Gat in het Zand

We zijn een week verder na de ‘startdatum’ van de bouw van onze huisjes. De bouwers moeten nog wat op gang komen. Het tempo van de uitvoering van het werk valt ons in de eerste week niet mee.

We begonnen op maandag, een week geleden, met een Streep In Het Zand. Daarna gebeurde er drie dagen helemaal niets. José, ingehuurd door Óscar om het grondwerk uit te voeren, kwam niet opdagen.

Op vrijdag kwam Óscar poolshoogte nemen. Hij trommelde José persoonlijk  bij zijn huis op en zette met een touw uit waar het fundament voor de aanbouw van het grote huis zou moeten worden uitgegraven en hoe diep het gat zou moeten worden. Deelfase2 van Fase1; we hadden een Touw Boven Het Zand. Nu nog het graafwerk op die plek en dan maandag beginnen met het storten van de fundering.

 

José kwam met zijn bakbeest, de pala, en begon te graven. Maar moest helaas al snel na het vertrek van Óscar ook zelf weer vertrekken. Cursus! Zaterdag zou hij het graafwerk met zijn pala komen afmaken. Zaterdag: alweer cursus/of ziek/of pala kapot. (Doorhalen wat niet van toepassing is). Zo gingen we het weekend in met een half gat in het zand.

 

Op zaterdag zouden Ruud en ik de dozen uit de apero, de andere helft van het toekomstige ‘grote huis’, gaan verhuizen naar één van de kamers van het Boeddhahuis. Op vrijdagavond ontving Ruud echter het verzoek van Isla Bonita Tours om zich te laten inwerken als gids op een tweede wandeltocht, de wandeling bij het nabijgelegen Las Tricias. Overigens een prachtige wandeling, vooral in deze tijd van het jaar, als de amandelbloesems gaan bloeien. Zo’n kans laten we natuurlijk niet voorbij gaan. We kunnen best wel wat extra inkomsten gebruiken.

Op zaterdag was Teunis dus in zijn uppie aan het sjouwen. Want op maandag moest de apero leeg zijn, hadden we met Óscar afgesproken. En voor de zondag stond (eindelijk weer eens) een privé-wandeling op het programma, hadden Ruud en ik bedacht. Daarover in een andere blogpost meer.

Gelukkig hebben Ruud en ik ongemerkt in de loop van de tijd al heel wat dozen uitgepakt, omdat we de inhoud ervan nodig hadden in ons huurhuis. Het sjouwwerk richting Boeddhahuis viel daarom uiteindelijk best mee. Ik had er eigenlijk wel schik in. Ruim een jaar na ons vertrek uit Almelo, was ik vergeten hoeveel handige of mooie spullen we hebben verstopt in al die dozen. Ergens in augustus of september wordt het op grote schaal pakjesavond. Dagen lang cadeautjes uitpakken. Van ons zelf, voor ons zelf, dat dan weer wel…

 

Gisteren dan. Een nieuwe maandag, een nieuw begin. Maar ondanks dat geen José, maar wel een stilstaande pala, op de finca. Tegen de middag verschenen er drie man in dienst van Óscar. Zij hielpen Ruud met het verhuizen van onze meubels, vanuit de apero naar de container van Óscar, die al een tijd lang naast de palmboom op ons terrein staat. Ik moest werken voor Nederland. Kon daarom niet meehelpen met deze verhuizing. Vond ik helemaal niet erg. Die teakkasten van ons, die zijn me toch zwaar…

Er kwam een flinke  hoeveelheid troep en rotzooi uit de container. Aanvankelijk werd elk emmertje, elke verfkwast  en elk batterijtje individueel door de drie mannen besproken en op waarde ingeschat, alvorens werd besloten wat er mee zou moeten gebeuren. Dat was nog een heel beraad. Intussen stonden onze meubels nog buiten en was het al bijna drie uur. Om drie uur stopt de werkdag voor onze bouwvakkers. Het resterende uur zijn ze onderweg naar hun woonplaats Brena Baja, helemaal aan de andere kant van het eiland, zo’n vijf kwartier rijden. In de bouw op La Palma reis je in de tijd van de baas naar je werk. Dát had mijn vader vroeger ook wel gewild. Maar ik heb daar wel begrip voor. Kordaat optreden van Ruud (!) voorkwam dat de meubels bleven staan waar ze stonden en de mannen  naar huis zouden gaan. Soms moet je maar gewoon de leiding nemen, blijkt.

 

Even na vijven verscheen José  dan alsnog. In no-time kwam het vervolg op ons gat in de grond tot stand. We kunnen beginnen aan de fundering.

 

Het was een week om te leren voor Ruud en mij. Soms ergerden we ons groen en geel aan hoe er gepland en gewerkt wordt en hoe afspraken niet worden gehaald of nagekomen. Soms realiseerden we ons dat we er als ‘opdrachtgever’ door de omstandigheden gewoon wat te dicht bovenop zitten en dat we wat meer afstand van alles moeten nemen. Het gaat nog een flinke evenwichtskunst worden voor ons, om hier een goede middenweg in te vinden.

Augustus blijft augustus. Dan moet het grote huis klaar zijn. Anders worden we dakloos. Het voelt toch wat ongemakkelijk om hierin afhankelijk te zijn van anderen. Afhankelijk zijn moet je leren…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *