Blije Begroetingen

Het is al een tijdje flink warm op La Palma.  Als Ruud en ik op stap gaan naar de finca voor onze inspectieronde in de avond, kunnen we onze harige huisgenoten om die reden al een hele tijd niet met ons meenemen. Het is te warm. De beide zwart-witte exemplaren kennen geen remmingen. Ze zouden hun hersencellen aan de kook rennen, op de hellingen tussen de sinaasappel- en avocadobomen. Ze zouden rennen tot ze er dood bij neer vallen. De honden blijven dus steevast thuis nu. Geduldig wachtend op De Thuiskomst.

Want, zoals het hoort bij echte honden,  is het behaarde smaldeel van onze roedel altijd weer superblij, als er een baasje thuis komt, of beter nog als beide baasjes tegelijkertijd thuis komen. Terwijl het thuiskomende baasje de voordeur opent, ga je als wachtende hond voor het open vensterraam aan de achterzijde van het Boeddhahuis staan en probeer je of je van buiten naar binnen kunt springen, richting het thuiskomende baasje. Dat doe je dan om beurten. Als baasje maak je daar dan weer foto’s van.

Fenna is onze abuela, onze senior-hond van ruim elf jaar oud. Fenna is de vleesgeworden routine. Fenna weet altijd heel goed wat ze niet wil. Fenna is zeer gesteld op gemak & comfort. Fenna verzorgt al sinds pup bij arbeidsintensieve taken of projecten van de baasjes de algehele supervisie en coördinatie. Ze kiest dan een centrale positie uit in het midden van het ‘operating theatre’ en behoudt van daaruit het overzicht. Meestal met haar ogen dicht.

 

Sanne. Gevreesd bij duiven, kippen, muizen, hagedissen en sinds kort ook poezen op het eiland. Haar jachthondengeentjes maken een ongekend steile leercure door, sinds ze op La Palma woont.  Sanne is snel, efficiënt en… dodelijk, als haar jachthondinstincten de overhand krijgen. Haar fokker, een actief jagende boer uit het Duitse Münsterland, zou trots op haar zijn geweest, als hij zou zien wat ze allemaal doet en  kan. Zonder dat iemand het haar ooit geleerd heeft. We hadden haar vast niet van hem mee gekregen, als hij haar talenten naar waarde had ingeschat. Tegelijkertijd is onze Killer Queen een super aanhankelijk schoothondje dat het liefst languit bovenop je ligt te slapen, terwijl jij vanaf de bank naar een film of een serie kijkt en een zak chips naar binnen probeert te werken. Sanne is bij ons thuis het Vat vol Tegenstrijdigheden.

 

Auke, onze eigen Kapitein Iglo. Auke is nog altijd de leader of the pack. Maar Auke is vaak ook een ‘beetje dom’. Onze geboren leider heeft geen hersens nodig. Onze geboren leider heeft spieren. Onze geboren leider begrijpt alleen nog steeds niet dat zijn onschuldige puppenhersentjes in zo’n groot en sterk lichaam zijn gepropt, terwijl hij nu  toch al ruim drie jaar oud is. Daar lijdt zijn motoriek af en toe wat onder.  Auke is op spierkracht de beide dames de baas. Maar zijn troon zal eeuwig wankelen. Dat is hem overigens om het even. Auke is gewoon Auke. Meer hoeft er niet te zijn.

 

Zonder onze honden zou het leven een stuk saaier zijn 🙂 .

Toc Toc, Abre la Puerta!

Ik schreef er gisteren al over. Tijdens ons korte verblijf in Nederland werkten de mannen van Óscar hard door aan het Grote Huis op onze finca. Ook woensdag en vandaag, donderdag, werd er stevig door gewerkt.

Het dakje boven de hal kwam af. Recht dit keer, dankzij Fernando2.

 

De schilder ging aan de slag met de plafonds van het nieuwbouwgedeelte. We zijn nog niet helemaal tevreden over het resultaat. Er zijn nog steeds Fernando1-prutswerk-latjes in de nok zichtbaar, die nog geen kleurtje hebben gekregen. Maar het plafond in de keuken ziet er nu zó uit en dat is een stuk beter dan dat het was, vinden wij. Nog even doorbijten bij Óscar en dan komt het vast goed allemaal.

 

Op maandag en dinsdag werden de ramen geplaatst en werden de openslaande terrasdeuren vanuit de logeerkamer/kantoorkamer in de muur gezet.

 

Er is een begin gemaakt met de betegeling van de doucheruimte. Er moet hier nog een plafond worden gemaakt. De vloertegels ontbreken nog, foutje van de leverancier…

 

Vanmiddag werden de resterende terrasdeuren geplaatst evenals de voordeur en de achterdeur in de hal van het huis.

 

En zo gebeurde het dat hedenmiddag, donderdag 27 augustus 2020, rond 17u15, zich het historische moment aandiende waarop Ruud voor het eerst met een sleutel de achterdeur van het slot moest draaien, voordat we naar binnen konden. Ruim twee jaar en tien maanden na de aankoopdatum van onze boomgaard.

 

Er is sprake van een huis! Hoewel de mannen hard werken, zal de opleverdatum van 31 augustus niet gehaald gaan worden. Er moet nog veel gebeuren. Stroomaansluiting, stopcontacten, de aansluiting op de waterleiding, de aansluiting van het riool op de tijdelijke poso,  witten van de binnenmuren, afwerken en schilderen van de buitenmuren, het buitenwerk met de bogenmuur op de patio en de aanleg van de terassen, het bouwen van de twee veranda’s, het afdak boven de voordeur, en ik vergeet vast nog wat…  Maar we zijn een heel eind gekomen nu. In de loop van september zullen we dan toch echt het Boeddhahuis gaan verlaten en inruilen voor het Grote Huis op onze finca.

Voor het meer dan nieuwsgierige thuisfront hieronder even wat foto’s. (Ma, morgen krijg je via facetime de beloofde rondleiding bij daglicht, vandaag lukte het niet…)

Zie hieronder: de keuken.

 

De woonkamer.

 

De logeerkamer, annex kantoor, annex opbergkamer, annex bedenk het maar.

 

De hal, met voordeur en achterdeur.

 

De ‘master bedroom’,

 

Het bouwwerk is een huis geworden. Je kunt het nu van alle kanten fotograferen en zien dat het een huis is. Dat voelt erg fijn, kan ik wel zeggen.

 

Het Grote Huis krijgt aan de buitenkant een kleurtje. Het wordt ‘Tierra’, de bovenste kleur van de beide proefvlakken op de foto hieronder.

 

Intussen levert Ikea allerlei bestelde en betaalde spullen niet, worden we elke dag gebeld door een robot van Movistar om de afspraak te maken die we nu al achttien keer gemaakt hebben terwijl er nooit iemand van Movistar komt opdagen, weten we inmiddels via de echte contacten met Movistar, waarvan de robot geen weet schijnt te hebben, dat de aansluiting op het snelle internet van Puntagorda wederom tot een flinke tegenvaller op de begroting zal gaan leiden met dank aan de bovenbuurvrouw, wachten we nog steeds op de begroting voor de aansluiting op het stroomnet en wachten we nog steeds op het verwerken van de wijziging van de omvang van ons kavel in het Registro, een wijziging die drie maanden geleden al na veel gedoe is doorgegeven door de notaris. Alles nodig voor het verkrijgen van een eventuele hypotheek, als we die nog zouden willen. Kortom: projectperikelen genoeg. Maar dat geeft niet. Vanmiddag liepen we tevreden met een brede grijns door de vertrekken van ons toekomstige huis 🙂 . Buiten was het veertig graden en smolten onze jongste avocadoplanten weg in de hitte. Binnen was het koel, mooi en beregezellig.

Bewogen Weekend

Sinds gisteren (dinsdag) avond zijn we weer thuis op ons eiland, terug van een flitsbezoek, vrijdagnacht tm dinsdagochtend, aan Nederland. Het was een bewogen weekend voor ons, vinden we zelf.

Het begon allemaal zo rustig en gemoedelijk op de late vrijdagmiddag, na het wegbrengen van de honden naar het pension, met een overheerlijke Thaise maaltijd in de kiosko bij het het oude strandje van Santa Cruz de La Palma.

 

In het vliegtuig zagen we de rookpluim. Op zaterdagochtend werden we wakker met het nieuws dat de rookpluim het begin was van een grote bosbrand. De gevreesde bosbrand. Veel te dicht bij ons dorp..

 

Terwijl op zaterdagmiddag in Renswoude onze barbecue op enigszins hilarische wijze ernstig verregende (ná de plotselinge zomerse regenbui werd het toch nog gezellig – mijn moeder, een bbq en het weer – het blijft een lastige combinatie), breidde het vuur op ons eiland zich uit. Even leek het er op dat de brand Puntagorda zou gaan bereiken. Ruud en ik hadden het niet meer toen we de mededeling lazen dat de inwoners van het dorp zich gereed dienden te houden om geëvacueerd te worden.

 

Gelukkig en tot onze enorme opluchting bleef de verwachte harde noordoostenwind uit. Het vuur ging de andere kant op en toen de wind daarna alsnog draaide, werden de vlammen terug gedreven naar het gebied dat al gebrand had.

Al met al hebben we enorm veel geluk gehad. Dankzij die wind. Dankzij de voorzieningen die in de loop van de tijd op het eiland zijn aangelegd in het kader van bosbrandbestrijding. Dankzij de inzet van alle brandweermensen en de organisatie om hen heen. Dankzij het engeltje dat op ons aller schouders meekeek en besloot dat het maar niet erger dan dit moest gaan worden…

Gisteren (dinsdag) middag was de brand onder controle en het vuur gedoofd. Er wordt nog wel intensief bewaakt dat er geen nieuwe brandhaarden oplaaien. Het was hier vandaag maar liefst 40 graden (!) en daarbij stond er in de middag ook nog eens een stevige wind. Je moet er niet aan denken, wat er zou gebeuren als het vuur nu nog niet gedoofd zou zijn.

De schade blijft nu beperkt tot 400 hectare afgebrand land. Het gaat hoofdzakelijk om bosland en druivenvelden. Maar er zijn ook zes huizen verloren gegaan. Geen slachtoffers, geen gewonden gelukkig.

 

En dan werd het reisadvies voor La Palma op maandagmiddag opeens oranje. Wederom schrikken. Hoewel Ruud en ik speciaal dit flitsbezoek aan NL hadden bedacht, omdat we vrezen dat onze eerstvolgende geplande reis in oktober niet door zal gaan vanwege covid19, werden we er toch door verrast. Schrikken, want zou Transavia onze vlucht van dinsdagmiddag nog wel gaan doen? ‘Transavia schrapt pas vluchten bij een ‘rood’ reisadvies van het ministerie van Buitenlandse Zaken’, leerde ik per telefoon van de klantenservice van de vliegtuigmaatschappij na drie kwartier in de wachtstand te hebben gestaan. Hulde voor Transavia! Onze paniek weer voorbij. Niet gestrand in Nederland…

Maar. In ons vliegtuig vlogen we met maar liefst 24 medepassagiers naar ons gedroomde eiland.. Het voelde best luxe natuurlijk, zo’n privé-jet. Maar het voelde ook wrang. Dit gaat niet goed zo. Dit houdt een vliegmaatschappij niet vol. We zien beetje bij beetje in slowmotion een hele infrastructuur rondom het toerisme in elkaar zakken. Ook op ons eiland. In het tweede kwartaal is de economie van de Canarische Eilanden met maar liefst 35% gekrompen ten opzichte van een jaar eerder. Het voelt alsof we aan de vooravond staan van een hele grote economische terugval, met alles wat daarbij komt. Hoewel Ruud en ik blij waren om met onze honden weer naar huis te rijden en voorbij de tunnel van oost naar west weer het prachtige zonnige landschap van de Pico Bejenado binnen te rijden, hadden we voor het eerst een soort van grafstemming bij ons in de auto. Voor het eerst kwamen we niet heel erg vrolijk terug thuis, van een reis naar Nederland. We maken ons zorgen over hoe alles verder gaat.

 

Vanochtend zagen we bij het eerste daglicht dat de mannen van Óscar tijdens onze afwezigheid erg hard hebben gewerkt aan het Grote Huis op onze finca. Het wordt prachtig, vinden wij. Morgen of overmorgen zal ik alles in een nieuwe blogpost laten zien. Daar werden we dan wel weer blij van. Maar op de achtergrond blijft de dreiging van een instortende lokale economie bestaan. We zullen ons moeten bezinnen op de vraag hoe hiermee om te gaan. Als je in een leeg vliegtuig zit, wordt plotsklaps duidelijk hoe kwetsbaar alles is en hoe alles lijkt te balanceren op de rand van een afgrond…

Voor onze plannen is het belangrijk dat het internationale vliegverkeer en het toerisme naar La Palma in 2022 weer volop mogelijk is. Of dat ook het geval zal zijn? Niemand die het kan vertellen. Het inschatten van de toekomst voelt als één grote gok voor ons.

Zo’n bosbrand komt met alle ellende ook met prachtige fotogenieke momenten. Uit de kranten hier op La Palma verzamelde ik in de afgelopen dagen onder andere onderstaande foto’s. Als je van niks weet: prachtig toch?

 

 

Hoe mooi deze fotomomenten ook zijn: we zijn met de schrik in onze benen goed weg gekomen. We sluiten ons daarom voor honderd procent aan bij onderstaande dankbetuiging van A. S. te P.  aan de brandweermensen die voor ons het vuur uit hun sloffen hebben gelopen en gevlogen. Gracias! Muchas gracias!

 

Alle foto’s uit deze blogpost waarop vuur of as te zien is, zijn afkomstig uit de digitale kranten El Apuron en El Time. Alle foto’s waarop een laken met daarop de letters G.R.A.C.I.A.S te zien is,  heb ik overgenomen van dit hele leuke blog. (Hans, als het het niet ok is, haal ik de foto weer weg..)

Het Bos Brandt!

Gisteren, vrijdag,  vertrokken Ruud en ik met Transavia voor een flitsbezoek naar Nederland. Vanuit het vliegtuig maakte Ruud onderstaande foto. Iets rechts van de vleugel van het vliegtuig, zie je een kleine rookpluim omhoog stijgen. Bosbrand! Met een wat ongemakkelijk gevoel vlogen we de nacht in naar het noorden. We waren blij om naar onze familie in Nederland te kunnen, hadden een zeer voorspoedige reis met rugwind en slechts een half gevuld vliegtuig. We vergaten de rookpluim.

 

Maar dat veranderde vanochtend. Via de digitale krantjes op La Palma werden we wakker met het nieuws dat ‘onze’ rookpluim het begin was van een grote bosbrand, niet ver van Puntagorda. Het is droog op La Palma. Het is dit weekend erg heet op La Palma. Het waait in het noorden op La Palma. Met man en macht probeert men nu de brand onder controle te krijgen. Als ik dit stukje schrijf,  op zaterdagavond, breidt de brand zich nog altijd uit en is de verwachting dat het nog minstens dagen zal duren voordat het sein ‘brand meester’ gegeven zal kunnen worden. Het brandt op een lijn van ca 16 km lengte in een gebied van ca 1.300 hectare. Dat is een een heel groot gebied…

 

Op de plaatjes hieronder zie je waar de brand is. De eerste twee foto’s laten een eilandoverzicht zien. Het rode gebied brandt. De derde foto laat zien hoe dichtbij onze finca bij het brandgebied gelegen is.  Ik schat een kilometer of tien hooguit, hemelsbreed.

 

Onze  geplande gezellige bbq in Nederland met onze ouders die we meer dan een half jaar niet meer hadden gezien, werd opeens een stuk minder gezellig. Het vuur woedt in een prachtig gebied met machtige oude dennenbomen, druivenvelden en akkers. We hoorden dat gehuchten als Las Tricias, Catela, Llano Negra en Hoya Grande, voor ons bekende namen, in de nacht werden geëvacueerd. Dan schrik je. Tegelijk sta je machteloos.

Het werd helemaal angstig toen we in de loop van de middag het bericht lazen dat de mensen in de dorpen Puntagorda en Tijarafe zich gereed moesten gaan houden om geëvacueerd te worden. Men verwachtte dat aan het einde van de middag een harde noordoosten wind zou gaan opsteken die het vuur richting ons dorp zou gaan aanwakkeren. Van vrienden die in het dorp wonen hoorden we dat men in het dorp vooral last had van de rookontwikkeling. Zitten we eindelijk weer in Nederland, gebeurt er dit! Na de droogte, de storm in het voorjaar, de covid, nu ook nog een grote bosbrand. We wachten nu alleen nog op een vulkaanuitbarsting, dan hebben we alles gehad.

 

Uit de verschillende kranten en de IslaBonitaTours groepsapp van Ruud, haalde ik deze foto’s. Het ziet er angstig uit, als je weet dat het vuur zo dichtbij is. Normaal zie je dergelijke foto’s vanuit ‘verre landen’.

 

Vanavond ontvingen we bericht uit Puntagorda dat de verwachte harde wind die voor aan het einde van de middag werd voorspeld, toch niet kwam. Goed nieuws voor Puntagorda. Zonet lazen we dat de voorwaarschuwing voor ons dorp is ingetrokken. Dat is een beetje een opluchting. Dat geldt niet voor de mensen in Santo Domingo een dorp in de buurt. Ons geluk is de pech voor de mensen daar. Het vuur rukt nu op in noordelijke richting, richting dat dorp, als we alles goed begrijpen.

In de nacht kunnen de blusvliegtuigen en blushelicopters van de brandweer hun werk niet doen. Bij Santo Domingo wordt er wel alles aan gedaan op de grond om het vuur niet verder op te laten rukken. Vast staat dat er nog geen controle is en dat iedereen in het noordwesten van het eiland zich voorlopig zorgen moet blijven maken en een bijzonder onrustige nacht zal beleven.

Iedereen in Puntagorda wensen we veel sterkte toe voor de komende uren en dagen. We hopen elkaar snel weer te zien zonder al te veel verlies en schade… Vanuit Nederland blijven Ruud en ik de situatie gespannen en met samen geknepen billen volgen.

Voor ons is het fijn om te weten dat onze drie honden ‘veilig’ in een pension zitten, helemaal aan de andere kant van het eiland in Breña Baja.

De Zomerschilder

Sinds we hier op La Palma wonen is de maand augustus een beetje onze vakantiemaand. Nu alweer voor het tweede jaar dus. Maar net als vorig jaar bepalen ‘omstandigheden’ de kwaliteit van ons vakantiegevoel. Vorig jaar was er de planning van José Noe, die ons laagste avocadoterras twee weken eerder kwam egaliseren dan was afgesproken, waardoor we twee weken lang bezig moesten zijn met het steenvrij maken van het geëgaliseerde terras en het kopen en aanplanten van de avocadostruiken. Dit jaar is het de planning van Óscar die ons parten speelt. We moeten drie weken eerder dan waarmee we rekening hadden gehouden, beginnen met het schilderen van het dak van het oude gedeelte van het Grote Huis. Daarnaast, en vooral,  werd ons vakantiegevoel gruwelijk doorkruist, doordat de softwareleverancier van onze grootste klant in Nederland drie dagen voordat onze vakantie zou gaan beginnen failliet werd verklaard. Dat levert veel werk op, bij de klant en bij ons. Druk, druk, druk dus tijdens de vakantie. Zo gaat dat soms. Misschien leren we hiervan dat je tijdens een vakantie echt ‘weg van huis’ en ‘onbereikbaar’ moet zijn om echt vakantie te kunnen ervaren.  Ook al staan er palmbomen en sinaasappelbomen in de tuin van je huis en kijk je dagelijks uit over een prachtige, blauwe, met zon overgoten oceaan. Zo deden we het ‘vroeger’ altijd. ‘Sorry, ik heb geen bereik, zit boven op een berg’. En ‘Nee, ik lees geen yammer en ook geen mail tijdens mijn vakantie’. Gaat niet meer. Onze omstandigheden zijn gewijzigd. We hebben nu een beetje een vakantie zoals op de foto hieronder. Altijd je eigen huis bij je, met alle lusten en lasten waarmee zo’n huis komt.

 

Maar genoeg geklaagd. Onze probleempjes blijven ‘luxe-probleempjes’.  Het is natuurlijk heel fijn dat we eerder dan gedacht aan de Grote en Verschrikkelijke Schilderklus moeten beginnen. Óscar en zijn mannen liggen op schema! Het Grote Huis is waarschijnlijk écht klaar, zo rond het afgesproken tijdstip van ‘eind augustus’.  Over de Grote en Verschrikkelijke Schilderklus (GVSk), straks meer. Ik zal bij het begin beginnen.

De vloertegels werden deze week gelegd. Vorige week was José al begonnen met het leggen van een ‘basislijn’ in de hele  lengte van het Grote Huis. Jaime helpt hem daarbij. Deze week vulden  zij vanaf deze basislijn elke dag een kamer met vloertegels. José werkt uiterst secuur. We zijn blij met het resultaat.

 

Vertrekken met vloertegels zien er ongeveer zó uit.

 

Er was even paniek bij Ruud en mij toen we de eerste tegels op de grond zagen liggen. De tegels te grijs? Het reeds geschilderde dak in het nieuwbouwdeelte te oranje? Kleurenstress! Inmiddels is die stress wel wat afgenomen. Het zit wel goed met die kleuren. Op de één of andere manier verandert je ‘kleurbeleving’ als je grotere oppervlakken gevuld ziet worden met de kleuren.

 

Jesus en Thomás maakten het werk aan de rioleringsbuizen af. Vervolgens legden ze de (rode) flexibele buizen waarin de verbindingslijnen voor het internet en de tv-aansluitingen zullen lopen klaar.

 

Daarna kon de boel eindelijk dicht worden gegooid. Het voelt als een feestje om gewoon weer zonder acrobatische toeren met een kruiwagen of gereedschap over de finca te kunnen lopen. Die sleuven hebben echt te lang open gelegen.

 

De graafmachine is nog niet vertrokken. In de komende week moeten er opnieuw sleuven worden gegraven, waarin de stroomdraden zullen worden gelegd. Het feestje-met-de-kruiwagen duurt voorlopig slechts een paar dagen, vrees ik. Er komt een tweede sleuvengolf.

De lang verwachte nieuwe timmerman verscheen (samen met zijn knecht) op de plaats van handeling. Ook hij heet Fernando. Maar deze Fernando verstaat zijn vak. Het scheve dakje boven het halletje werd helemaal ontmanteld. Er werd flink geschaafd aan de balken. Na twee dagen werk hebben we nu een recht dakje tussen de beide andere daken. Ook het plafond boven de keuken is voor het oog wat bijgewerkt. Eigenlijk zou ook dit dak er in zijn geheel af moeten om alles op orde te krijgen, aldus Fernando2, maar dat vonden Ruud en ik te gortig. Conclusie: de ene Fernando is de andere niet. De ‘nieuwe Fernando’ zal ook de rest van het timmerwerk van ons bouwproject gaan verzorgen. De ‘oude Fernando’ gaan we vanaf nu vergeten.

 

Thomás legde het betonvloertje voor het schuurtje dat rondom het verplichte drinkwaterresevoir van drie kuub zal worden gebouwd. Ik schreef al eerder dat zo’n reservoir verplicht is voor ‘toeristische locaties’ om te voorkomen dat gasten worden getroffen door een tijdelijke uitval van de drinkwatervoorziening. Dat je maar op alles bent voorbereid… Thomás gaat later voor ons ook in de ruimte tussen het al bestaande schuurtje en het ‘drinkwaterschuurtje’ een verbindingschuurtje maken. Dan hebben we opeens zomaar drie schuurtjes en is ons opslagprobleem opgelost. Zoiets gaat zonder vergunning en stap voor stap. Eerst een los vloertje. Dan een klein muurtje. Dan een dak. En opeens staat er dan een schuurtje. We zijn al behoorlijk aan het inburgeren 🙂

 

Tsja. En dan de GVSk, de Grote Verschrikkelijke Schilderklus. Hieronder zie je het dak van de cuarto de apero, het oude reeds bestaande gedeelte van wat nu het Grote Huis aan het worden is, in oorspronkelijke staat. November 2017. Blank hout.

 

Ruud en ik vinden blanken houten balken en planken niet mooi, want niet passen bij de meubels die mee kwamen vanuit NL. Dat betekent: schilderen. Schilderwerk op zich is geen vervelende werk, vinden wij.  Schilderwerk aan een bestaand Canarisch dak is echter wél vervelend werk. Ruud is er de hele week mee bezig geweest. Op steigers en op gestapelde stenen bovenop die steigers om met de kwast bij de hoge nok van het dak te kunnen komen. Met een verschrikkelijke oranje grondverf. Met druipers en ongeschuurde balken. Intussen was ik in de ochtenden bezig met de failliete softwareleverancier van onze grootste klant en deed ik in de middagen onderhoudswerk op de finca. Schilderen op hoogte is aan mij niet besteed. Als ik met mijn voeten niet op de vloer sta en dan wél naar boven moet kijken, over de randen van mijn bril heen richting blankhouten planken, slaat ergens in mijn bovenkamer de paniek toe en verlies ik mijn gezond verstand en vervolgens mijn evenwicht. De hele GVSk kwam dus voor rekening van Ruud. Laten we het er maar op houden dat we elkaar aanvullen tijdens de uitvoering van ons Plan…  Ruud draagt zijn lot overigens in stilte, er is geen onvertogen woord over zijn lippen gekomen over de wat scheve taakverdeling in de afgelopen week.

 

Gisteren, zondagmiddag, gingen de laatste verfstreken van de tweede, donkere laag, het hout over.

 

Het voorlopige resultaat ziet er uit op de foto’s hieronder. Ik vind het erg mooi. Ruud moet nog een beetje ‘wennen’ aan het resultaat van zijn harde werken. Hij is een perfectionist en ziet overal op het geverfde hout oneffenheden en onvolkomenheden. Ik ben meer van het grote geheel, en dat ziet er wat mij betreft prima uit.

 

Terwijl ik dit schrijf op maandagochtend, is Ruud de laatste glanzende beschermingslaag aan het opbrengen. Daarna raakt hij geen verfkwast meer aan. We gaan met Óscar in gesprek over het opnieuw schilderen van de beide ‘Fernando-daken’. Het is nodig om die daken opnieuw in de beits te zetten omdat er door het geklungel van Fernando1 en ook door de reparatiewerkzaamheden van Fernando2 kleurverschillen op de plafonds zijn ontstaan.

Nog twee weken, dan is het 1 september. Het huis moet dan af en bewoonbaar zijn, volgens Óscar. Half september zijn volgens die zelfde planning dan ook de terassen en de veranda’s klaar.

 

Of we 1 september echt gaan halen, weten we niet. Er moet nog veel gebeuren. Maar het werktempo van de mannen ligt erg hoog en er komen nu vrijwel dagelijks ‘extra mannetjes’ bij op de bouwplaats. In de loop van september gaan we het Boeddhahuis verlaten, zoveel staat nu al wel vast. We zien er naar uit om naar ons zwaluwenveld vol met vruchtbomen te vertrekken en afscheid te nemen van de grote vriendelijke stenen reus die ons dagelijks begroet als we ons huurhuis verlaten.

 

Het was leuk, maar het wordt nu echt hoog tijd voor ons dat we naar huis gaan.

Code Oranje

Terwijl de kraaien dagelijks over onze boomgaard vliegen en dan even een tussenstop maken om van de uitgestrooide kalk rond de jonge avocadoplanten op het laagste zuidterras te snoepen, vloog ook een nieuwe bouwweek razend snel voorbij.

 

Er werd hard gewerkt. De aankleding van het Grote Huis is begonnen. Gerardo zette de tegels van de keuken aan de muur…

 

Buiten legde Jesus de lange riolering-leiding, die loopt van het Grote Huis naar de centrale zuiveringsinstallatie, lager op het terrein. Veel mensen bekijken het geheel hoofdschuddend. Maar het Consejo de Aguas, zeg maar de eilanddienst die over de waterhuishouding gaat, vindt dat het op deze manier moet met de afvoer van het rioolwater en heeft dit systeem dwingend aan ons opgelegd. We zullen het ermee moeten doen en denken maar niet te vaak aan hoeveel geld we aan dit systeem moeten uitgeven. Wel is het knullig als je zoveel geld moet uitgeven en dat je dan van meerdere mensen het advies krijgt om zo snel mogelijk na het afkomen van de woonvergunning, alsnog een pozo naast het huis aan te leggen. We gaan zien wat de toekomst brengt, pozo-technisch.

De eveneens verplichte (blauwe) voorraadtank voor drie kuub drinkwater werd bezorgd. Om deze tank heen zullen we een klein stenen schuurtje gaan bouwen. De architect vond dat dit een schuurtje van natuursteen moest zijn, om ervoor te zorgen dat het gebouwtje volledig in het landschap zou opgaan. ‘Financiën’, dat zijn wij, heeft hier een streep door gehaald en aan Óscar gevraagd om een ‘gewoon’ schuurtje van bloques neer te zetten.

Ook de tijdelijke nood-pozo werd bezorgd. Deze pozo gebruiken we totdat we rond de jaarwisseling  het dure zuiveringssysteem voor het hele complexje gaan aanleggen. Noodgedwongen. Voor de aanleg van de ‘Gouden Pozo’ moeten we nog even wachten op onze hypotheek. Die hypotheek is onderweg, zoals ik eerder berichtte. Je moet geduld hebben op dit eiland. We hebben nog hele  zakken vol geduld op voorraad klaar liggen. We zijn pas drie jaar bezig met die hypotheek..

 

Even tussendoor: in de woonkamer gebeurde er vrijwel helemaal niets, deze week. Maar het uitzicht vanuit deze kamer over de oceaan is zo mooi, dat ik de foto hieronder toch even hier kwijt moest…

 

Vrijdag werd er  begonnen met het leggen van de vloertegels. Als de vloertegels worden gelegd, begint een huis een echt huis te worden. Zo voelt het ook…

 

Zelf begonnen wij donderdag aan onze Klus der Klussen: het beitsen van het blanken houten dak van de bestaande  cuarto de apero; het plafond van de toekomstige woonkamer en slaapkamer. Een teringklus. Zo’n Canarisch dak is natuurlijk prachtig om naar te kijken, maar als je zo’n dak in de beits moet zetten, krijg je er een heel ander gevoel bij. De nok van het dak is te hoog om leuk te zijn voor een hobbyschilder, zelfs als die schilder op een steiger staat. Het dak heeft veel te veel hoekjes en gaatjes, waar je met je verfkwast bijna niet bij kunt komen.

 

 

Tot overmaat van ramp ging er iets helemaal mis tussen onze beits en de al bewerkte blankhouten planken en balken van het bestaande dak. Na het drogen van de eerste laag bleken we een fel oranje, jaren zeventig plafond in de slaapkamer te hebben gekregen. Paniek! Code Oranje! Time out en diep nadenken over  wat we met de situatie aan moesten. Dan ben je drie jaar lang alles tot in de kleinste details aan het plannen en dan krijg je dit… We kwamen er niet goed uit.

 

We zagen dat de kleuren van de vloertegels prima harmoniëren met de kleuren van de meubels voor in het Grote Huis. Maar de kleuren van het dak en de vloertegels deden samen in combinatie pijn aan onze ogen. Met de kleur van het dak hadden we overduidelijk een verkeerde keuze gemaakt. Ook in het nieuwbouwgedeelte werden we toch een beetje duizelig, als we eerst naar boven, dan naar beneden en dan weer naar boven keken. Maar wat doe je er aan?

Óscar bracht op vrijdag vroeg in de avond uitkomst. Je maakt een foto van het dak, van de vloertegels en van onze twee monsters van meubelplanken. Je stuurt de foto’s naar iemand met verstand van verf en verfkleuren. En je vraagt om advies. ‘Daar moet die-en-die kleur overheen’, zo luidde een kwartier later  het advies van Andy, via de whatsapp,  vanachter de toonbank van Juno Pinturas in Los Llanos.

 

Wij dus op zaterdagochtend weer eens op en neer naar Los Llanos om de reddende bruine beits op te halen. Het is drie kwartier rijden vanuit Puntagorda naar Los Llanos. En daarna schilderen. Op hoop van zegen!

 

Maar het werkt! Op de foto hieronder zie je  het resultaat. Over de oorspronkelijke code-oranje-beits heen, hebben we één laag van de redding brengende beits aangebracht, en daarna nog een laag van brandwerende lak met een ‘brillance-effect’. Hieronder zie je  het dak van de slaapkamer dat vanmiddag rond het middaguur af kwam. Ruud en ik vinden het na veel gezweet en gevloek (druipers, oneffenheden in het hout, hoogtevrees voor Teunis), toch nog een mooi dak geworden. We zijn er blij mee.

 

En dus, vanmiddag, zondagmiddag, midden in de vakantie die eigenlijk al lang geen vakantie meer is, de eerste helft van het grote dak over de woonkamer in de oranje grondverf gezet. Het blijft een rotklus, maar het verft toch een stuk prettiger als je weet dat het eindresultaat uiteindelijk mooi wordt…

Het ‘jammere’ van het hele verhaal is dat we tot de conclusie zijn gekomen dat ook het dak van het nieuwbouwgedeelte ‘over gelakt’ moet worden met de reddende kleur. Dat vergt veel van onze psychische veerkracht. Heel veel. Maar als we het nú niet op die manier aanpakken, zullen we daar jaren lang spijt van hebben. Het moet! Voordeel is dat het gekluns van Fernando die overal is gaan bij stippen op de oorspronkelijke laklaag, aan het zicht wordt onttrokken.

 

Nu we voor het eerst echt aan het werk zijn in het toekomstige huis, ontstaat er wel iets van een soort van thuisgevoel. Voor het eerst. Koffie drinken in de woonkamer. ‘Werklunch’ met uitzicht over de enorme oceaan.

 

Problemen en tegenvallers op een locatie als deze, blijven luxe-problemen, uiteindelijk. Da’s dan wel weer een flinke meevaller 🙂 .

Vloeren

Hier waren we gebleven, aan het einde van de vorige bouwweek. In de ‘oudbouw’ van het Grote Huis waren de ramen en deuren uitgehakt uit de muur. Eindelijk werd zichtbaar hoe de toekomstige woonkamer eruit zal gaan zien. Ook werd de verbinding gemaakt tussen de oude cuarto de apero en het nieuwbouwgedeelte.

 

Inmiddels is er wederom een werkweek voorbij. De achtentwintigste bouwweek stond in het teken van het storten en smeren van de vloeren in het Grote Huis. Gerardo, Jaime en Jesus werkten er met z’n drieën aan. Dat was genoeg om alles deze week af te krijgen.

Gelukkig hebben we niet al te veel last gehad van de bananenwater- rantsoenering die van kracht is. De extra waterreserve die we in zamuro’s en oude benzinevaten hadden aangelegd voor de maandagen, de woensdagen en de vrijdagen, de dagen waarop we geen water geleverd zouden krijgen op de finca, werden nauwelijks aangesproken. Pas afgelopen vrijdag hadden we echt geen water, op de andere dagen liep alles gewoon door.

 

De vloeren van het grote huis zijn klaar nu. Het huis ziet er mét vloeren ongeveer zó uit.

 

Inmiddels zijn de tegels voor op de vloeren gearriveerd. Ook de tegels voor de badkamer, de keuken en de buitenterassen zijn geleverd. Alles staat klaar voor de volgende fase. Óscar heeft ons een gedetailleerde planning gegeven voor het werk in de komende weken. Aan het einde van de maand zou alles klaar moeten zijn, behoudens de veranda’s en een deel van het buitenterras. Half september is alles klaar, zo is nog steeds het plan.

 

In de komende week, vanaf woensdag meen ik, gaat een nieuwe timmerman het knutselwerk van Fernando beoordelen en verhelpen. Volgens Óscar moet het hele dak van de verbindingsgang er af en met nieuw hout weer worden opgebouwd. Het werk zou in twee dagen gepiept moeten zijn, behalve dan dat dit hout (door ons) geschilderd zou moeten worden. Tegelijkertijd beginnen Ruud en ik (maar vooral Ruud) maandag ook met het schilderwerk aan het dak van de oude cuarto de apero. Hier is een potentieel planningsprobleempje in de maak.

Ook de grote pozo (voor het hele complexje) wordt komende week uitgegraven op het onderste zuidterras. We maken ons een beetje zorgen over hoe dit zal gaan en hoeveel schade onze aangeplante avocadoplanten zullen oplopen. Oorspronkelijk zou de pozo op een andere plek worden uitgegraven.

We gaan zien hoe het allemaal loopt.