En nu moeten ze groeien!

Zo begon het, een maand of drie geleden. We gingen bomen tellen. Hoeveel bomen stonden er nu eigenlijk op onze finca, en van welke soort? De precieze aantallen ben ik al weer vergeten. Al tellend veranderde voor Ruud en mij  namelijk de onderzoeksvraag. Hoeveel bomen zouden er KUNNEN staan op onze finca? Er was zoveel ongebruikte ruimte. We zagen zoveel sinaasappelbomen in slechte conditie die nauwelijks iets opbrengen. Op sommige plekken stonden de bomen op en in elkaar, elkaar verdrukkend in een hopeloos grid. We besloten dat het roer om moest. Zonde om al die ruimte niet wat meer economisch te benutten. Weg met de voorzichtigheid!  We vonden dat het tijd werd voor een Grote Ingreep in onze boomgaard.

 

Avocado’s. We besloten avocado’s te gaan planten, zoals iedereen hier doet, als men een terrein op de hoogte van onze finca bezit. Avocado’s op de drie zuidelijke terrassen van onze finca. Of in elk geval op het bovenste en het onderste terras. Wat we precies met het middelste terras gaan doen, weten we nog niet. Sinaasappelbomen zijn best mooi om te zien vanuit je huis, grote delen van het jaar. Misschien laten we ze daarom toch maar staan op dit terras.

Tijdens de Grote Bomentelling zag ons bovenste terras aan de zuidkant er zó uit.

 

Anderhalve week geleden zag het zelfde terras er uit als op de foto hieronder. Het deed ons aanvankelijk wel een heel klein beetje pijn om alles er zo bij te zien liggen, want plaatje 1 ziet er er natuurlijk veel beter uit dan plaatje 2. Maar veel van die bomen stonden er écht niet goed bij.

 

Na de rode lintjes en de komst van het Bakbeest hielden we vijf goede sinaasappelbomen en zes redelijk goede avocadobomen over. Zo maakten we ruimte voor zeventien nieuwe avocadobomen op dit terras. Vandaag was het voor hen de grote dag. BoomPlantdag! De laatste keer dat ik een boomplantdag meemaakte, zat ik in de zesde klas van de lagere school. Stompzinnige activiteit, dat bomen planten vond ik toen. Met z’n allen elkaar een beetje in de weg lopen op een modderveldje in een of andere  uithoek van het dorp, ‘omdat kinderen en bomen nu eenmaal de toekomst hebben’. Ik was ook op mijn elfde al niet zo’n groepsmens en niet zo into lege slogans. Alle parkjes waar ik destijds zo’n boomplantdag meemaakte, zijn inmiddels al weer verdwenen en volgebouwd. Bijna alle kinderen van toen zijn er gelukkig nog. De ene toekomst is de andere niet. Maar dat kon ik toen nog niet weten.

 

Dat planten van die zeventien boompjes nam uiteindelijk bijna een hele dag in beslag. Notoire slowstarters als Ruud en ik zijn, begon de boomplantdag-voor-oudere-jongeren op onze finca pas rond elf uur. Even voor zessen en vele zweetdruppeltjes en uithijgmomenten later, waren we klaar en stonden de aguacates, zoals avocado’s hier heten,  in gelid in de grond. Het planten van een boompje kostte ons gemiddeld dus 25 minuten. Dat kan vast sneller en efficiënter. Maar we deden alles met de hand en hadden ook pauzes voor de fun. We hadden het erg naar ons zin op onze finca. De zon scheen. De oceaan was prachtig blauw. Er scheerden voortdurend een paar kleine valkjes laag over de terrassen heen en weer,  op zoek naar muis en hagedis. En er moet eigenlijk ook  best veel gebeuren, voordat zo’n boompje staat.

Gelukkig had Jose voor ons de kuilen al uitgegraven met een kleine graafmachine.

 

In elke kuil gooiden we als eerste stap van het boomplantproces een handje ongebluste kalk over de grond. De ongebluste kalk schijnt de wortels van  het plantje te beschermen  tegen schimmelziekten en te zorgen voor een wat hogere PH-waarde van de grond. Avocado’s vinden dat fijn, is ons verteld.

 

Na de kalk was het mest halen op de aangevoerde mesthoop. Dennennaalden, gemengd met geitenpis. Voor elke boom een kruiwagen plus een emmer vol.

 

De emmer mest gooiden we over het laagje ongebluste kalk. Daarna  hakten we de mest fijn met een steekschop uit de tuingereedschapserfenis van mijn vader, die ik koester. Zo leuk dat al die schoppen en spaden en harken en schoffels, die herinneringen tastbaar houden, mee zijn gekomen uit Nederland en nu in een schuurtje in Puntagorda staan.

 

Laagje grond over de mest, want de wortels van jonge avocadoboompjes moeten niet meteen in aanraking komen met het dennennaaldengeitenpismengsel. Daar zijn ze nog te klein en te teer voor. De mest is voor later, als ze groter en sterker zijn en meer eten nodig hebben.

 

Na de mest en het zandbedje, nog een keer een laagje mest en een zandbedje indoen in de kuil. Daarna kijken of het plantje past en niet boven of onder het maaiveld uitsteekt.

 

Dan het Grote Moment: De avocadobaby wordt voorzichtig uit het potje gehaald, waarbij het belangrijk is dat je ervoor zorgt dat de kluit niet breekt.

 

De kluit helemaal ingraven met zand. De kuil moet helemaal dicht. Zonder graafmachine dit keer, gewoon met twee scheppen en vier handen. Valt niet mee als de zon schijnt en als je tere laptophandjes hebt. Maar ik heb maar één blaar opgelopen, dus dat valt best mee.

 

Als het plantje  vast op zijn plek staat, kieper je de kruiwagen met mest leeg. Met je handen maak je een mooie ring van de mest om de avocado heen.

 

Vervolgens gooi je het allerlaatste zand van de zandstapel naast de kuil over de mest heen. Het plantje staat nu in een ondiepe kuil. De ring van mest is straks het fundament voor de nog aan te leggen druppelslang van het irrigatiesysteem en zal geleidelijk oplossen en inklinken.

 

Maar de eerste tijd is het plantje nog te te klein voor de druppelslang. De wortels moeten zich nog gaan verspreiden over de boden. Tot dat het zover is, en dat duurt enkele maanden zegt Kakien, moeten de plantjes liefst met de hand water krijgen. Vandaag kregen ze allemaal één emmer. Voorzichtig in het kuiltje gegoten. Vanaf volgende week doen we dit met een grote tuinslang of misschien tóch met een druppelslang, maar dan één die ‘strak’ om de stam van de avocado gerold is. Dat laatste hebben we afgekeken van een paar grote avocadovelden die onlangs in de buurt zijn aangeplant en waar men echt niet alle 1.380 boompjes met de hand water gaat geven, dag in, dag uit.

 

Als laatste krijgt het plantje een beschermingskraag. Hiermee wordt voorkomen dat de stam van het plantje kapot wordt gevreten door konijnen of andere bichos met scherpe tanden.

 

Zoals altijd bij dit soort klussen, lag de algehele coördinatie vandaag weer in handen van Fenna. Fenna is een kei in het delegeren van werkzaamheden. Zij bewaakt de hoofdlijnen en zorgt dat de targets of the day gemeet worden.

 

Ons terras ziet er nu uit als hieronder. Ruud en ik zijn erg tevreden met het resultaat. En nu moeten ze groeien! Over een jaar of drie kunnen we de eerste avocado’s plukken en verkopen, zegt iedereen die het hier weten kan, hetgeen wordt bevestigd door de ‘vakliteratuur’ die we van het internet hebben geplukt. Avocado’s verkopen in de toekomst, daar is het ons uiteindelijk allemaal om te doen.

 

Kiek’nwattwordt, zeggen ze in Twente.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *