Kavel kijken

 

De afgelopen maanden zijn we maar liefst drie keer naar La Palma geweest. Een week in januari. Een week in maart. Nogeens twee weken, begin mei. Maar dat was oorspronkelijk een reeds lang geleden geplande vakantie. Kavels kijken met een makelaar in januari. Het Kavel bekijken zonder makelaar in maart en in mei. Kijken. Denken. Twijfelen. Wikken en Wegen.

 

Steeds huurden we een huisje in de directe omgeving. Even naar het kavel lopen. En nog maar een keer. We konden er geen genoeg van krijgen. Gebiologeerd en vol vraagtekens, tegelijk.

 

Twijfelen. Wikken en wegen. De vraagprijs is onbetaalbaar. De dennenbomen zijn te hoog. Is het uitzicht wel mooi genoeg? Gaat alles dood hier? Je mag hier vast niet bouwen. Te rommelig. Onhandig smalle terrassen. Wat een puinhoop, eigenlijk. Het huis van de achterburen staat te dichtbij. We mogen hier niet permanent wonen. Hoe erg is dat? Er is vast geen water. Weet je wel hoeveel een stroomaansluiting kost? Snel internet? Hier?

 

In januari zagen we het groene gras en de niet-geplukte sinaasappels. In maart roken we de sinaasappelbloesem. Al struinend langs de fruitbomen, door kreupelhout en onkruid, kregen we langzaam gevoel voor afmetingen en mogelijkheden. Zo kwamen we er achter dat het stuk grond eigenlijk een machtig mooi en geborgen plekje is. In mei begonnen we er in te geloven.

 

Over de vraagprijs hebben we het maar niet meer. De dennenbomen zijn niet te hoog en schermen mooi een wat lelijker stukje van het landschap af, dat verderop beneden ligt. Een verlaten en verwaarloosde bananenplantage met klapperende zeilen, en een grot┬á onder de Matos. Ze ruiken lekker en ze ruisen zacht in de wind, die bomen. Het uitzicht is prachtig. Ook ‘s nachts als de maan op de oceaan schijnt. Het huis van de achterburen staat leeg. Misschien kunnen we het wel huren, als we tezijnertijd hier gaan bouwen? We mogen WEL bouwen. Voor maximaal tien toeristenplaatsen. En zelfs permanente bewoning blijkt mogelijk te zijn, als we dat zouden willen. Er is WEL water, zegt de makelaar. Bananenwater. Da’s genoeg voor nu. En er is een aansluiting op het elektriciteitsnet. Internet via een hotspot 3G blijkt snel genoeg te zijn op deze plek, hebben we uitgeprobeerd. Maar vooral: op de een of andere manier voelen we ons goed hier op deze plek. We voelen ons thuis.

“This is the place”, zei Brigham Young tot de Mormonen, en zij stichtten Salt Lake City, middenin de woestijn. Zeg nou zelf. Is de woestijn hier niet prachtig?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *