erg fijn om weer op onze finca te zijn. Smaakt nog steeds  naar meer.  Het is een koninklijk gevoel om met de auto het terrein op te rijden en te parkeren op je eigen parkeerplaats met prachtig zicht op de oceaan, alsof het altijd zo is geweest.

We kunnen vanaf nu met een regelmaat van ongeveer twee maanden steeds terugkomen naar La Palma voor een periode van een kleine twee weken. Ruud zit in het onderwijs maar geeft zelf geen onderwijs, en heeft dus tig vakantiedagen om¬† op te nemen en te verdelen over het jaar.¬† Mijn werk kan vanaf La Palma gewoon door lopen.¬† Die ‘terugkomdagen’ zijn natuurlijk leuk, maar bepaald geen overbodige luxe! Als we verder willen komen met onze plannen is onze aanwezigheid op het eiland echt vereist, zo hebben we gemerkt. Als we er niet zijn, gebeurt er namelijk helemaal niets. Pas als onze aankomstdatum nadert, beginnen mensen te lopen en komt er iets van de grond, onder druk van de deadline van naderende afspraken. Veel en vaak terugkomen en met mensen afspreken dus.

 

Inmiddels heeft Manolo, onze architect, toch goed werk afgeleverd en liggen we met de voortgang van het proyecto weer op schema. Er ligt nu een goed basisontwerp, dat nog wel een aantal aanpassingen nodig heeft. De begroting van het ontwerp komt inmiddels (na twee sessies) in de buurt van het bedrag dat wij in ons hoofd hebben en kunnen betalen. Ik zal over het ontwerp een aparte post schrijven, als ik terug ben in Nederland. Als we niet op het eiland waren geweest deze week hadden we nog steeds naar de impressies van de bunker, model Atlantikwall,¬† gekeken en was er verder niet veel uit Manolo’s hand gekomen, vrees ik.

 

De boomgaard heeft een flinke opknapbeurt gehad van Kakien. Hij heeft gesnoeid, water gegeven, bemest, en hier en daar ziektes bestreden met gif. Waar nodig heeft hij reparaties uitgevoerd aan het buizenstelsel voor de bewatering. De bomen staan er nu veel beter bij dan vorig jaar om deze tijd. Volgens Kakien wordt het nog beter als de sinaasappelbomen hun oude bladeren hebben laten vallen en nieuwe krijgen. We zijn erg blij dat we met hem in contact zijn gebracht door Antonio, de vorige eigenaar van onze finca. Naast het werk dat Kakien heeft gedaan blijkt hij ook een erg prettige man in de omgang te zijn en iemand met geduld, veeeel geduld. Dat heeft hij nodig om met ons te kunnen praten en zaken aan ons uit te leggen. In het Spaans.

 

 

We hebben water op het kavel! Maar dat is vooralsnog op kosten van Antonio, de vorige eigenaar. Het klinkt misschien kinderachtig, maar Ruud en ik werden helemaal blij toen we vorige week voor het eerst het sproeisysteem in volle glorie aan het werk zagen. We hebben een hoop bijgeleerd over hoe alles bananenwatertechnisch werkt in Puntagorda. We weten nu alles van doorvoerrechten, pipa’s, balsa’s en aanvoerroutes over het eiland. Ruud zal hierover binnenkort nog wel het een en ander vertellen. Tot onze opluchting lijkt het er¬† nu toch sterk op dat we op zeer korte termijn over waterrechten kunnen beschikken, huurrechten wel te verstaan. Alweer dankzij bemoeienis van Kakien (en op de achtergrond Antonio, denken wij).

 

En dit is het huis dat wij te zijnertijd mogen huren totdat ons eigen huis klaar is. Het is een van de huizen op het kavel boven ons. Het huis bestaat uit twee appartementen. Wij kunnen het appartement met oceaanzicht huren, dat uitkijkt op ons kavel en het dak van onze pajero.

Vanmiddag, op de valreep, troffen we Miguel, onze bovenbuurman, de eigenaar. Het aanbod had hij ons al in november gedaan, maar nu noemde hij er ook een prijs bij.   Die prijs vonden we alleszins redelijk. We zijn er blij mee en hij ook, geloof ik. Het zou voor hem ook moeilijk geweest zijn om het appartement te verhuren op het moment dat wij aan het bouwen zijn. Dat wij gaan huren, is voor iedereen een mooie oplossing.

Het huis is net af gekomen, na een verbouwing,¬† en heeft een prachtig uitzicht over de oceaan en op onze finca. Vanaf het balkon kunnen we straks precies zien hoe alles reilt en zeilt als er gebouwd gaat worden. Een huurhuis op steenworp afstand van ons toekomstige eigen huis is natuurlijk een buitenkansje. Ook onze honden zijn er welkom wat Miguel betreft. Voor ons was dat een grote opluchting, want drie honden in een huurhuis is best veel. Onder het huis is een ruimte waar we onze meubels kunnen opslaan. We zijn echt heel erg blij met dit aanbod. Nu nog een datum prikken… Daar zijn we nog niet helemaal uit. Nog helemaal niet, eigenlijk. Zoveel variabelen, zoveel zaken waarmee we rekening moeten houden. In het huis van Miguel kunnen we vanaf volgend voorjaar terecht.

Twaalf dagen zijn zo voorbij. Maar in april volgen er weer elf. En in juni weer. We hebben het gevoel dat we heel geleidelijk, in slow-motion, naar Puntagorda aan het verhuizen zijn.  Dat is een fijn gevoel.

Thuis

We zijn weer op La Palma. En het voelt als Thuis. We reden door de tunnel van Oost naar West. En werden op fantastische wijze verwelkomd. Een ereboog! Dat hadden ze toch niet hoeven doen…

Zoek de verschillen

Het leven van een landverhuizer gaat niet altijd over rozen. Gisteravond ontvingen we het eerste ontwerp voor onze huisjes¬† van Manolo, de architect. Deze ontwerpen waren enigszins afwijkend van het materiaal dat wij als input hadden aangeleverd. Kwestie van artistieke vrijheid? In onze ogen heeft hij ‘zomaar wat’ gedaan, of iets uit de kast gehaald dat hij nog had liggen. Zoek hieronder de verschillen. Uhmmm of beter: zoek de overeenkomsten:

Onze aanlevering (impressieplaatjes):

 

Het ontwerp van Manolo (impressieplaatjes):

 

Binnenkort zijn we weer op La Palma. Het plan was om met Manolo verder te spreken over het ontwerp. Dat wordt een stevig gesprek. Misschien wel een eindgesprek.

Intussen hebben Ruud en ik hier flink de balen van. We hadden echt meer verwacht van Manolo.  Het leven van een landverhuizer gaat niet altijd over rozen.

El Pilar – Reventon

Vlakke wandelingen zijn op La Palma een zelfdzaamheid. Als je er niet van houdt om te winkelen in Los Llanos of Santa Cruz, is het goedbeschouwd zoeken naar een speld in een hooiberg als je op zoek bent naar een gemakkelijke wandeling zonder een helling van enige betekenis.

 

De wandeling van El Pilar naar Reventon is zo’n speld. Op de foto hierboven zie je een overzicht van het wandelpad, genomen vanaf de top van de Pico Birigoyo, in de buurt, maar een paar honderd meter hoger. Het beginpunt van de wandeling is de Refugo El Pilar, een picknick-plek midden in het bos, compleet met kinderspeeltuin en openluchtkeukens. Je bereikt El Pilar als je vanuit Los Llanos of El Paso naar het oosten rijdt. Juist voordat je de tunnel naar de oostkant van het eiland inrijdt is er een afslag waar je bestemming met koeienletters wordt aangegeven. Je moet rechtsaf een smalle asfaltweg op die je via een mooie lavavlakte (Llano del Jable) naar boven het bos in brengt. Als je voor het eerst hier bent, zeker even uit de auto stappen en rond kijken!

 

Vanaf de parkeerplaats bij El Pilar, volg je een klein stukje de asfaltweg verder naar het oosten. Dan sla je links af een bospad in. Je volgt de borden ‘Reventon’ en ‘Roque de Muchachos’.

 

Je loopt over de rand van de Cumbre Nueva, de bergrand die de oude vulkaan in het noorden met de jongere vulkaanketen in het zuiden verbindt. De Reventon is je eindpunt. (Maar je kunt natuurlijk altijd eerder omdraaien op deze lijnwandeling).¬† De Reventon is een oude pas, uit het ‘muildierentijdperk’. Waarschijnlijk was het de belangrijkste oost-westverbinding op het eiland in die tijd. Je hebt er een mooi uitzicht over de Aridanevallei in het westen met daarin gelegen de stad Los Llanos en op de kustlijn van het oosten met prominent zicht op de hoofdstad Santa Cruz, de haven van Santa Cruz en het vliegveld van La Palma.

 

De wandeling vanuit El Pilar naar de Reventon is niet de meest spectaculaire wandeling die je op het eiland kunt maken. Maar als je (zoals wij destijds) behoefte hebt aan een ‘gemakkelijke wandeldag’ die je kunt combineren met nog iets anders, is het een prima route. Weinig inspannend. In het voorjaar staan er volop bloemen langs het pad. Bij de Reventon is een waterbron met koel drinkwater aanwezig.

Download

Jedey – Fuencaliente

Het was slecht weer op La Palma begin maart 2016. We waren twaalf dagen op het eiland. Slecht weer op La Palma is een relatief iets. De zon schijnt niet, maar echt koud wordt het er nooit. Dat wil zeggen tot op een hoogte van zo’n 700m.

Op de dag van deze wandeling regende het zacht in de omgeving van Puntagorda. Wij hebben geleerd dat we dan naar het zuiden moeten. Vraag me even niet naar de microklimaattechnische oorzaken, maar als het een beetje regent in de omgeving van Puntagorda is het vaak goed vertoeven in het zuidwesten, in het gebied tussen Puerto Naos en Fuencaliente, zo leert onze ervaring.

We startten onze wandeling in het dorp Jedey. Aan de grote weg ligt een klein barretje met een miniterrasje pal aan de weg. Als je een beetje geduld kunt opbrengen,  hebben ze er hele lekkere hamburguesas. Bij dit barretje is een parkeerplaats. Voor ons was deze parkeerplaats het begin van de route. We volgden de Camino Real de la Costa, een van de twee meerdaagse wandelroutes op het eiland.

 

Je loopt aanvankelijk door redelijk dicht bebouwd gebied, ‘cultuurlandschap’ in het jargon. Inmiddels hebben wij geleerd dat wandelingen door ‘cultuurlandschappen’ op La Palma eigenlijk best leuk zijn, ook al zijn wij van huis uit liefhebbers van stilte, natuur en wandelingen waarop je verder niemand tegen komt. De map-out wandelapp op de mobiel van Ruud kwam hier en daar goed van pas. Wandelingen door ‘cultuurlandschappen’ hebben nog al eens de neiging om een beetje onduidelijk te zijn qua bewegwijzering. Je bent te snel afgeleid door alle ‘cultuur’ waar je langs heen loopt en dan mis je een bordje of een signalering.

 

Eenmaal aangekomen buiten de bebouwde kom van Jedey is de rest van de tocht niet moeilijk meer te vinden. Je volgt de route naar het zuiden tot aan Fuencaliente, op de borden vaak aangeduid met de naam Los Canarios. Voor zover ik heb kunnen nagaan, gaat het bij deze namen om exact hetzelfde dorp. Maar misschien dat ik ergens een nuance mis.

 

 

Je loopt nu door ‘natuur’, niet langer door ‘cultuur’. De natuur bestaat uit zwarte lavarotsen en dennenbomen tegen een decor van de helderblauwe oceaan. Het was bewolkt, toen wij de route liepen. Achteraf denk ik dat dit helemaal niet verkeerd was. Het landschap wordt er in mijn ogen mooier door en wandelen door de zwarte lava onder een brandende zon lijkt me geen pretje… Onderweg is er tot aan Fuencaliente geen enkele plaats waar je water kunt tappen, dus bereid je goed voor als je deze tocht op een warme, zonnige dag zou willen doen.

 

Op ongeveer een derde van de wandeling staat er een stevige klim op het programma. Je klimt van zo’n 650 meter boven zee niveau naar zo’n 950 meter. Dit gaat vrij steil. Na afloop van de klim bevind je je in het bos boven de LP2 (de zuidelijke boog van de geasfalteerde kustweg die over het hele eiland min of meer evenwijdig aan de kust gaat).

Je maakt nu een mooie boswandeling. Af en toe prachtige uitzichten op de oceaan. Naar mate je vordert trekt het bos steeds verder open en loop je door weilanden en langs enkele verlaten boerderijen. Dit stuk van de wandeling is mijn favoriete deel.

 

Uiteindelijk kom je¬† boven het dorp Fuencaliente uit op de andere ‘koningsweg’, het pad dat over de Ruta de los Volcanes gaat. Je blijft de borden richting Fuencaliente volgen. Als je door de bomen heen de bont gekleurde huizen ziet liggen, volgt er nog een vrij steile afdaling van ongeveer honderd meter. Dan ben je er.

Wij deden ongeveer vier uur over de wandeling. We hadden geen zin om het hele stuk terug te lopen naar de auto. In Fuencaliente namen we daarom de bus terug naar Jedey. Ik kan me nog herinneren dat alle Palmero’s bij de bushalte en in de bus (vooral scholieren) zich dik hadden ingepakt, inclusief mutsen en en een enkeling zelfs met handschoenen. Bij een temperatuur van iets onder de vijftien graden. Ruud en ik vonden het erg grappig. Winter op La Palma zit in de mens, niet in het weer zelf.

Download

Denkfout

Gisteravond hebben Ruud en ik nagedacht over hoe we in de toekomst in godsnaam al die sinaasappels van onze finca af moeten krijgen.  We hadden best een goed plan, vonden we zelf. Maar. Dat de deur daarna nog weer open zou moeten. Daaraan hadden we niet gedacht.

 

We zullen iets anders moeten bedenken.